Makita DHP485RFJ handleiding

Bekijk hieronder de handleiding van de Makita DHP485RFJ. Alle handleidingen op ManualsCat.com zijn geheel gratis te bekijken. Via de knop 'Selecteer een taal' kan je kiezen in welke taal je de handleiding wilt bekijken.

  • Merk: Makita
  • Product: Boormachine
  • Model/naam: DHP485RFJ
  • Bestandstype: PDF
  • Beschikbare talen: Nederlands, Engels, Duits, Frans, Spaans, Italiaans, Portugees, Deens, Turks, Grieks

Inhoudsopgave

Pagina: 30
31 NEDERLANDS
NEDERLANDS (Originele instructies)
TECHNISCHE GEGEVENS
Model: DHP485
Boorcapaciteiten Metselwerk 13 mm
Staal 13 mm
Hout 38 mm
Bevestigingscapaciteiten Houtschroef 6 mm x 75 mm
Kolomschroef M6
Nullasttoerental Hoog (2) 0 - 1.900 min-1
Laag (1) 0 - 500 min
-1
Slagen per minuut Hoog (2) 0 - 28.500 min
-1
Laag (1) 0 - 7.500 min
-1
Totale lengte 182 mm
Nominale spanning 18 V gelijkspanning
Nettogewicht 1,5 - 1,8 kg
• In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande
technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
• De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
• Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken, waaronder de accu. De lichtste en zwaarste com-
binatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel.
Toepasselijke accu’s
BL1815N / BL1820 / BL1820B / BL1830 / BL1830B / BL1840 / BL1840B / BL1850 / BL1850B / BL1860B
• Sommige van de hierboven vermelde accu’s zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.
WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige
andere accu kan leiden tot letsel en/of brand.
Gebruiksdoeleinden
Het gereedschap is bedoeld voor slagboren in bak-
stenen, muren en metselwerk. Het is ook geschikt
voor schroeven en boren zonder slagwerking in hout,
metaal, keramisch materiaal en kunststof.
Geluidsniveau
De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten
volgens EN60745-2-1:
Geluidsdrukniveau (LpA): 82 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (LWA): 93 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
WAARSCHUWING: Draag
gehoorbescherming.
Trilling
De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals
vastgesteld volgens EN60745-2-1:
Gebruikstoepassing: slagboren in steen/cement
Trillingsemissie (ah,ID): 8,0 m/s
2
Onzekerheid (K): 1,5 m/s
2
Gebruikstoepassing: boren in metaal
Trillingsemissie (ah,D): 2,5 m/s
2
of lager
Onzekerheid (K): 1,5 m/s
2
OPMERKING: De opgegeven trillingsemissiewaarde
is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan
worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken
met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven trillingsemissiewaarde
kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf
van de blootstelling.
WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens
het gebruik van het elektrisch gereedschap in de
praktijk kan verschillen van de opgegeven trilling-
semissiewaarde afhankelijk van de manier waarop
het gereedschap wordt gebruikt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig-
heidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming
van de operator die zijn gebaseerd op een schatting
van de blootstelling onder praktijkomstandigheden
(rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscy-
clus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereed-
schap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de
ingeschakelde tijdsduur).
EG-verklaring van conformiteit
Alleen voor Europese landen
De EG-verklaring van conformiteit is bijgevoegd als
Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.
Pagina: 31
32 NEDERLANDS
VEILIGHEIDSWAAR-
SCHUWINGEN
Algemene
veiligheidswaarschuwingen voor
elektrisch gereedschap
WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-
waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en
technische gegevens behorend bij dit elektrische
gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onder-
staande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in
brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel.
Bewaar alle waarschuwingen en
instructies om in de toekomst te
kunnen raadplegen.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-
schriften duidt op gereedschappen die op stroom van
het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met
een accu (snoerloos).
Veiligheidswaarschuwingen voor
een accuklopboor/-schroefmachine
1. Draag gehoorbescherming tijdens het klopbo-
ren. Blootstelling aan het lawaai kan uw gehoor
aantasten.
2. Gebruik hulphandgreep (hulphandgrepen),
indien bij het gereedschap geleverd. Verliezen
van de macht over het gereedschap kan letsel
veroorzaken.
3. Houd elektrisch gereedschap alleen vast aan
de geïsoleerde handgrepen wanneer de kans
bestaat dat het werktuig in aanraking komt met
verborgen bedrading. Wanneer boor-/snijhulp-
middelen in aanraking komen met onder spanning
staande draden, zullen de niet-geïsoleerde meta-
len delen van het gereedschap onder spanning
komen te staan zodat de gebruiker een elektrische
schok kan krijgen.
4. Houd elektrisch gereedschap alleen vast aan
de geïsoleerde handgrepen, wanneer u werkt
op plaatsen waar het bevestigingsmateriaal
met verborgen bedrading in aanraking kan
komen. Wanneer bevestigingsmaterialen in
aanraking komen met onder spanning staande
draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen
van het gereedschap onder spanning komen te
staan zodat de gebruiker een elektrische schok
kan krijgen.
5. Zorg ook altijd dat u stevig op een solide
bodem staat. Let bij het werken op hoge
plaatsen op dat er zich niemand recht onder u
bevindt.
6. Houd het gereedschap stevig vast.
7. Houd uw handen uit de buurt van draaiende
onderdelen.
8. Laat het gereedschap niet draaiend achter.
Schakel het gereedschap alleen in wanneer u
het stevig vasthoudt.
9. Raak het bit en het werkstuk niet onmiddellijk
na gebruik aan. Zij kunnen bijzonder heet zijn
en brandwonden op uw huid veroorzaken.
10. Bepaalde materialen kunnen giftige chemica-
liën bevatten. Vermijd contact met uw huid en
zorg dat u geen stof inademt. Volg de veilig-
heidsvoorschriften van de fabrikant van het
materiaal.
11. Als het boorbit niet kan worden losgemaakt
ondanks dat de klauwen geopend zijn,
gebruikt u een tang om het eruit te trekken. In
dat geval kan met de hand eruit trekken leiden tot
letsel vanwege zijn scherpe rand.
BEWAAR DEZE
VOORSCHRIFTEN.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden
door een vals gevoel van comfort en bekendheid
met het gereedschap (na veelvuldig gebruik)
en neem alle veiligheidsvoorschriften van het
betreffende gereedschap altijd strikt in acht.
VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de
veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij-
zing kan leiden tot ernstig letsel.
Belangrijke veiligheidsinstructies
voor een accu
1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op
(1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product
waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de
accu in gebruik te nemen.
2. Neem de accu niet uit elkaar.
3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu
aanzienlijk korter is geworden, moet u het
gebruik ervan onmiddellijk stopzetten.
Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand-
wonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko-
men, spoelt u uw ogen met schoon water
en roept u onmiddellijk de hulp van een
dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid
veroorzaken.
5. Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een
geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin
andere metalen voorwerpen zoals spij-
kers, munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen.
Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van
een grote stroomafgifte, oververhitting, brand-
wonden, en zelfs defecten.
6. Bewaar het gereedschap en de accu niet op
plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot
50°C of hoger.
7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-
neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten
is. De accu kan ontploffen in het vuur.
Pagina: 32
33 NEDERLANDS
8. Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen
en hem niet blootstelt aan schokken of stoten.
9. Gebruik nooit een beschadigde accu.
10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn
onderhevig aan de vereisten in de wetgeving
omtrent gevaarlijke stoffen.
Voor commercieel transport en dergelijke door
derden en transporteurs moeten speciale vereis-
ten ten aanzien van verpakking en etikettering
worden nageleefd.
Als voorbereiding van het artikel dat wordt
getransporteerd is het noodzakelijk een expert op
het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen.
Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale
regelgeving.
Blootliggende contactpunten moeten worden
afgedekt met tape en de accu moet zodanig
worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de
verpakking.
11. Volg bij het weggooien van de accu de plaatse-
lijke voorschriften.
12. Gebruik de accu’s uitsluitend met de gereed-
schappen die door Makita zijn aanbevolen. Als
de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele
gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui-
tensporige warmteontwikkeling, een explosie of
lekkage van elektrolyt.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita
accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of
accu’s die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu
ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroor-
zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita
op het gereedschap en de lader van Makita.
Tips voor een maximale levens-
duur van de accu
1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen
is. Stop het gebruik van het gereedschap en
laad de accu op telkens wanneer u vaststelt
dat het vermogen van het gereedschap is
afgenomen.
2. Laad een volledig opgeladen accu nooit
opnieuw op. Te lang opladen verkort de
levensduur van de accu.
3. Laad de accu op bij een omgevingstempe-
ratuur tussen 10°C en 40°C. Laat een warme
accu afkoelen alvorens hem op te laden.
4. Laad de accu op als u deze gedurende een
lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat
gebruiken.
BESCHRIJVING VAN DE
FUNCTIES
LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitge-
schakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de
functies op het gereedschap af te stellen of te controleren.
De accu aanbrengen en verwijderen
LET OP: Schakel het gereedschap altijd uit
voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig
vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu.
Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kun-
nen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu
beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt.
► Fig.1: 
1. Rood deel 2. Knop 3. Accu
Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant
van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu uit het gereedschap.
Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accu uit met
de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats.
Steek de accu zo ver mogelijk in het gereedschap tot u een
klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van
de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht.
LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan
totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit
niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap
vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.
LET OP: Breng de accu niet met kracht aan.
Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan
worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.
De resterende acculading controleren
Alleen voor accu’s met indicatorlampjes
► Fig.2: 
1. Indicatorlampjes 2. Testknop
Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te
zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.
Indicatorlampjes Resterende
acculading
Brandt Uit Knippert
75% tot 100%
50% tot 75%
25% tot 50%
0% tot 25%
Laad de accu
op.
Er kan een
storing zijn
opgetreden in
de accu.
Pagina: 33
34 NEDERLANDS
OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstan-
digheden en de omgevingstemperatuur, is het moge-
lijk dat de aangegeven acculading verschilt van de
werkelijke acculading.
Gereedschap-/
accubeveiligingssysteem
Het gereedschap is voorzien van een gereedschap-/
accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt auto-
matisch de voeding naar de motor uit om de levensduur
van het gereedschap en de accu te verlengen. Het
gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stop-
pen als het gereedschap of de accu aan één van de
volgende omstandigheden wordt blootgesteld:
Overbelastingsbeveiliging
Wanneer het gereedschap/de accu wordt bediend op
een manier waarop een abnormaal hoge stroomsterkte
wordt getrokken, stopt het gereedschap automatisch.
Wanneer dat gebeurt, schakelt u het gereedschap
uit en stopt u de toepassing die ertoe leidde dat het
gereedschap oververhit raakte. Schakel vervolgens het
gereedschap in om het weer te starten.
Oververhittingsbeveiliging
Wanneer het gereedschap/de accu oververhit is, stopt
het gereedschap automatisch. Laat in deze situatie het
gereedschap/de accu afkoelen voordat u het gereed-
schap weer inschakelt.
Beveiliging tegen te ver ontladen
Als de acculading onvoldoende is, stopt het gereed-
schap automatisch. In dit het geval verwijdert u de accu
vanaf het gereedschap en laadt u de accu op.
De trekkerschakelaar gebruiken
► Fig.3: 
1. Trekkerschakelaar
LET OP: Alvorens de accu in het gereed-
schap te plaatsen, moet u altijd controleren of de
trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten
terugkeert naar de stand “OFF”.
Om het gereedschap te starten, knijpt u gewoon de
trekkerschakelaar in. Hoe harder u de trekkerschakelaar
inknijpt, hoe sneller het gereedschap draait. Laat de trek-
kerschakelaar los om het gereedschap te stoppen.
OPMERKING: Het gereedschap stopt automatisch
wanneer u de trekkerschakelaar gedurende ongeveer
6 minuten ingeknepen houdt.
De lamp op de voorkant gebruiken
► Fig.4: 
1. Lamp
LET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in
de lichtbron.
Knijp de trekkerschakelaar in om de lamp in te schake-
len. De lamp blijft branden zo lang de trekkerschakelaar
wordt ingeknepen. Ongeveer 10 seconden nadat u de
trekkerschakelaar hebt losgelaten, gaat de lamp uit.
OPMERKING: Wanneer het gereedschap oververhit
is, stopt het gereedschap automatisch en begint de
lamp te knipperen. Laat in dat geval de trekkerscha-
kelaar los. De lamp gaat na één minuut uit.
OPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van
de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig
dat u de lens van de lamp niet bekrast omdat dan de
verlichting minder wordt.
De omkeerschakelaar bedienen
► Fig.5: 
1. Omkeerschakelaar
LET OP: Controleer altijd de draairichting
alvorens het gereedschap te starten.
LET OP: Verander de stand van de omkeer-
schakelaar alleen nadat het gereedschap volledig
tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting
verandert terwijl het gereedschap nog draait, kan het
gereedschap beschadigd raken.
LET OP: Zet de omkeerschakelaar altijd in de
neutrale stand wanneer u het gereedschap niet
gebruikt.
Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het
veranderen van de draairichting. Druk de omkeerscha-
kelaar in vanaf kant A voor de draairichting rechtsom, of
vanaf kant B voor de draairichting linksom.
Wanneer de omkeerschakelaar in de neutrale
stand staat, kan de trekkerschakelaar niet worden
ingeknepen.
Snelheidskeuze
► Fig.6: 
1. Snelheidskeuzeknop
LET OP: Zet de snelheidskeuzeknop altijd
volledig in de juiste stand. Als u het gereedschap
gebruikt met de snelheidskeuzeknop halverwege
tussen de standen "1" en "2", kan het gereedschap
beschadigd worden.
LET OP: Verander de instelling van de snel-
heidskeuzeknop niet terwijl het gereedschap
draait. Dat kan het gereedschap beschadigen.
Afgebeeld
nummer
Snelheid Koppel Toepassing
1 Laag Hoog Zware
belasting
2 Hoog Laag Lichte
belasting
Om de snelheid te veranderen, schakelt u eerst het
gereedschap uit. Verschuif de snelheidskeuzeknop om
“2” af te beelden voor een hoge draaisnelheid of “1”
voor een lage draaisnelheid maar een hoog koppel.
Verzeker u ervan dat de snelheidskeuzeknop in de
juiste stand staat voordat u het gereedschap bedient.
Als de draaisnelheid van het gereedschap tijdens
gebruik sterk daalt in stand “2”, verschuift u de knop
zodat “1” wordt afgebeeld en hervat u de bediening.
Pagina: 34
35 NEDERLANDS
De werkingsfunctie kiezen
LET OP: Zorg dat de ring precies staat inge-
steld op de gewenste functiemarkering. Als u het
gereedschap gebruikt met de ring halverwege
tussen de functiemarkeringen, kan het gereed-
schap beschadigd worden.
LET OP: Wanneer u de stand verandert van
" " naar een andere functie, kan het een beetje
moeilijk zijn om de werkingsfunctiekeuzering te
draaien. Schakel in dat geval het gereedschap in
gedurende een seconde in de stand " ", stop
daarna het gereedschap en draai de ring naar de
gewenste stand.
► Fig.7: 
1. Werkingsfunctiekeuzering 2. Markering
3. Pijlteken
Dit gereedschap heeft drie werkingsfuncties.
• Boorfunctie (alleen draaien)
• Klopboorfunctie (draaien met kloppen)
• Schroevendraaierfunctie (draaien met
koppeling)
Selecteer een functie die geschikt is voor uw
werk. Draai de werkingsfunctiekeuzering en lijn de
gewenste markering uit met het pijlteken op het
gereedschapshuis.
Het aandraaikoppel instellen
► Fig.8: 
1. Werkingsfunctiekeuzering 2. Instelring
3. Koppelaanduiding 4. Pijlteken
Door de instelring te draaien, kan het draaikoppel worden
ingesteld op 21 niveaus. Lijn de koppelaanduiding uit met het
pijlteken op het gereedschapshuis. Voor het minimumaandraai-
koppel kiest u 1 en voor het maximumaandraaikoppel kiest u 21.
Alvorens met het eigenlijke werk te beginnen, draait
u eerst een testschroef in uw werkstuk of een stuk
identiek materiaal, om te bepalen welk aandraaikoppel
het meest geschikt is voor een bepaalde toepassing.
Hieronder volgt een grove richtlijn voor de relatie tussen
de schroefmaat en de koppelaanduiding.
Koppelaanduiding 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21
Kolomschroef M4 M5 M6
Houtschroef Zachthout
(bijv.
naaldhout)
– ɸ3,5 x 22 ɸ4,1 x 38 –
Hardhout
(bijv.
meranti)
– ɸ3,5 x 22 ɸ4,1 x 38 –
MONTAGE
LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is
uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd
alvorens enig werk aan het gereedschap uit te
voeren.
Het schroefbit/boorbit aanbrengen
of verwijderen
Optioneel accessoire
► Fig.9: 
1. Bus 2. Dicht 3. Open
Draai de klembus linksom los om de klauwen te ope-
nen. Plaats het schroefbit/boorbit zo ver mogelijk in de
spankop. Draai de klembus rechtsom om het bit in de
spankop vast te zetten. Om het schroefbit/boorbit te
verwijderen, draait u de klembus linksom.
De haak aanbrengen
LET OP: Als u de haak aanbrengt, bevestigt u
deze altijd stevig met de schroef. Als u dit niet doet,
kan de haak losraken en tot persoonlijk letsel leiden.
► Fig.10: 
1. Gleuf 2. Haak 3. Schroef
De haak is handig om het gereedschap tijdelijk op
te hangen. De haak kan aan iedere zijkant van het
gereedschap worden bevestigd. Om de haak te beves-
tigen, steekt u deze in een gleuf op een zijkant en zet
u hem vast met de schroef. Om de haak eraf te halen,
draait u de schroef los en haalt u de haak eraf.
De schroefbithouder aanbrengen
Optioneel accessoire
► Fig.11: 
1. Schroefbithouder 2. Schroefbit
Pas de schroefbithouder op de uitstekende nok aan
de voet van het gereedschapshuis, links of rechts naar
keuze, en zet de bithouder vast met een schroef.
Wanneer u het schroefbit niet gebruikt, kunt u het in de
schroefbithouders opbergen. Schroefbits van 45 mm
lengte kunnen hier worden bewaard.
Pagina: 35
36 NEDERLANDS
BEDIENING
LET OP: Druk de accu altijd stevig aan totdat
die op zijn plaats vastklikt. Wanneer het rode deel
aan de bovenkant van de knop nog zichtbaar is, zit de
accu er nog niet helemaal in. Schuif hem er helemaal
in totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u
dit nalaat, zou de accu uit het gereedschap kunnen
vallen en uzelf of anderen kunnen verwonden.
LET OP: Wanneer de snelheid sterk afneemt,
verlaagt u de belasting of stopt u het gereedschap
om te voorkomen dat het gereedschap wordt
beschadigd.
Houd het gereedschap stevig vast met één hand aan de
handgreep en de andere aan de onderkant van de accu
om wringkrachten goed te kunnen beheersen.
► Fig.12
KENNISGEVING: Bedek de ventilatieopeningen
niet omdat anders het gereedschap oververhit en
beschadigd kan raken.
► Fig.13: 
1. Ventilatieopening
Gebruik als schroevendraaier
LET OP: Stel de koppelinstelring in op het
juiste koppel voor uw werkstuk.
LET OP: Zorg dat het schroefbit recht in de
schroefkop steekt, anders kunnen de schroef en/
of het schroefbit beschadigd worden.
Draai eerst de werkingsfunctiekeuzering zodat het
pijlteken op het gereedschapshuis naar de marke-
ring wijst.
Plaats de punt van het schroefbit in de schroefkop en oefen
wat druk uit op het gereedschap. Start het gereedschap lang-
zaam en verhoog dan geleidelijk de snelheid. Zodra de kop-
peling aangrijpt, laat u de trekkerschakelaar onmiddellijk los.
OPMERKING: Voor het vastdraaien van houtschroe-
ven dient u een boorgat van 2/3 de diameter van de
schroef voor te boren. Dit vergemakkelijkt het vast-
draaien en voorkomt dat het werkstuk kan splijten.
Gebruik als klopboor
LET OP: Op het moment dat het boorgat
doorbreekt, het boorgat verstopt raakt met
schilfertjes of metaaldeeltjes, of de klopboor de
bewapening in het steen raakt, wordt een plotse-
linge en enorme torsiekracht uitgeoefend op het
gereedschap/boorbit.
Draai eerst de werkingsfunctiekeuzering zodat het
pijlteken op het gereedschapshuis naar de marke-
ring wijst. Bij deze toepassing kunt u de instelring
op elk gewenst koppel instellen.
Gebruik vooral een boorbit met een hardmetalen punt.
Plaats de punt van het boorbit op de plaats waar u een
gat wilt boren en knijp dan de trekkerschakelaar in.
Forceer het gereedschap niet. Een lichte druk geeft de
beste resultaten. Houd het gereedschap zorgvuldig op
zijn plaats en zorg dat het niet uit het boorgat raakt.
Oefen niet méér druk uit wanneer het boorgat verstopt
raakt met schilfertjes of boorgruis. Laat daarentegen
het gereedschap “stationair” draaien en trek het boorbit
gedeeltelijk terug uit het boorgat. Door dit enkele malen
te herhalen, kunt u het boorgat gruisvrij maken, zodat u
het normale boren kunt hervatten.
Luchtblazer
Optioneel accessoire
► Fig.14: 
1. Luchtblazer
Nadat het gat geboord is, gebruikt u het luchtblazer om
het stof uit het gat te blazen.
Gebruik als boormachine
Draai eerst de werkingsfunctiekeuzering zodat het
pijlteken naar de markering wijst. Ga daarna als
volgt te werk.
Boren in hout
Bij het boren in hout verkrijgt u de beste resultaten met
houtboortjes voorzien van een geleideschroefpunt.
Deze geleideschroefpunt vergemakkelijkt het boren,
door het boorbit het werkstuk in te trekken.
Boren in metaal
Om te voorkomen dat het boorbit bij het begin van het
boren zijdelings wegglijdt, maakt u met een hamer en
een centerpons een putje precies op de plaats waar
u wilt boren. Plaats dan de punt van het boorbit in het
putje en begin met boren.
Gebruik bij het boren in metaal een smeermiddel.
Uitzonderingen hierbij zijn ijzer en koper, die droog
geboord moeten worden.
LET OP: Het boren zal niet sneller verlopen
als u hard op het gereedschap drukt. In feite
zal dergelijk hard drukken alleen maar leiden tot
beschadiging van het boorbit, lagere prestaties van
het gereedschap en een kortere levensduur van het
gereedschap.
LET OP: Houd het gereedschap stevig vast en
let vooral goed op wanneer het boorbit door het
werkstuk heen breekt. Op het moment dat het boor-
gat doorbreekt wordt een enorme wringende kracht
uitgeoefend op het gereedschap/boorbit.
LET OP: Een vastgelopen boorbit kan een-
voudig verwijderd worden door de draairichting te
veranderen met de omkeerschakelaar, om zo het
boorbit eruit te draaien. Houd het gereedschap
daarbij wel stevig vast, want er is kans op een
plotselinge terugslag.
LET OP: Zet het werkstuk altijd vast in een
bankschroef of soortgelijke klemvoorziening.
LET OP: Als het gereedschap continu wordt
bediend totdat de accu leeg is, laat u het gereed-
schap gedurende 15 minuten liggen alvorens
verder te werken met een volle accu.
Pagina: 36
37 NEDERLANDS
ONDERHOUD
LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is
uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd
alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.
KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-
benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor
kunnen verkleuring, vervormingen en barsten
worden veroorzaakt.
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van
het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties,
onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een
erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en
altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.
OPTIONELE
ACCESSOIRES
LET OP: Deze accessoires of hulpstukken
worden aanbevolen voor gebruik met het Makita
gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is
beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of
hulpstukken bestaat het gevaar van persoonlijke let-
sel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend
voor hun bestemde doel.
Wenst u meer bijzonderheden over deze acces-
soires, neem dan contact op met het plaatselijke
Makita-servicecentrum.
• Boorbits
• Schroefbits
• Boorbit met een hardmetalen punt
• Luchtblazer
• Schroefbithouder
• Haak
• Gereedschapshaak
• Originele Makita accu’s en acculaders
OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen
zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als
standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land
verschillen.

Vragen & antwoorden

Er zijn (nog) geen vragen over de Makita DHP485RFJ.

Stel een vraag over de Makita DHP485RFJ

Heb je een vraag over de Makita DHP485RFJ en kan je het antwoord niet vinden in de gebruikershandleiding? Wellicht kunnen de bezoekers van ManualsCat.com je helpen om je vraag te beantwoorden. Door het formulier hieronder in te vullen zal je vraag verschijnen onder de handleiding van de Makita DHP485RFJ. Let erop dat je het probleem dat je hebt met de Makita DHP485RFJ zo zorgvuldig mogelijk beschrijft. Hoe duidelijker je vraag omschreven is, hoe groter de kans is dat je snel een reactie ontvangt van een andere gebruiker. Via e-mail zal je automatisch op de hoogte gesteld worden als iemand gereageerd heeft op je vraag.