Garmin Zumo 340LM handleiding

Bekijk hieronder de handleiding van de Garmin Zumo 340LM. Alle handleidingen op ManualsCat.com zijn geheel gratis te bekijken. Via de knop 'Selecteer een taal' kan je kiezen in welke taal je de handleiding wilt bekijken.

  • Merk: Garmin
  • Product: Navigator
  • Model/naam: Zumo 340LM
  • Bestandstype: PDF
  • Beschikbare talen: Nederlands

Inhoudsopgave

Pagina: 1
Alle rechten voorbehouden. Volgens copyrightwetgeving mag deze handleiding niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden gekopieerd zonder schriftelijke
toestemming van Garmin. Garmin behoudt zich het recht voor om haar producten te wijzigen of verbeteren en om wijzigingen aan te brengen in de inhoud van
deze handleiding zonder de verplichting te dragen personen of organisaties over dergelijke wijzigingen of verbeteringen te informeren. Ga naar
www.garmin.com voor de nieuwste updates en aanvullende informatie over het gebruik van dit product.
TracBack®, Garmin®, het Garmin-logo en zūmo® zijn handelsmerken van Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen, geregistreerd in de Verenigde Staten
en andere landen. BaseCamp™, HomePort™, myGarmin™, myTrends™, nüMaps Guarantee™, nüMaps Lifetime™, en trafficTrends™ zijn handelsmerken van
Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen. Deze handelsmerken mogen niet worden gebruikt zonder de uitdrukkelijke toestemming van Garmin.
Het merk en de logo's van Bluetooth® zijn eigendom van Bluetooth SIG, Inc. en voor het gebruik van deze naam door Garmin is een licentie verkregen.
microSD™ is een handelsmerk van SD-3C. Windows® en Windows NT® zijn geregistreerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten
en/of andere landen. Mac® is een handelsmerk van Apple Computer, Inc.
De HD Radio-technologie is geproduceerd onder licentie van iBiquity Digital Corporation. Amerikaanse en internationale patenten. HD Radio® en het HD-logo
zijn een handelsmerk van iBiquity Digital Corporation.
Pagina: 2
Inhoudsopgave
Aan de slag..................................................................... 1
Uw toestel op een motorfiets bevestigen................................... 1
De kabels van de steun met voeding.................................... 1
De stuurhouder installeren.................................................... 1
De voedingskabels op de motorfietshouder bevestigen....... 1
De basisplaat op de motorfietshouder bevestigen................ 2
De basisplaat op de stuurhouder bevestigen........................ 2
Uw toestel in de motorfietshouder installeren....................... 2
Uw toestel uit de motorfietshouder nemen................................ 2
Uw toestel in een auto bevestigen............................................. 2
Mijn Dashboard.......................................................................... 3
Mijn Dashboard instellen....................................................... 3
Het toestel registreren........................................................... 3
De software bijwerken........................................................... 3
nüMaps Guarantee™............................................................ 3
Kaarten bijwerken................................................................. 3
Het toestel uitschakelen............................................................. 3
Het toestel resetten............................................................... 3
De slaapstand............................................................................ 3
Slaapstand inschakelen........................................................ 3
Slaapstand uitschakelen....................................................... 3
De helderheid van het scherm aanpassen................................ 3
Het volume regelen.................................................................... 3
Statusbalkpictogrammen........................................................... 3
GPS-signalen ontvangen...................................................... 3
Transportmodi....................................................................... 4
Batterijgegevens................................................................... 4
De tijd instellen...................................................................... 4
Werken met de knoppen op het scherm.................................... 4
Werken met het schermtoetsenbord.......................................... 4
Snelkoppelingen........................................................................ 4
Een snelkoppelingspictogram toevoegen............................. 4
Een snelkoppeling verwijderen............................................. 4
Locaties zoeken............................................................. 4
Locaties......................................................................................4
Een locatie zoeken op categorie........................................... 4
Een locatie zoeken met behulp van de zoekbalk.................. 4
Het zoekgebied wijzigen....................................................... 5
Een gesloten of ontbrekende locatie rapporteren................. 5
Een nuttig punt beoordelen................................................... 5
Zoekfuncties............................................................................... 5
Een adres zoeken................................................................. 5
Een kruispunt zoeken............................................................ 5
Een plaats zoeken................................................................. 5
Een locatie zoeken met behulp van coördinaten.................. 5
Een locatie op de kaart zoeken............................................. 5
Een thuislocatie opslaan............................................................ 5
Naar huis navigeren.............................................................. 5
De gegevens van uw thuislocatie bewerken......................... 6
Zoeken naar recent gevonden bestemmingen.......................... 6
De lijst met recent gevonden locaties wissen....................... 6
Parkeerplaats zoeken................................................................ 6
Uw vorige parkeerplaats vinden............................................ 6
Een gesimuleerde locatie instellen............................................ 6
Locaties opslaan........................................................................ 6
Een locatie opslaan............................................................... 6
Uw huidige locatie opslaan................................................... 6
Een route naar een opgeslagen locatie starten.................... 6
Een opgeslagen locatie bewerken........................................ 6
Categorieën aan een opgeslagen locatie toewijzen.............. 6
Een opgeslagen locatie delen............................................... 6
Een locatie naar het toestel verzenden................................. 6
Een opgeslagen locatie verwijderen..................................... 6
Navigatie......................................................................... 7
Een route starten....................................................................... 7
De routeberekeningsmethode wijzigen................................. 7
Meerdere routes vooraf bekijken........................................... 7
Een route naar een opgeslagen locatie starten.................... 7
Uw route op de kaart.................................................................. 7
De navigatiekaart gebruiken................................................. 7
Een punt aan een route toevoegen....................................... 7
Een omweg maken............................................................... 7
De route stoppen................................................................... 7
Routesuggesties gebruiken................................................... 7
Afritten met diensten.................................................................. 7
Afrit met diensten zoeken...................................................... 7
Navigeren naar een afrit........................................................ 7
Punten vermijden op de route.................................................... 8
Aangepast vermijden................................................................. 8
Een gebied vermijden........................................................... 8
Een weg vermijden................................................................ 8
Een eigen te vermijden punt uitschakelen............................ 8
Te vermijden punten verwijderen.......................................... 8
Geavanceerde omwegen inschakelen....................................... 8
Omrijden bij aangegeven gebieden...................................... 8
Offroad navigeren...................................................................... 8
Kaartpagina's................................................................. 8
De kaart aanpassen................................................................... 8
De kaartlagen aanpassen..................................................... 8
Het reislog weergeven.......................................................... 8
Het kaartgegevensveld aanpassen....................................... 8
Kaartknoppen aanpassen..................................................... 8
Het kaartdashboard wijzigen................................................. 8
Het kaartperspectief wijzigen................................................ 8
Afslagen weergeven.................................................................. 9
Een lijst met afslagen weergeven......................................... 9
Volgende afslag weergeven.................................................. 9
Knooppunten weergeven...................................................... 9
Realtime verkeerswaarschuwingen weergeven.................... 9
Reisinformatie weergeven..................................................... 9
De huidige locatiegegevens weergeven.................................... 9
Nabije services vinden.......................................................... 9
Routebeschrijving naar uw huidige locatie............................ 9
Handsfree gesproken aanwijzingen............................. 9
Draadloze headsets................................................................... 9
Bluetooth draadloze technologie inschakelen....................... 9
Een draadloze headset koppelen.............................................. 9
Een gekoppelde headset verwijderen................................. 10
Uw headset loskoppelen..................................................... 10
Tips na het koppelen van de toestellen............................... 10
De apps gebruiken....................................................... 10
Help gebruiken......................................................................... 10
Help-onderwerpen zoeken.................................................. 10
Een reis plannen...................................................................... 10
Vertrektijd en verblijfsduur plannen..................................... 10
De transportmodus in een reis wijzigen.............................. 10
Navigeren aan de hand van een opgeslagen reis............... 10
Een opgeslagen reis bewerken........................................... 10
TracBack®............................................................................... 10
Uw recente route terugvolgen............................................. 10
Uw recente route als reis opslaan....................................... 10
Het kompas gebruiken............................................................. 10
Recente routes en bestemmingen weergeven........................ 11
Servicegeschiedenis loggen.................................................... 11
Servicecategorieën toevoegen............................................ 11
Servicecategorieën verwijderen.......................................... 11
Servicerecords verwijderen................................................. 11
Een servicerecord bewerken............................................... 11
Inhoudsopgave i
Pagina: 3
De wereldklok gebruiken.......................................................... 11
De wereldkaart weergeven................................................. 11
De wekker instellen.................................................................. 11
De calculator gebruiken........................................................... 11
Eenheden omrekenen..............................................................11
Wisselkoersen instellen....................................................... 11
Aanbiedingen........................................................................... 11
Aanbiedingen bekijken........................................................ 11
Een lijst met aanbiedingen weergeven............................... 11
Verkeersinformatie en aanbiedingen uitschakelen............. 11
De taalgids gebruiken.............................................................. 12
De taalgids aanschaffen...................................................... 12
Talen in de taalgids selecteren........................................... 12
Woorden en zinnen vertalen............................................... 12
Een tweetalig woordenboek gebruiken............................... 12
Verkeersinformatie...................................................... 12
Verkeersinformatie ontvangen................................................. 12
Verkeersinformatie-ontvanger.................................................. 12
Informatie over het verkeerspictogram................................ 12
Verkeer op uw route................................................................. 12
Verkeer op uw route weergeven......................................... 12
Handmatig verkeer op uw route vermijden......................... 13
Een alternatieve route nemen............................................. 13
Verkeersinformatie op de kaart weergeven........................ 13
Verkeer in uw omgeving.......................................................... 13
Vertragingen zoeken........................................................... 13
Een verkeersprobleem op de kaart weergeven.................. 13
Verkeersinformatie interpreteren............................................. 13
Verkeersabonnementen........................................................... 13
Abonnement activeren........................................................ 13
Verkeersinformatie uitschakelen.............................................. 13
Gegevensbeheer.......................................................... 13
Gegevensbeheer..................................................................... 13
Bestandstypen......................................................................... 13
Informatie over geheugenkaarten............................................ 13
Een geheugenkaart installeren........................................... 13
Het toestel aansluiten op uw computer.................................... 13
Gegevens van uw computer overzetten.................................. 14
De USB-kabel loskoppelen................................................. 14
Bestanden verwijderen............................................................ 14
Het toestel aanpassen................................................. 14
Kaart- en voertuiginstellingen.................................................. 14
Kaarten inschakelen............................................................ 14
Navigatie-instellingen............................................................... 14
Routevoorkeuren................................................................. 14
Scherminstellingen................................................................... 14
Bluetooth-instellingen............................................................... 14
Bluetooth uitschakelen........................................................ 15
Verkeersinstellingen................................................................. 15
Informatie over verkeersabonnementen............................. 15
trafficTrends........................................................................ 15
Instellingen voor eenheden en tijd........................................... 15
Taal- en toetsenbordinstellingen.............................................. 15
Toestel- en privacyinstellingen................................................. 15
Gevarenzonealarminstellingen................................................ 15
De instellingen herstellen......................................................... 15
Appendix.......................................................................15
Voedingskabels........................................................................ 15
Het toestel opladen............................................................. 15
Onderhoud van uw toestel....................................................... 15
De behuizing schoonmaken................................................ 15
Het aanraakscherm schoonmaken..................................... 16
Diefstalpreventie................................................................. 16
De levensduur van de batterij verlengen............................. 16
De zekering in de voertuigvoedingskabel vervangen.............. 16
Plaatsing op het dashboard..................................................... 16
Het toestel, de houder en de steun verwijderen...................... 16
Het toestel uit de houder nemen......................................... 16
De houder uit de steun verwijderen.................................... 16
De zuignapsteun van de voorruit halen............................... 16
Kaarten bijwerken.................................................................... 16
Over nüMaps Lifetime......................................................... 16
Extra kaarten kopen................................................................. 16
Flitspaalinformatie.................................................................... 16
Eigen nuttige punten................................................................ 17
POI Loader-software installeren.......................................... 17
De Help-bestanden van de POI Loader gebruiken............. 17
Extra's zoeken..................................................................... 17
Accessoires aanschaffen......................................................... 17
Problemen oplossen................................................................ 17
Index..............................................................................18
ii Inhoudsopgave
Pagina: 4
Aan de slag
WAARSCHUWING
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
1 Het toestel monteren (pagina 1).
2 Het toestel registreren (pagina 3).
3 Controleren op updates:
• Software-updates (pagina 3).
• Gratis kaartupdate (pagina 3).
Uw toestel op een motorfiets bevestigen
De kabels van de steun met voeding
WAARSCHUWING
Garmin raadt aan dat een ervaren installateur met kennis van
elektrische systemen het toestel installeert. Het onjuist
aansluiten van stroomkabels kan schade toebrengen aan het
voertuig of de accu, en kan persoonlijk letsel veroorzaken.
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
Kies een geschikte en veilige plek om het toestel op uw
motorfiets te bevestigen, uitgaande van beschikbare
stroombronnen en veilige kabelbevestiging.
À Motorfietshouder
Á Kale kabels met zekering in de kabel voor stroomaansluiting (voor
motorfietsvoeding)
De stuurhouder installeren
Bij het toestel worden onderdelen geleverd voor twee
installatiemogelijkheden aan het stuur. Voor aangepaste
houders kunnen extra onderdelen nodig zijn
(http:​/‍​/‍www​.ram​-mount​.com).
De U-bout en stuurhouder installeren
1 Plaats de U-bout À rond het stuur Á en steek de uiteinden
door de stuurhouder Â.
2 Draai de moeren aan om de houder vast te zetten.
OPMERKING: Het aanbevolen moment is 5,6 Nm (50 lbf-
inch). Gebruik geen moment van meer dan 9 Nm (80 lbf-
inch).
De stuurhouder installeren op het koppelingshandvat of het
remhandvat
1 Verwijder de twee fabrieksbouten op uw koppelingshandvat
of remhandvat À.
OPMERKING: Er worden zowel standaardbouten van 1/4
inch als M6-bouten meegeleverd. Kies bouten van dezelfde
maat als de fabrieksbouten op het koppelingshandvat of het
remhandvat.
2 Steek de nieuwe bouten Á door de stuurhouder, de
tussenstukjes  en het koppelingshandvat of het
remhandvat.
3 Draai de bouten aan om de houder vast te zetten.
De voedingskabels op de motorfietshouder
bevestigen
1 Steek de connector van de voedingskabel À door de
bovenkant van de opening in de motorfietshouder.
2 Geleid de kabel naar beneden door de onderkant van de
opening Á en trek de kabel terug tot deze strak staat.
3 Steek de zwarte schroef  in de achterkant van de houder Ã
en draai deze vast om de kabel op zijn plaats te houden.
4 Duw de beschermkap Ä door de opening aan de bovenkant
en druk deze in het gat.
Aan de slag 1
Pagina: 5
De basisplaat op de motorfietshouder bevestigen
KENNISGEVING
Door rechtstreeks, aanhoudend contact met de basisplaat of
enig ander deel van de motorfiets kan de houder na verloop van
tijd beschadigd raken. U kunt dit soort beschadigingen
voorkomen door vulringen te plaatsen tussen de houder en de
basisplaat, en te controleren dat geen deel van het toestel of de
houder de motorfiets raakt.
1 Steek de schroeven van M4 x 40 mm met bolcilinderkop À
door de ringen Á, de houder, de tussenstukjes  en de
basisplaat Ã.
2 Draai de moeren aan om de basisplaat vast te zetten.
De basisplaat op de stuurhouder bevestigen
1 Breng de bal van de stuurhouder À en de bal van de
basisplaat Á in één lijn met de arm met twee aansluitingen
Â.
2 Druk de bal in de arm met twee aansluitingen.
3 Draai de knop een beetje vast.
4 Pas de positie aan voor optimaal zicht en bediening.
5 Draai de knop aan om de steun vast te zetten.
6 Breng de bal van de basisplaat die is bevestigd aan de
houder  in één lijn met het andere uiteinde van de arm met
twee aansluitingen.
7 Herhaal de stappen 2–4.
Uw toestel in de motorfietshouder installeren
1 Plaats de onderkant van het toestel in de houder.
2 Kantel het toestel naar achteren totdat het vastklikt.
OPMERKING: Als de hendel aan de bovenkant van de
houder omhoog blijft staan nadat u het toestel hebt
geplaatst, druk de hendel dan naar beneden.
Uw toestel uit de motorfietshouder nemen
1 Druk op de knop aan de zijkant van de houder.
2 Haal het toestel uit de houder.
3 Plaats op de motorfietshouder de beschermkap over de
voedingsconnector in het midden van de kabel (pagina 1).
Uw toestel in een auto bevestigen
KENNISGEVING
Raadpleeg voordat u het toestel monteert de lokale wetgeving
omtrent montage op de voorruit.
WAARSCHUWING
Dit product bevat een lithium-ionbatterij. Ter voorkoming van
persoonlijk letsel en schade aan het product als gevolg van
blootstelling van de batterij aan extreme hitte dient u het toestel
buiten het bereik van direct zonlicht te bewaren.
Gebruik de zuignapsteun niet op een motorfiets.
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
1 Trek de beschermkap aan de achterkant van de houder
terug.
2 Steek de voedingskabel van de auto À in de mini-USB-
connector Á onder de beschermkap.
3 Verwijder de doorzichtige plastic laag van de zuignap.
4 Maak de voorruit en de zuignap schoon en droog met een
pluisvrije doek.
2 Aan de slag
Pagina: 6
5 Druk de zuignap  tegen de voorruit en duw de hendel Ã
naar achteren, naar de voorruit toe.
6 Klik de houder Ä vast op de zuignapsteun.
7 Plaats de onderkant van het toestel in de houder.
8 Kantel het toestel naar achteren totdat het vastklikt.
Druk op het logo aan de bovenkant van het toestel terwijl u
tegelijkertijd het lipje aan de bovenkant van de houder
vasthoudt.
9 Sluit het andere uiteinde van de voedingskabel van de auto
aan op de stroomvoorziening.
Mijn Dashboard
Gebruik Mijn Dashboard voor het registreren van uw toestel, het
controleren op software- en kaartupdates, toegang tot
producthandleidingen en ondersteuning, enzovoort.
Mijn Dashboard instellen
1 Sluit de USB-kabel aan op de USB-poort aan de achterzijde
van het toestel.
2 Sluit de USB-kabel aan op de USB-poort op de computer.
3 Ga naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍dashboard.
4 Volg de instructies op het scherm.
Het toestel registreren
1 Open Mijn Dashboard (pagina 3).
2 Klik op Nu registreren.
3 Volg de instructies op het scherm.
De software bijwerken
1 Open Mijn Dashboard (pagina 3).
2 Klik onder Software-updates op Nu bijwerken.
3 Volg de instructies op het scherm.
nüMaps Guarantee™
Als u binnen 90 dagen na het zoeken van satellieten en het
maken van een rit uw toestel registreert op
http:​/‍​/‍my​.garmin​.com ontvangt u één gratis kaartupdate (indien
beschikbaar). U komt niet in aanmerking voor de gratis
kaartupdate als u per telefoon registreert of langer dan 90
dagen wacht nadat u satellieten hebt gezocht en voor het eerst
met het toestel een rit hebt gemaakt. Ga voor meer informatie
naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍numaps.
Kaarten bijwerken
1 Open Mijn Dashboard (pagina 3).
2 Registreer het toestel (pagina 3).
3 Selecteer een optie:
• Klik onder Kaartupdates op Nu bijwerken.
• Als er geen gratis kaartupdate meer beschikbaar is, klik
dan op Nu aanschaffen.
4 Volg de instructies op het scherm.
Levenslange abonnementen
Sommige modellen bevatten levenslange abonnementen voor
bepaalde functies.
LT: Dit model bevat een verkeersinformatie-ontvanger en een
levenslang abonnement op verkeersinformatie (alleen
automodus).
LM: Dit model bevat een nüMaps Lifetime™-abonnement
(pagina 16).
LMT: Dit model bevat een verkeersinformatie-ontvanger, een
nüMaps Lifetime-abonnement en een levenslang
abonnement op verkeersinformatie (alleen automodus).
Het toestel uitschakelen
1 Houd de aan-uitknop À ingedrukt.
OPMERKING: Als u de aan-uitknop minder dan vijf
seconden ingedrukt houdt, gaat het toestel over op de
slaapstand (pagina 3).
2 Selecteer Uit.
Het toestel resetten
U kunt het toestel opnieuw instellen als het niet meer reageert.
Houd de aan-uitknop 10 seconden ingedrukt.
De slaapstand
Gebruik de slaapstand om te voorkomen dat de batterij
leegraakt terwijl het toestel niet wordt gebruikt. De slaapstand
verbruikt zeer weinig stroom. Als de batterij is opgeladen, kunt u
het toestel weken achtereen in de slaapstand laten staan.
Slaapstand inschakelen
Druk op de aan-uitknop.
Slaapstand uitschakelen
Druk wanneer het toestel zich in de slaapstand bevindt op de
aan-uitknop.
De helderheid van het scherm aanpassen
1 Selecteer Instellingen > Scherm > Helderheid.
2 Gebruik de schuifbalk om de helderheid aan te passen.
Het volume regelen
1 Selecteer Volume.
2 Selecteer een optie:
• Gebruik de schuifbalk om het volume aan te passen.
• Selecteer om het geluid te dempen.
Statusbalkpictogrammen
De statusbalk bevindt zich boven aan het hoofdmenu. De
pictogrammen op de statusbalk bevatten informatie over de
functies van het toestel. Sommige pictogrammen kunt u
selecteren om de instellingen aan te passen en de bijbehorende
informatie weer te geven.
GPS-signaalstatus.
De Bluetooth®-status (wordt weergegeven als Bluetooth is
ingeschakeld).
Transportmodusindicator.
Huidige tijd.
Batterijstatus.
GPS-signalen ontvangen
Als u wilt navigeren met het toestel, moet u satellieten zoeken.
op de statusbalk geeft de sterkte van het satellietsignaal
aan (zie pagina 3). Het zoeken naar satellieten kan enkele
minuten duren.
1 Schakel het toestel in.
Aan de slag 3
Pagina: 7
2 Ga naar buiten, naar een open gebied, uit de buurt van hoge
gebouwen en bomen.
3 Houd indien nodig ingedrukt om gedetailleerde
gegevens over de GPS-satellietsignalen weer te geven.
GPS-signaalstatus weergeven
Houd drie seconden ingedrukt.
Transportmodi
Motorfiets
Auto
Offroad (zie pagina 8)
De berekening van de route en de navigatie is afhankelijk van
de gekozen transportmodus.
Een transportmodus kiezen
Selecteer .
Batterijgegevens
Zodra het toestel op de voeding wordt aangesloten, begint het
opladen.
op de statusbalk geeft de status van de interne batterij aan.
Als u de nauwkeurigheid van de batterijmeter wilt vergroten,
dient u de batterij volledig te ontladen en vervolgens volledig op
te laden. Koppel het toestel pas los wanneer het volledig is
opgeladen.
De tijd instellen
OPMERKING: U kunt Automatisch selecteren om automatisch
de tijd in te stellen telkens wanneer u het toestel inschakelt.
1 Selecteer .
2 Blader door de cijfers om de tijd in te stellen.
Werken met de knoppen op het scherm
• Selecteer om terug te keren naar het vorige menuscherm.
• Houd ingedrukt om snel terug te gaan naar het
hoofdmenu.
• Selecteer of voor meer keuzes.
• Houd of ingedrukt om sneller te bladeren.
• Selecteer om het menu met de opties voor het huidige
scherm weer te geven.
Werken met het schermtoetsenbord
Zie "Taal- en toetsenbordinstellingen" als u de
toetsenbordindeling wilt wijzigen (pagina 15).
• Selecteer een teken op het toetsenbord om een letter of een
cijfer in te voeren.
• Selecteer een serie letters, bijvoorbeeld "A-I", om een letter
in die serie te selecteren.
• Selecteer om een spatie te typen.
• Selecteer om een zoekitem te verwijderen.
• Selecteer om een teken te wissen.
• Selecteer om de taal van het toetsenbord te wijzigen.
• Selecteer om speciale tekens zoals leestekens op te
geven.
• Selecteer om het gebruik van hoofdletters te wijzigen.
Snelkoppelingen
Een snelkoppelingspictogram toevoegen
U kunt snelkoppelingen toevoegen aan het menu Waarheen?.
Een snelkoppeling kan verwijzen naar een locatie, een
categorie of een zoekfunctie.
Het menu Waarheen? kan 36 snelkoppelingspictogrammen
bevatten.
1 Selecteer Waarheen? > Voeg kortere manier toe.
2 Selecteer een item.
Een snelkoppeling verwijderen
1 Selecteer Waarheen? > > Wis snelkoppeling(en).
2 Selecteer de snelkoppeling die u wilt verwijderen.
3 Selecteer de snelkoppeling opnieuw om te bevestigen.
Locaties zoeken
Het toestel biedt een groot aantal methoden voor het opzoeken
van locaties.
• Op categorie (pagina 4).
• Nabij een andere locatie (pagina 5).
• Door de naam te spellen (pagina 4).
• Op adres (pagina 5).
• Met behulp van recent gevonden locaties (pagina 6).
• Met behulp van coördinaten (pagina 5).
• Met behulp van de kaart (pagina 5).
• Met behulp van opgeslagen locaties (pagina 6).
Locaties
Op de gedetailleerde kaarten op uw toestel staan locaties,
bijvoorbeeld restaurants, hotels en garages. Met behulp van
categorieën kunt u naar bedrijven en attracties in de buurt
zoeken.
Een locatie zoeken op categorie
1 Selecteer Waarheen?.
2 Selecteer een categorie of selecteer Categorieën.
3 Selecteer indien nodig een subcategorie.
4 Selecteer een locatie.
Zoeken binnen een categorie
Nadat u naar een nuttig punt hebt gezocht, wordt in bepaalde
categorieën een snelzoeklijst weergegeven met de laatste drie
bestemmingen die u hebt geselecteerd.
1 Selecteer Waarheen?.
2 Selecteer een categorie of selecteer Categorieën.
3 Selecteer een categorie.
4 Selecteer indien van toepassing een bestemming in de
snelzoeklijst.
5 Selecteer indien van toepassing de juiste bestemming.
Een locatie zoeken met behulp van de zoekbalk
U kunt de zoekbalk gebruiken om locaties te zoeken door een
categorie, merk, adres of plaatsnaam in te voeren.
1 Selecteer Waarheen?.
2 Selecteer Voer zoekopdracht in op de zoekbalk.
3 Voer de zoekterm gedeeltelijk of helemaal in.
Onder de zoekbalk worden zoeksuggesties weergegeven.
4 Selecteer een optie:
• Als u een type bedrijf wilt zoeken, voer dan een categorie
in (bijvoorbeeld "bioscoop").
4 Locaties zoeken
Pagina: 8
• Als u een specifiek bedrijf wilt zoeken, voer dan de naam
van het bedrijf gedeeltelijk of helemaal in.
• Als u een adres bij u in de buurt wilt zoeken, dient u een
straatnaam en een nummer in te voeren.
• Als u een adres in een andere plaats wilt zoeken, voer
dan een straatnaam, het nummer, de plaats en de
provincie in.
• Als u een plaats wilt zoeken, dient u de plaats en de
provincie in te voeren.
• Als u op coördinaten wilt zoeken, voer dan de breedte- en
lengtecoördinaten in.
5 Selecteer een optie:
• Als u een zoeksuggestie wilt gebruiken, dient u deze te
selecteren.
• Als u wilt zoeken met de door u ingevoerde tekst,
selecteer dan .
6 Selecteer, indien nodig, een locatie.
Het zoekgebied wijzigen
1 Selecteer in het hoofdmenu Waarheen?.
2 Selecteer Zoeken nabij.
3 Selecteer een optie.
Een gesloten of ontbrekende locatie rapporteren
Wanneer de zoekresultaten zijn verouderd of een onjuiste
locatie bevatten, kunt u de fout aan Garmin® doorgeven zodat
deze locatie in het vervolg niet meer wordt gevonden.
1 Zoek naar een locatie (pagina 4).
2 Selecteer een locatie in de zoekresultaten.
3 Selecteer .
4 Selecteer > Wijzig.
5 Selecteer Als gesloten rapporteren of Als ontbrekend
rapporteren.
De informatie wordt naar Garmin verzonden als u uw toestel
met behulp van uw computer met Mijn Dashboard verbindt
(pagina 3).
Een nuttig punt beoordelen
U kunt aan een nuttig punt een sterrenwaardering toekennen.
1 Zoek naar een locatie (pagina 4).
2 Selecteer een locatie in de zoekresultaten.
3 Selecteer .
4 Selecteer de sterren om het nuttige punt te beoordelen.
De sterrenbeoordeling wordt bijgewerkt op het toestel.
Zoekfuncties
U kunt naar locaties zoeken met behulp van het
schermtoetsenbord of door het adres of de coördinaten van de
locatie in te voeren.
Een adres zoeken
OPMERKING: De volgorde van de stappen is mede afhankelijk
van de kaartgegevens die op het toestel zijn geladen.
1 Selecteer Waarheen? > Adres.
2 Voer het huisnummer in en selecteer OK.
3 Voer de straatnaam in en selecteer Volgende.
4 Selecteer indien nodig Zoeken nabij om de plaats, staat of
provincie te wijzigen.
5 Selecteer indien nodig de plaats, staat of provincie.
6 Selecteer indien nodig het adres.
Een kruispunt zoeken
1 Selecteer Waarheen? > Categorieën > Kruispunten.
2 Selecteer een staat of provincie.
OPMERKING: Selecteer indien nodig Staat of land als u het
land, de staat of de provincie wilt wijzigen.
3 Voer de eerste straatnaam in en selecteer Volgende.
4 Selecteer indien nodig de straat.
5 Voer de tweede straatnaam in en selecteer Volgende.
6 Selecteer indien nodig de straat.
7 Selecteer zo nodig het kruispunt.
Een plaats zoeken
1 Selecteer Waarheen? > Categorieën > Steden.
2 Selecteer Voer zoekopdracht in.
3 Voer de naam van een plaats in en selecteer .
4 Selecteer een stad.
Een locatie zoeken met behulp van coördinaten
Als u een locatie wilt zoeken aan de hand van coördinaten,
moet u de snelkoppeling naar de zoekfunctie voor coördinaten
toevoegen (pagina 4).
U kunt een locatie zoeken door de lengtegraad en de
breedtegraad in te voeren. Dit kan handig zijn als u geocaches
zoekt.
1 Selecteer Waarheen? > Categorieën > Coördinaten.
2 Selecteer > Formaat, kies de gewenste notatie voor de
coördinaten van het type kaart dat u gebruikt en selecteer
Sla op.
3 Selecteer de coördinaat voor de breedtegraad.
4 Voer de nieuwe coördinaat in en selecteer OK.
5 Selecteer de coördinaat voor de lengtegraad.
6 Voer de nieuwe coördinaat in en selecteer OK.
7 Selecteer Geef weer op kaart.
Een locatie op de kaart zoeken
Voordat u plaatsen kunt zoeken die zijn opgenomen in de
kaartgegevens, zoals restaurants, ziekenhuizen en tankstations,
moet u de kaartlaag voor plaatsen onderweg inschakelen (zie
pagina 8).
1 Selecteer Bekijk kaart.
2 Versleep de kaart en zoom in om het te doorzoeken gebied
weer te geven.
3 Selecteer wanneer nodig en selecteer een
categoriepictogram om een specifieke categorie plaatsen te
bekijken.
Locatiemarkeringen ( of een blauwe stip) worden op de
kaart weergegeven.
4 Selecteer een optie:
• Selecteer een locatiemarkering.
• Selecteer een punt, bijvoorbeeld een straat, kruispunt of
adres.
5 Selecteer wanneer nodig een locatiebeschrijving om
aanvullende informatie te bekijken.
Een thuislocatie opslaan
U kunt een thuislocatie instellen voor de locatie waar u het
vaakst naartoe terugkeert.
1 Selecteer Waarheen? > > Instellen als thuis.
2 Selecteer Voer mijn adres in, Deze locatie gebruiken of
Recent.
De locatie wordt opgeslagen als "Thuis" in het menu
Opgeslagen.
Naar huis navigeren
Selecteer Waarheen? > Naar huis.
Locaties zoeken 5
Pagina: 9
De gegevens van uw thuislocatie bewerken
U kunt het adres en telefoonnummer van een locatie die bij de
zoekresultaten verschijnt, wijzigen.
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen > Thuis.
2 Selecteer > > Wijzig.
3 Voer uw wijzigingen in.
4 Selecteer OK.
Zoeken naar recent gevonden
bestemmingen
De vijftig laatste gevonden locaties worden op het toestel
opgeslagen.
1 Selecteer Waarheen? > Recent.
2 Selecteer een locatie.
De lijst met recent gevonden locaties wissen
Selecteer Waarheen? > Recent > > Wis > Ja.
Parkeerplaats zoeken
1 Selecteer Waarheen? > Categorieën > Parkeerplaats.
2 Selecteer een parkeerplaats.
Uw vorige parkeerplaats vinden
Als u het toestel uit de steun verwijdert en het toestel is
ingeschakeld, wordt uw huidige locatie als parkeerplaats
opgeslagen.
Selecteer Apps > Vorige parkeerplaats.
Een gesimuleerde locatie instellen
Als u zich binnenshuis bevindt en het toestel ontvangt geen
satellietsignalen, kunt u de GPS gebruiken om een
gesimuleerde locatie in te stellen.
1 Selecteer Instellingen > Navigatie > GPS Simulator.
2 Selecteer Bekijk kaart in het hoofdmenu.
3 Tik twee keer op de kaart om een gebied te selecteren.
Het adres van de locatie wordt onder in het scherm
weergegeven.
4 Selecteer de beschrijving voor de locatie.
5 Selecteer Stel locatie in.
Locaties opslaan
Een locatie opslaan
1 Zoek naar een locatie (pagina 4).
2 Selecteer een locatie in de zoekresultaten.
3 Selecteer .
4 Selecteer > Sla op.
5 Voer, indien nodig, een naam in en selecteer OK.
Uw huidige locatie opslaan
1 Selecteer het voertuigpictogram op de kaart.
2 Selecteer Sla op.
3 Voer een naam in en selecteer OK.
4 Selecteer OK.
Een route naar een opgeslagen locatie starten
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
2 Selecteer indien nodig een categorie of selecteer Alle
opgeslagen plaatsen.
3 Selecteer een locatie.
4 Selecteer Ga!.
Een opgeslagen locatie bewerken
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
2 Selecteer indien nodig een categorie.
3 Selecteer een locatie.
4 Selecteer .
5 Selecteer > Wijzig.
6 Selecteer een optie:
• Selecteer Naam.
• Selecteer Telefoonnummer.
• Selecteer Categorieën als u categorieën aan de favoriet
wilt toewijzen.
• Selecteer Wijs foto toe als u een foto bij de favoriet wilt
opslaan (pagina 6).
• Selecteer Wijzig kaartsymbool als u het symbool
waarmee de favoriet op de kaart wordt weergegeven, wilt
wijzigen.
7 Bewerk de informatie.
8 Selecteer OK.
Categorieën aan een opgeslagen locatie toewijzen
U kunt uw eigen categorieën toevoegen om uw opgeslagen
locaties te ordenen.
OPMERKING: Categorieën worden in het menu met
opgeslagen locaties weergegeven nadat u meer dan 12 locaties
hebt opgeslagen.
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
2 Selecteer een locatie.
3 Selecteer .
4 Selecteer > Wijzig > Categorieën.
5 Voer een of meer categorienamen in, van elkaar gescheiden
met een komma.
6 Selecteer indien nodig een voorgestelde categorie.
7 Selecteer OK.
Een opgeslagen locatie delen
Als u een bedrijfslocatie opslaat die niet voorkomt in de
kaartgegevens, kunt u de locatie delen met Garmin® zodat de
locatie in toekomstige kaartupdates kan worden opgenomen en
kan worden gedeeld met de Garmin-community.
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
2 Selecteer indien nodig een categorie.
3 Selecteer een locatie.
4 Selecteer .
5 Selecteer > Plaats delen.
Een locatie naar het toestel verzenden
U kunt vanaf diverse onlinebronnen locaties naar uw toestel
verzenden, bijvoorbeeld vanaf http:​/‍​/‍connect​.garmin​.com.
1 Sluit uw toestel aan op uw computer (pagina 13).
2 Installeer zo nodig de Garmin Communicator-plugin.
OPMERKING: Ga naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​
/‍communicator voor meer informatie. Zoek op uw computer
naar een locatie op een ondersteunde website.
3 Selecteer op deze website Naar GPS verzenden.
OPMERKING: De tekst van deze koppeling of knop kan per
website verschillen.
4 Volg de instructies op het scherm.
Een opgeslagen locatie verwijderen
OPMERKING: Verwijderde locaties kunnen niet worden
teruggezet.
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
6 Locaties zoeken
Pagina: 10
2 Selecteer > Wis opgeslagen plaatsen.
3 Selecteer het vak naast de opgeslagen locaties die u wilt
wissen en selecteer Delete.
Navigatie
Een route starten
1 Zoek naar een locatie (pagina 4).
2 Selecteer een locatie.
3 Selecteer Ga!.
4 Selecteer, indien nodig, een route.
De routeberekeningsmethode wijzigen
De routeberekening is gebaseerd op de snelheidsgegevens van
een weg en de versnellingsgegevens van een voertuig voor een
bepaalde route. De berekenmodus heeft alleen invloed op
autoroutes.
Selecteer Instellingen > Navigatie > Berekenmodus.
• Selecteer Snellere tijd om routes te berekenen die
sneller worden afgelegd maar mogelijk langer in afstand
zijn.
• Selecteer Kortere afstand om routes te berekenen die
korter in afstand zijn maar mogelijk langzamer worden
afgelegd.
• Selecteer Offroad om routes van beginpunt naar
eindpunt te berekenen, zonder rekening te houden met
wegen.
Meerdere routes vooraf bekijken
1 Zoek naar een locatie (pagina 4).
2 Selecteer een locatie in de zoekresultaten.
3 Selecteer Routes.
4 Selecteer een route.
5 Selecteer Ga!.
Een route naar een opgeslagen locatie starten
1 Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
2 Selecteer indien nodig een categorie of selecteer Alle
opgeslagen plaatsen.
3 Selecteer een locatie.
4 Selecteer Ga!.
Uw route op de kaart
De route wordt aangegeven met een paarse lijn. Uw
bestemming wordt aangegeven met een geruite vlag.
Tijdens uw reis leidt het toestel u naar uw bestemming met
gesproken berichten, pijlen op de kaart en instructies boven aan
de kaart. Als u de route verlaat, berekent het toestel de route
opnieuw en krijgt u nieuwe instructies.
De navigatiekaart gebruiken
1 Selecteer Bekijk kaart in het hoofdmenu.
2 Als de zoomregelaars verborgen zijn, selecteer dan de kaart
om de zoomregelaars weer te geven.
3 Selecteer de kaart.
4 Selecteer een optie:
• Selecteer of als u wilt inzoomen of uitzoomen.
• Selecteer als u de kaart wilt draaien.
• Selecteer als u wilt schakelen tussen Noord boven en
3D-weergave.
• Selecteer als u kaartlagen wilt toevoegen of
verwijderen .
• Selecteer als u bepaalde categorieën wilt weergeven.
• Selecteer als u de kaart opnieuw wilt centreren op uw
huidige locatie.
• Selecteer als u snelkoppelingen naar kaart- en
navigatiefuncties wilt weergeven.
Een punt aan een route toevoegen
Voordat u een stopplaats kunt toevoegen, moet u een route
navigeren.
1 Selecteer op de kaart > Waarheen?.
2 Zoek de extra stopplaats.
3 Selecteer de stopplaats in de zoekresultaten.
4 Selecteer Ga!.
5 Selecteer Voeg toe aan route.
Een omweg maken
Tijdens het volgen van een route kunt u via omwegen obstakels
vermijden, zoals wegwerkzaamheden.
Selecteer > Omrijden tijdens het navigeren.
De route stoppen
Selecteer op de kaart.
Routesuggesties gebruiken
U dient ten minste één locatie op te slaan en de functie
reisgeschiedenis in te schakelen voor u deze functie kunt
gebruiken (pagina 15).
Bij gebruik van de functie myTrends™ voorspelt uw toestel uw
bestemming op basis van uw reisgeschiedenis, dag van de
week en tijd van de dag. Nadat u een aantal malen naar een
opgeslagen locatie bent gereden, wordt de locatie mogelijk
weergegeven in de navigatiebalk op de kaart, samen met de
verwachte reisduur en verkeersinformatie.
Selecteer de navigatiebalk om een routesuggestie voor de
locatie te bekijken.
Afritten met diensten
Wanneer u een route navigeert, kunt u brandstof,
levensmiddelen, logies en toiletten vinden in de buurt van
afritten die u nadert.
Deze diensten zijn per categorie vermeld op tabbladen.
Benzine
Restaurant
Logies
Toiletten
Afrit met diensten zoeken
1 Selecteer op de kaart > Afrit met diensten.
2 Gebruik de pijlen om een afrit te selecteren die u nadert.
3 Selecteer een tabblad met een dienstencategorie.
4 Selecteer een nuttig punt.
Navigeren naar een afrit
1 Selecteer op de kaart > Afrit met diensten > .
2 Selecteer Ga!.
Navigatie 7
Pagina: 11
Punten vermijden op de route
1 Selecteer Instellingen > Navigatie > Te vermijden.
2 Selecteer de wegonderdelen die u niet op uw routes wilt
tegenkomen en selecteer Sla op.
Aangepast vermijden
Met Aangepast vermijden kunt u bepaalde gebieden en delen
van een route vermijden. U kunt de functie Aangepast
vermijden naar wens in- en uitschakelen.
Een gebied vermijden
1 Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepast
vermijden.
2 Selecteer indien nodig Voeg te vermijden toe.
3 Selecteer Voeg te vermijden gebied toe.
4 Selecteer de linkerbovenhoek van het gebied dat u wilt
vermijden en selecteer Volgende.
5 Selecteer de rechterbenedenhoek van het gebied dat u wilt
vermijden en selecteer Volgende.
Het geselecteerde gebied wordt met arcering weergegeven
op de kaart.
6 Selecteer OK.
Een weg vermijden
1 Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepast
vermijden.
2 Selecteer Voeg te vermijden weg toe.
3 Selecteer het beginpunt op een weg die u wilt vermijden en
selecteer Volgende.
4 Selecteer het eindpunt op de weg en selecteer Volgende.
5 Selecteer OK.
Een eigen te vermijden punt uitschakelen
U kunt een zelf ingesteld te vermijden punt uitschakelen zonder
het te wissen.
1 Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepast
vermijden.
2 Selecteer een te vermijden punt.
3 Selecteer > Uitschakelen.
Te vermijden punten verwijderen
1 Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepast
vermijden.
2 Selecteer een optie:
• Selecteer om alle eigen te vermijden punten te
verwijderen.
• Als u een eigen te vermijden punt wilt verwijderen,
selecteer dan het te vermijden punt en selecteer
vervolgens > Wis.
Geavanceerde omwegen inschakelen
Selecteer Instellingen > Navigatie > Geavanceerde
omwegen.
Omrijden bij aangegeven gebieden
U kunt aangeven dat u wilt omrijden over de opgegeven afstand
op de route of bij bepaalde wegen. Zo vermijdt u bijvoorbeeld
wegwerkzaamheden, afgesloten wegen of slechte wegen.
1 Selecteer een bestemming en selecteer Ga! (pagina 4).
2 Selecteer op de kaart > Omrijden.
3 Selecteer Volgende 0,5 km op route, Volgende 2 km op
route, Volgende 5 km op route of Omweg op weg(en) in
route.
4 Selecteer zo nodig een weg waarvoor u een omweg zoekt.
Offroad navigeren
Als u niet de normale wegen wilt gebruiken, kunt u de Offroad-
modus gebruiken.
1 Selecteer Instellingen > Navigatie.
2 Selecteer Berekenmodus > Offroad > Sla op.
De volgende route wordt berekend als een rechte lijn naar de
locatie.
Kaartpagina's
De kaart aanpassen
De kaartlagen aanpassen
U kunt aanpassen welke informatie op de kaart wordt
weergegeven, zoals pictogrammen voor nuttige punten en
wegomstandigheden.
1 Selecteer op de kaart.
2 Selecteer Kaartlagen.
3 Selecteer welke lagen u op de kaart wilt weergeven en
selecteer Sla op.
Het reislog weergeven
Uw toestel houdt een reislog bij; een overzicht van de door u
afgelegde weg.
1 Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig > Kaartlagen.
2 Schakel het selectievakje Reislog in.
Het kaartgegevensveld aanpassen
1 Selecteer op de kaart het gegevensveld in de
linkerbenedenhoek.
2 Selecteer een type gegevens dat u wilt weergeven.
3 Selecteer Sla op.
Kaartknoppen aanpassen
Er kunnen maximaal twee pictogrammen rechts van de
hoofdkaart worden weergegeven.
1 Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig >
Kaartknoppen.
2 Selecteer een pictogram en vervolgens OK.
3 Selecteer .
4 Selecteer een ander pictogram.
Knoppen van de kaart verwijderen
U kunt alle knoppen rechts van de kaart verwijderen.
1 Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig >
Kaartknoppen.
2 Selecteer een pictogram en vervolgens OK.
3 Selecteer Sla op.
Het kaartdashboard wijzigen
Het dashboard toont reisinformatie onder aan de kaart. U kunt
verschillende dashboards selecteren om de stijl en de indeling
van de informatie te wijzigen.
1 Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig > Dashboards.
2 Gebruik de pijlen om een dashboard te selecteren.
3 Selecteer Sla op.
Het kaartperspectief wijzigen
1 Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig >
Autokaartweergave.
2 Selecteer een optie:
• Selecteer Koers boven om de kaart tweedimensionaal
weer te geven, met uw reisrichting bovenaan.
8 Kaartpagina's
Pagina: 12
• Selecteer Noord boven om de kaart tweedimensionaal
weer te geven, met het noorden bovenaan.
• Selecteer 3D om de kaart driedimensionaal weer te
geven.
Afslagen weergeven
Een lijst met afslagen weergeven
Als u een route in een auto aflegt, kunt u alle afslagen voor de
volledige route weergeven, inclusief de afstand tussen de
afslagen.
1 Selecteer tijdens het navigeren de tekstbalk aan de
bovenkant van de kaart.
2 Selecteer een afslag.
De details van de afslag worden weergegeven. Als er een
afbeelding van de afslag beschikbaar is, wordt deze
weergegeven.
De gehele route op de kaart weergeven
1 Selecteer tijdens het navigeren de navigatiebalk aan de
bovenkant van de kaart.
2 Selecteer > Kaart.
Volgende afslag weergeven
Tijdens het navigeren van een route voor auto's wordt in de
linkerbovenhoek van de kaart een schatting weergegeven van
de afstand tot de volgende afslag, inclusief de
voorsorteermogelijkheid en andere manoeuvre(s).
De schatting bestaat uit de afstand tot de afslag of manoeuvre
en, indien van toepassing, de rijbaan waarin u zich moet
bevinden.
Selecteer op de kaart om de volgende afslag op de kaart
weer te geven.
Knooppunten weergeven
Tijdens het navigeren van een route kunt u knooppunten op
snelwegen weergeven. Als u een knooppunt op een route
nadert, wordt de afbeelding van het knooppunt kort
weergegeven (indien beschikbaar).
Selecteer op de kaart om het knooppunt weer te geven
(indien beschikbaar).
Realtime verkeerswaarschuwingen weergeven
Tijdens het navigeren van een route per auto kunnen er
realtime verkeerswaarschuwingen op de navigatiebalk worden
weergegeven.
Selecteer de melding om meer informatie weer te geven.
Reisinformatie weergeven
Op de reisinformatiepagina wordt uw huidige snelheid
weergegeven en wordt nuttige informatie over uw reis gegeven.
OPMERKING: Als u onderweg regelmatig stopt, schakel het
toestel dan niet uit zodat de verstreken reistijd nauwkeurig kan
worden vastgelegd.
Selecteer > Tripcomputer op de kaart.
Reisinformatie opnieuw instellen
1 Selecteer > Tripcomputer op de kaart.
2 Selecteer > Reset veld(en).
3 Selecteer een optie:
• Selecteer terwijl u niet navigeert Alles selecteren als u
alle gegevensvelden op de eerste pagina, behalve de
snelheidsmeter, opnieuw wilt instellen.
• Selecteer Reset reisgegevens als u de informatie op de
tripcomputer opnieuw wilt instellen.
• Selecteer Reset maximumsnelheid als u de
maximumsnelheid opnieuw wilt instellen.
• Selecteer Reset Trip B als u de kilometerteller opnieuw
wilt instellen.
De huidige locatiegegevens weergeven
U kunt de pagina Waar ben ik? gebruiken om informatie over
uw huidige locatie weer te geven. Deze functie komt vooral van
pas als u uw locatie moet doorgeven aan hulpdiensten.
Selecteer op de kaart > Waar ben ik?.
Nabije services vinden
U kunt de pagina Waar ben ik? gebruiken om nabije services,
zoals ziekenhuizen of politiebureaus, te vinden.
1 Selecteer op de kaart > Waar ben ik?.
2 Selecteer een categorie.
Routebeschrijving naar uw huidige locatie
Als u aan iemand anders uw huidige locatie moet doorgeven,
kan uw toestel u een routebeschrijving geven.
Selecteer Apps > Waar ben ik? > > Routebeschrijving
naar mij.
Handsfree gesproken aanwijzingen
Draadloze headsets
Met behulp van draadloze technologie kan uw toestel
audionavigatie-aanwijzingen naar een draadloze headset
versturen. Ga voor meer informatie naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​
/‍bluetooth.
Bluetooth draadloze technologie inschakelen
1 Selecteer Instellingen > Bluetooth.
2 Selecteer Bluetooth.
Een draadloze headset koppelen
U moet het toestel koppelen met een compatibele mobiele
headset voordat u navigatie-aanwijzingen kunt ontvangen via
uw headset.
1 Plaats uw headset en uw Bluetooth toestel binnen 10 m (33
ft.) van elkaar.
2 Schakel op het toestel de draadloze technologie in.
3 Selecteer een optie:
• Selecteer Hoofdtelefoon toevoegen.
• Als u al een andere headset hebt gekoppeld, selecteert u
Instellingen > Bluetooth > Hoofdtelefoon toevoegen.
Handsfree gesproken aanwijzingen 9
Pagina: 13
4 Schakel op uw headset de draadloze Bluetooth-technologie
in.
5 Selecteer op het toestel OK.
U ziet een lijst met Bluetooth-toestellen in de buurt.
6 Selecteer uw hoofdtelefoon in de lijst en selecteer
vervolgens OK.
7 Bevestig, indien nodig, dat het toestel verbinding mag
maken.
8 Voer, indien nodig, de Bluetooth pincode van het toestel
(0000) op uw headset in.
Uw toestel verstuurt navigatie-aanwijzingen naar uw headset
terwijl u een route navigeert.
Een gekoppelde headset verwijderen
U kunt een gekoppelde headset verwijderen zodat deze niet
langer automatisch verbinding kan maken met uw toestel.
1 Selecteer Instellingen > Bluetooth > Hoofdtelefoon.
2 Selecteer .
3 Selecteer de headset en vervolgens Delete.
Uw headset loskoppelen
1 Selecteer Instellingen > Bluetooth.
2 Selecteer Hoofdtelefoon > Geen > Sla op.
3 Selecteer Ja.
De verbinding met de headset wordt verbroken, maar de
koppeling met het toestel blijft gehandhaafd.
Tips na het koppelen van de toestellen
• Nadat de toestellen eenmaal zijn gekoppeld, kunnen deze
automatisch verbinding maken wanneer u deze inschakelt.
• Wanneer uw headset is verbonden met uw toestel, kunt u
gesproken aanwijzingen ontvangen.
• Wanneer u het toestel inschakelt, probeert het toestel een
koppeling tot stand te brengen met de laatste headset
waarmee het was gekoppeld.
• Mogelijk dient u uw headset zodanig in te stellen dat deze
automatisch koppelt met het toestel wanneer het toestel
wordt ingeschakeld.
De apps gebruiken
Help gebruiken
Selecteer Apps > Help om informatie over het toestel weer
te geven.
Help-onderwerpen zoeken
Selecteer Apps > Help > .
Een reis plannen
U kunt de Reisplanner gebruiken om een reis met meerdere
bestemmingen te maken en op te slaan.
1 Selecteer Apps > Reisplanner.
2 Selecteer Nieuwe reis.
3 Selecteer Selecteer startlocatie.
4 Zoek naar een locatie (pagina 4).
5 Selecteer Selecteren.
6 Selecteer om locaties toe te voegen.
7 Selecteer Volgende.
8 Voer een naam in en selecteer OK.
Vertrektijd en verblijfsduur plannen
U kunt de Reisplanner gebruiken om een reis met meerdere
bestemmingen te maken en op te slaan.
1 Selecteer Apps > Reisplanner.
2 Selecteer een reis.
3 Selecteer een locatie.
4 Selecteer Vertrektijd (of Aankomsttijd als de locatie niet de
eerste stop van de reis is).
5 Selecteer een datum en tijd en selecteer Sla op.
6 Selecteer Duur.
7 Selecteer de tijd die u wilt doorbrengen op de locatie en
selecteer Sla op.
8 Herhaal, indien nodig, de stappen 3–7 voor iedere locatie.
De transportmodus in een reis wijzigen
U kunt de transportmodi wijzigen die worden gebruikt in een
opgeslagen reis.
1 Selecteer Apps > Reisplanner.
2 Selecteer een reis.
3 Selecteer > Transportmodus.
4 Selecteer een transportmodus.
5 Selecteer Sla op.
Navigeren aan de hand van een opgeslagen reis
1 Selecteer Apps > Reisplanner.
2 Selecteer een opgeslagen reis.
3 Selecteer Ga!.
4 Selecteer een route, als daarom wordt gevraagd (pagina 7).
Een opgeslagen reis bewerken
1 Selecteer Apps > Reisplanner.
2 Selecteer een opgeslagen reis.
3 Selecteer .
4 Selecteer een optie:
• Selecteer Wijzig naam van reis.
• Selecteer Bestemmingen bewerken om locaties toe te
voegen of te verwijderen, of om de volgorde van locaties
te wijzigen.
• Selecteer Wis reis.
• Selecteer Volgorde optimaliseren om uw
reisbestemmingen in de meest efficiënte volgorde te
plaatsen.
TracBack®
Uw recente route terugvolgen
De functie TracBack houdt uw recente verplaatsingen bij. U
kunt uw recente route terugvolgen naar de plaats waar u bent
begonnen.
1 Selecteer Apps > TracBack.
Uw recente route wordt weergegeven op de kaart.
2 Selecteer Ga!.
Uw recente route als reis opslaan
U kunt uw recente route als reis opslaan, die u later kunt
navigeren met de reisplanner (pagina 10).
1 Selecteer Apps > TracBack.
Uw recente route wordt weergegeven op de kaart.
2 Selecteer > Opslaan als reis.
3 Voer een naam in en selecteer OK.
Het kompas gebruiken
U kunt navigeren met een GPS-kompas.
Selecteer Apps > Kompas.
10 De apps gebruiken
Pagina: 14
Recente routes en bestemmingen
weergeven
Voordat u deze functie kunt gebruiken, moet u de functie voor
reisgeschiedenis inschakelen (pagina 15).
U kunt uw voorgaande routes en plaatsen waar u bent gestopt
op de kaart bekijken.
Selecteer Apps > Waar ik ben geweest.
Servicegeschiedenis loggen
U kunt de datum en kilometerstand vastleggen wanneer uw
voertuig service of onderhoud krijgt. Het toestel biedt diverse
servicecategorieën en u kunt ook eigen categorieën toevoegen
(pagina 11).
1 Selecteer Apps > Servicegeschiedenis.
2 Selecteer een servicecategorie.
3 Selecteer Voeg record toe.
4 Voer de kilometerstand in en selecteer Volgende.
5 Voer een opmerking in (optioneel).
6 Selecteer OK.
Servicecategorieën toevoegen
1 Selecteer Apps > Servicegeschiedenis.
2 Selecteer > Voeg categorie toe.
3 Voer een naam voor de categorie in en selecteer OK.
Servicecategorieën verwijderen
Als u een servicecategorie verwijdert, worden alle
servicerecords in dit categorie ook verwijderd.
1 Selecteer Apps > Servicegeschiedenis.
2 Selecteer > Wis categorieën.
3 Selecteer de te verwijderen servicecategorieën.
4 Selecteer Delete.
Namen van servicecategorieën wijzigen
1 Selecteer Apps > Servicegeschiedenis.
2 Selecteer de categorie waarvan u de naam wilt wijzigen.
3 Selecteer Categorienaam wijzigen.
4 Voer een naam in en selecteer OK.
Servicerecords verwijderen
1 Selecteer Apps > Servicegeschiedenis.
2 Selecteer een servicecategorie.
3 Selecteer > Wis records.
4 Selecteer de te verwijderen servicerecords.
5 Selecteer Delete.
Een servicerecord bewerken
U kunt de opmerking, de tellerstand en de datum van een
servicerecord wijzigen.
1 Selecteer Apps > Servicegeschiedenis.
2 Selecteer een categorie.
3 Selecteer een veld.
4 Voer de nieuwe informatie in en selecteer OK.
De wereldklok gebruiken
1 Selecteer Apps > Wereldklok.
2 Selecteer, indien nodig, een stad, voer de naam in en
selecteer OK.
De wereldkaart weergeven
Selecteer Apps > Wereldklok > .
De nachtelijke uren worden in het schaduwgebied
weergegeven.
De wekker instellen
1 Selecteer Apps > Wekker.
2 Stel een tijd in.
3 Schakel het selectievakje Alarm aan in.
De calculator gebruiken
Selecteer Apps > Calculator.
Eenheden omrekenen
1 Selecteer Apps > Eenheden.
2 Selecteer zo nodig de knop naast Omrekenen, selecteer
een eenheidcategorie en selecteer Sla op.
3 Selecteer zo nodig een maateenheidknop, selecteer een
eenheid en selecteer Sla op.
4 Selecteer het veld onder de eenheid die u wilt omrekenen.
5 Voer een getal in en selecteer OK.
Wisselkoersen instellen
Deze functie is niet in alle regio's beschikbaar.
U kunt de wisselkoers bijwerken voor het omrekenen van
eenheden.
1 Selecteer Apps > Eenheden.
2 Selecteer de knop naast Omrekenen.
3 Selecteer Valuta en vervolgens Sla op.
4 Selecteer zo nodig een valutaknop, selecteer een andere
valuta en selecteer Sla op.
5 Selecteer de knop onder aan het scherm met de
wisselkoersen.
6 Selecteer het vakje naast een valuta.
7 Voer een waarde in en selecteer OK.
8 Selecteer OK.
Aanbiedingen
Als uw toestelpakket een verkeersinformatie-ontvanger bevat,
kunt u aanbiedingen en coupons ontvangen die relevant zijn
voor de locatie waar u zich bevindt. Gesponsorde
verkeersinformatie is alleen beschikbaar in Noord-Amerika.
OPMERKING: De verkeersinformatie-ontvanger moet op een
externe voeding zijn aangesloten en u moet zich in het
dekkingsgebied bevinden om gesponsorde verkeersinformatie
te ontvangen.
Zie onze privacyverklaring op www.garmin.com/‍privacy.
Aanbiedingen bekijken
LET OP
Schrijf geen couponcodes op tijdens het rijden.
Deze functie is alleen beschikbaar wanneer u een
verkeersinformatie-ontvanger met advertenties gebruikt.
1 Selecteer een aanbieding op het scherm als u de
dichtstbijzijnde locatie wilt zoeken die verband houdt met die
aanbieding.
2 Selecteer , indien beschikbaar, voor informatie over
coupons.
3 Noteer deze code en laat de code zien als u op de locatie
bent gearriveerd.
Een lijst met aanbiedingen weergeven
Deze functie is beschikbaar wanneer u een verkeersinformatie-
ontvanger met advertenties gebruikt.
Selecteer Apps > Aanbiedingen.
Verkeersinformatie en aanbiedingen uitschakelen
1 Selecteer Verkeer > Verkeer.
De apps gebruiken 11
Pagina: 15
2 Schakel het selectievakje Verkeer uit.
Het toestel zal geen verkeersinformatie meer ontvangen
maar op routes voor auto's worden mogelijke filegebieden
nog steeds vermeden met behulp van trafficTrends™, indien
ingeschakeld. Zie pagina 15.
De taalgids gebruiken
Gebruik de taalgids om woorden en zinnen op te zoeken en te
vertalen.
Selecteer Apps > Taalgids.
De taalgids aanschaffen
Uw toestel wordt geleverd met een beperkte demonstratieversie
van de taalgids.
Als u de volledige taalgids wilt aanschaffen, ga dan naar
http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍languageguide.
Talen in de taalgids selecteren
U kunt de talen selecteren waarin u wilt vertalen als u woorden
en zinnen vertaalt.
1 Selecteer Apps > Taalgids.
2 Selecteer > Taal.
3 Selecteer Van, selecteer de taal waaruit u wilt vertalen en
selecteer Sla op.
4 Selecteer Naar, selecteer de taal waarin u wilt vertalen en
selecteer Sla op.
Woorden en zinnen vertalen
1 Selecteer Apps > Taalgids.
2 Selecteer een categorie en een of meer subcategorieën.
3 Selecteer indien nodig, voer een trefwoord in en selecteer
OK.
4 Selecteer een woord of zin.
5 Selecteer om de vertaling te beluisteren.
Een tweetalig woordenboek gebruiken
1 Selecteer Apps > Taalgids > Tweetalige woordenboeken.
2 Selecteer een woordenboek.
3 Selecteer, indien nodig, , voer een woord in en selecteer
OK.
4 Selecteer een woord.
5 Selecteer om de vertaling te beluisteren.
Verkeersinformatie
KENNISGEVING
Garmin is niet verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid van de
verkeersinformatie.
Op sommige plaatsen en in sommige landen is
verkeersinformatie mogelijk niet beschikbaar. Ga voor meer
informatie over TMC-ontvangers en dekkingsgebieden naar
http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍traffic.
Een verkeersinformatie-ontvanger wordt meegeleverd in
sommige producten, ingebouwd in de voertuigvoedingskabel of
in het toestel, en is een optioneel accessoire voor alle modellen.
• Het toestel moet verbonden zijn met de voertuigvoeding om
verkeersinformatie te kunnen ontvangen.
• Om verkeersinformatie te ontvangen, dienen de aangesloten
verkeersinformatie-ontvanger en het toestel zich in het
gegevensbereik van een station te bevinden dat
verkeersinformatie uitzendt.
• U hoeft het abonnement dat bij uw verkeersinformatie-
ontvanger werd geleverd, niet te activeren.
• Het verkeerspictogram ( ) verandert van kleur om de ernst
van verkeersproblemen op uw route of op de weg waar u
reist aan te geven.
Verkeersinformatie ontvangen
KENNISGEVING
Door verwarmde (gemetalliseerde) ruiten kunnen de prestaties
van de verkeersinformatie-ontvanger afnemen.
Voordat u verkeersinformatie kunt ontvangen, moet u een
compatibele Garmin-verkeersinformatie-ontvanger als
accessoire aanschaffen. Ga naar www.garmin.com voor meer
informatie.
Wanneer de ontvanger zich binnen een dekkingsgebied voor
verkeersinformatie bevindt, geeft uw toestel verkeersinformatie
weer.
De verkeersinformatie-ontvanger en het toestel dienen zich
mogelijk binnen het gegevensbereik van een FM-station te
bevinden dat verkeersinformatie uitzendt.
1 Sluit de verkeersinformatie-ontvanger op een externe
voedingsbron aan.
2 Sluit de verkeersinformatie-ontvanger op het toestel aan.
Verkeersinformatie-ontvanger
À Mini-USB-connector
Á Externe antenneconnector
 Interne antenne
à Voedingslampje
Ä Voedingsadapter voor de auto
Informatie over het verkeerspictogram
Er verschijnt een verkeerspictogram op de kaart als er
verkeersinformatie wordt ontvangen. Het verkeerspictogram
verandert van kleur om de ernst van de verkeerssituatie aan te
geven.
Geel: Het verkeer rijdt maar er zijn opstoppingen. Er is sprake
van enige filevorming.
Grijs: Geen verkeersinformatie beschikbaar.
Groen: Het verkeer stroomt normaal door.
Rood: Het verkeer staat stil of rijdt zeer langzaam. Er zijn
ernstige opstoppingen.
Verkeer op uw route
Tijdens het berekenen van de route wordt het huidige verkeer
onderzocht en wordt de route automatisch aangepast om de
reisduur zo kort mogelijk te maken. Als er een lange file op uw
route is terwijl u aan het navigeren bent, berekent het toestel de
route automatisch opnieuw.
Het verkeerspictogram verandert van kleur om de ernst van
verkeerssituaties op uw route of op de weg waar u rijdt aan te
geven.
Het kan zijn dat het toestel een druk traject voorstelt als er geen
beter alternatief voorhanden is. De tijd van de vertraging wordt
dan meegenomen bij het berekenen van de geschatte
aankomsttijd.
Verkeer op uw route weergeven
1 Selecteer tijdens het navigeren.
12 Verkeersinformatie
Pagina: 16
2 Selecteer Files op route.
Er wordt een lijst met verkeerssituaties op uw route
weergegeven, gesorteerd op locatie op uw route.
3 Selecteer een gebeurtenis.
Handmatig verkeer op uw route vermijden
1 Selecteer op de kaart.
2 Selecteer Files op route.
3 Gebruik zo nodig de pijlen om andere vertragingen op uw
route weer te geven.
4 Selecteer > Vermijd.
Een alternatieve route nemen
1 Selecteer tijdens het navigeren.
2 Selecteer Alternatieve route.
3 Selecteer een route.
Verkeersinformatie op de kaart weergeven
Op de kaart met verkeersinformatie worden met kleurcodes de
verkeersstroom en vertragingen op wegen in de buurt
weergegeven.
1 Selecteer op de kaart.
2 Selecteer Verkeerssituaties.
Verkeer in uw omgeving
Vertragingen zoeken
1 Selecteer op de kaartpagina.
2 Selecteer Verkeerssituaties > .
3 Selecteer een item in de lijst.
4 Als er meerdere vertragingen zijn, gebruik dan de pijlen om
de overige vertragingen weer te geven.
Een verkeersprobleem op de kaart weergeven
1 Selecteer op de kaart.
2 Selecteer Verkeerssituaties.
3 Selecteer een verkeerspictogram.
Verkeersinformatie interpreteren
De legenda voor verkeerinformatie bevat een uitleg van de
pictogrammen en kleuren die worden gebruikt op de
verkeerskaart.
1 Selecteer > Verkeersinformatie op de kaart.
2 Selecteer Legenda voor verkeer.
Verkeersabonnementen
Abonnement activeren
U hoeft het abonnement dat bij uw FM-verkeersinformatie-
ontvanger werd geleverd, niet te activeren. Het abonnement
wordt automatisch geactiveerd nadat uw toestel
satellietsignalen heeft ontvangen en ook
verkeersinformatiesignalen ontvangt van de provider van de
betaalservice.
Een abonnement toevoegen
U kunt abonnementen voor verkeersinformatie in andere regio's
of landen aanschaffen.
1 Selecteer in het hoofdmenu Verkeer.
2 Selecteer Abonnementen > .
3 Noteer de toestel-id van de FM-ontvanger voor
verkeersinformatie.
4 Ga naar www.garmin.com/‍fmtraffic om een abonnement af te
sluiten en een code van 25 tekens op te halen.
De verkeersabonnementcode kan niet opnieuw worden
gebruikt. Elke keer dat u de service wilt verlengen, hebt u
een nieuwe code nodig. Indien u meerdere FM-
verkeersinformatie-ontvangers hebt, hebt u voor elke
ontvanger een nieuwe code nodig.
5 Selecteer Volgende op uw toestel.
6 Voer de code in.
7 Selecteer OK.
Verkeersinformatie uitschakelen
1 Selecteer Instellingen > Verkeer.
2 Schakel het selectievakje Verkeer uit.
Het toestel ontvangt geen live-verkeersinformatie meer, maar
zal nog steeds potentiële filegebieden vermijden met behulp
van trafficTrends, indien ingeschakeld (pagina 15).
Gegevensbeheer
Gegevensbeheer
U kunt bestanden, zoals JPEG-bestanden, op het toestel
opslaan. In het geheugenslot van het toestel kan een extra
geheugenkaart worden geplaatst.
OPMERKING: Het toestel is niet compatibel met Windows® 95,
98, ME, Windows NT®, en Mac® OS 10.3 en ouder.
Bestandstypen
Het toestel biedt ondersteuning voor de volgende
bestandstypen.
• Kaarten en GPX-waypointbestanden van myGarmin™-
kaartsoftware, inclusiefMapSource®, BaseCamp™ en
HomePort™ (pagina 17).
• GPI-bestanden met eigen nuttige punten van Garmin POI
Loader (pagina 17).
Informatie over geheugenkaarten
Geheugenkaarten zijn verkrijgbaar bij elektronicawinkels. U kunt
ook software met vooraf geladen kaarten van Garmin
aanschaffen (http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍trip​_‍planning). U kunt op
de geheugenkaarten behalve kaarten en kaartgegevens ook
afbeeldingsbestanden, geocaches, routes, waypoints en eigen
nuttige punten opslaan.
Een geheugenkaart installeren
Het toestel biedt ondersteuning voor microSD™- en
microSDHC-geheugenkaarten.
1 Plaats een geheugenkaart in de uitsparing op het toestel.
2 Druk op de kaart totdat deze vastklikt.
Het toestel aansluiten op uw computer.
U kunt het toestel met de meegeleverde USB-kabel op een
computer aansluiten.
OPMERKING: De eerste keer dat u uw toestel op uw Windows-
computer aansluit, wordt u gevraagd of u de myGarmin Agent-
software wilt installeren. Ga naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍agent
voor meer informatie.
1 Steek het smalle uiteinde van de USB-kabel in de poort op
het toestel.
2 Steek het bredere uiteinde van de USB-kabel in een
beschikbare USB-poort op uw computer.
Daarop verschijnt er een afbeelding van een toestel dat op een
computer is aangesloten op het scherm van het toestel.
Op een Windows-computer wordt uw toestel in Deze computer
getoond als een draagbaar toestel of als twee verwisselbare
stations: het toestel en de geheugenkaart.
Gegevensbeheer 13
Pagina: 17
Gegevens van uw computer overzetten
1 Verbind het toestel met uw computer (zie pagina 13).
Het toestel en de geheugenkaart worden weergegeven als
verwisselbare stations in Deze computer in Windows en als
geïnstalleerde volumes op Mac-computers.
OPMERKING: Sommige computers met meerdere
netwerkstations kunnen geen stations van uw toestel
weergeven. Zie het Help-bestand van uw besturingssysteem
voor meer informatie over het toewijzen van het station.
2 Open de bestandsbrowser op de computer.
3 Selecteer het bestand.
4 Selecteer Wijzig > Kopiëren.
5 Open het station of volume voor Garmin of de
geheugenkaart.
6 Selecteer Wijzig > Plakken.
Het bestand wordt weergegeven in de lijst met bestanden in
het toestelgeheugen of op de geheugenkaart.
De USB-kabel loskoppelen
Als uw toestel als een verwisselbaar station of volume is
aangesloten op uw computer, dient u het toestel op een veilige
manier los te koppelen om gegevensverlies te voorkomen. Als
uw toestel als een draagbaar toestel is aangesloten op uw
Windows-computer, hoeft u het niet op een veilige manier los te
koppelen.
1 Voer een actie uit:
• Selecteer op een Windows-computer het pictogram
Hardware veilig verwijderen in het systeemvak en
selecteer het toestel.
• Op Mac-computers: sleep het volumepictogram naar de
Prullenmand.
2 Koppel de kabel los van uw computer.
Bestanden verwijderen
KENNISGEVING
Als u niet weet waar een bestand voor dient, verwijder het dan
niet. Het geheugen van het toestel bevat belangrijke
systeembestanden die niet mogen worden verwijderd.
1 Open het Garmin-station of -volume.
2 Open zo nodig een map of volume.
3 Selecteer een bestand.
4 Druk op het toetsenbord op de toets Delete.
Het toestel aanpassen
Kaart- en voertuiginstellingen
Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig.
Voertuig: Hiermee kiest u een ander pictogram voor het
aangeven van uw positie op de kaart. Ga naar
http:​/‍​/‍www​.garmingarage​.com voor meer pictogrammen.
Kaartweergave - Motorfiets: Hiermee stelt u het perspectief
van de kaart in.
Kaartdetail: Hiermee stelt u het detailniveau van de kaart in.
Als er meer details worden weergegeven, wordt de kaart
mogelijk langzamer opnieuw getekend.
Kaartthema: Hiermee kunt u de kleuren van de kaartgegevens
wijzigen.
Kaartknoppen: Hiermee bepaalt u welke pictogrammen op de
kaart worden weergegeven. Er kunnen maximaal twee
pictogrammen aan de kaart worden toegevoegd.
Kaartlagen: Hiermee stelt u de gegevens in die op de
kaartpagina worden weergegeven (pagina 8).
Dashboards: Hiermee stelt u de indeling in van het
kaartdashboard.
Mijn Kaarten: Hiermee stelt u in welke geïnstalleerde kaarten
het toestel gebruikt.
Kaarten inschakelen
U kunt de kaartproducten die op het toestel zijn geïnstalleerd
inschakelen.
Als u extra kaartproducten wilt kopen, ga dan naar
http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍us​/‍maps.
1 Selecteer Instellingen > Kaart en voertuig > Mijn Kaarten.
2 Selecteer een kaart.
Navigatie-instellingen
Selecteer Instellingen > Navigatie.
Berekenmodus: Hiermee stelt u uw routevoorkeur in.
Herberekening route: Hiermee stelt u in op welke manier uw
toestel een route opnieuw berekent als u van de route
afwijkt.
Te vermijden: Hiermee stelt u in welke wegonderdelen u op
een route wilt mijden.
Aangepast vermijden: Hiermee kunt u opgeven welke
specifieke wegen en gebieden u wilt vermijden.
Geavanceerde omwegen: Hiermee stelt u de lengte van de
omweg in.
Veilige modus: Hiermee schakelt u alle functies van het
navigatiesysteem uit die veel aandacht van de gebruiker
vragen en u tijdens het rijden kunnen afleiden.
GPS Simulator: Hiermee stelt u in dat het toestel geen GPS-
signalen meer ontvangt, waarmee u de batterij spaart.
Routevoorkeuren
Selecteer Instellingen > Navigatie > Berekenmodus.
De routeberekening is gebaseerd op de snelheidsgegevens van
een weg en de versnellingsgegevens van een voertuig voor een
bepaalde route.
Snellere tijd: Hiermee berekent u routes die sneller worden
afgelegd, maar mogelijk langer zijn.
Kortere afstand: Hiermee berekent u routes die korter zijn,
maar mogelijk langzamer worden afgelegd.
Minder brandstof: Hiermee berekent u routes waarvoor minder
brandstof nodig is dan voor andere routes.
Offroad: Hiermee berekent u een rechte lijn van uw huidige
locatie naar uw bestemming.
Scherminstellingen
Selecteer Instellingen > Scherm.
Kleurmodus: Hiermee past u de helderheid van het scherm
aan. U kunt de levensduur van de batterij verlengen door de
helderheid te verlagen.
Time-out voor scherm: Hiermee kunt u opgeven hoe lang het
moet duren voordat het toestel in de slaapstand wordt gezet.
Schermafdruk: Hiermee maakt u een opname van het
toestelscherm. Schermafbeeldingen worden op het toestel in
de map Screenshot opgeslagen.
Bluetooth-instellingen
Selecteer Instellingen > Bluetooth.
Bluetooth: Hiermee schakelt u draadloze Bluetooth-technologie
in.
14 Het toestel aanpassen
Pagina: 18
Hoofdtelefoon toevoegen: Hiermee kunt u de verbindingen
tussen het toestel en draadloze headsets met draadloze
Bluetooth-technologie beheren.
Gebruiksvriendelijke naam: Hiermee kunt u een
gebruiksvriendelijke naam invoeren ter identificatie van uw
toestellen met draadloze Bluetooth-technologie.
Bluetooth uitschakelen
1 Selecteer Instellingen > Bluetooth.
2 Selecteer Bluetooth.
Verkeersinstellingen
Selecteer Instellingen > Verkeer.
Verkeer: Schakelt verkeersinformatie in.
Abonnementen: Vermeldt de huidige verkeersabonnementen.
trafficTrends: Zie pagina 15.
Informatie over verkeersabonnementen
U kunt extra abonnementen aanschaffen of een abonnement
vernieuwen wanneer het verloopt. Ga naar
http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍traffic.
Verkeersabonnementen weergeven
Selecteer Instellingen > Verkeer > Abonnementen.
trafficTrends
Als de functie trafficTrends is ingeschakeld, bewaart uw toestel
historische verkeersgegevens en gebruikt het deze gegevens
om efficiëntere routes te berekenen.
Als u met de functie trafficTrends ingeschakeld rijdt, legt uw
toestel verkeersgegevens vast die worden gebruikt om de
historische verkeersinformatie voor trafficTrends te verbeteren.
Deze informatie wordt naar Garmin verzonden als u uw toestel
met behulp van uw computer met myGarmin verbindt.
OPMERKING: Mogelijk worden er verschillende routes
berekend op basis van verkeerstrends gedurende de dag van
de week of het tijdstip van de dag.
trafficTrends uitschakelen
Als u niet wilt dat uw toestel verkeersinformatie vastlegt of deelt,
schakel trafficTrends dan uit.
Selecteer Instellingen > Verkeer > trafficTrends.
Instellingen voor eenheden en tijd
Selecteer Instellingen > Eenheden en tijd.
Huidige tijd: Hiermee stelt u de tijd van het toestel in.
Tijdweergave: Hiermee kunt u een 12-uurs, 24-uurs of UTC-
tijdweergave selecteren.
Eenheden: Hiermee stelt u de eenheid voor afstanden in.
Taal- en toetsenbordinstellingen
Selecteer Instellingen > Taal en toetsenbord
Taal voor spraak: Hiermee stelt u de taal van de gesproken
aanwijzingen in.
Taal voor tekst: Hiermee wijzigt u de taal voor alle tekst op het
scherm in de geselecteerde taal.
OPMERKING: Als u de teksttaal wijzigt, blijft de taal van de
kaartgegevens, zoals straatnamen en plaatsen, of door de
gebruiker ingevoerde gegevens, ongewijzigd.
Taal voor toetsenbord: Hiermee wijzigt u de taal van het
toetsenbord.
Toetsenbordindeling: Hiermee stelt u de toetsenbordindeling
in.
Modus-aanpasbaar toetsenbord: Hiermee wijzigt u de
toetsenbordindeling wanneer u overschakelt naar een
andere transportmodus.
Toestel- en privacyinstellingen
Selecteer Instellingen > Toestel.
Over: Hiermee geeft u het versienummer van de software, het
id-nummer van het toestel en informatie over verschillende
andere softwarefuncties weer.
EULA's: Geeft de licentieovereenkomsten voor eindgebruikers
weer die op uw keuze van toepassing zijn.
OPMERKING: U hebt deze gegevens nodig om de
systeemsoftware bij te werken of aanvullende kaartgegevens
aan te schaffen (pagina 16).
Reisgeschiedenis: Hiermee kan het toestel gegevens
vastleggen voor de functies myTrends (pagina 7), Waar ik
ben geweest (pagina 11) en Reislog (pagina 8).
Wis reisgeschiedenis
Gevarenzonealarminstellingen
Selecteer Instellingen > Gevarenzonealarm.
Audio: Hiermee kunt u het type alarm instellen dat klinkt
wanneer u een gevarenzone nadert.
Waarschuwingen: Hiermee stelt u het type gevarenzone in
waarvoor een alarm klinkt.
De instellingen herstellen
U kunt een bepaalde categorie met instellingen of alle
instellingen terugzetten naar de fabrieksinstellingen.
1 Selecteer Instellingen.
2 Selecteer indien nodig een categorie.
3 Selecteer > Herstellen.
Appendix
Voedingskabels
Uw toestel kan op vier manieren van stroom worden voorzien.
• Motorfietsvoedingskabel
• Voertuigvoedingskabel
• USB-kabel
• Netadapter (optionele accessoire)
Het toestel opladen
U kunt de batterij in het toestel op een van de volgende
manieren opladen:
• Sluit het toestel aan op de voertuigvoedingskabel.
• Sluit het toestel aan op de motorfietsvoedingskabel.
• Sluit het toestel met de USB-kabel aan op een computer.
• Sluit het toestel aan op een optionele voedingsadapter, zoals
een regionale netspanningsadapter.
Onderhoud van uw toestel
KENNISGEVING
Laat uw toestel niet vallen.
KENNISGEVING
Bewaar het toestel niet op een plaats waar het langdurig aan
extreme temperaturen kan worden blootgesteld omdat dit
onherstelbare schade kan veroorzaken.
KENNISGEVING
Gebruik nooit een hard of scherp object om het aanraakscherm
te bedienen omdat het scherm daardoor beschadigd kan raken.
De behuizing schoonmaken
Appendix 15
Pagina: 19
1 Maak de behuizing van het toestel (niet het aanraakscherm)
schoon met een doek die is bevochtigd met een mild
schoonmaakmiddel.
2 Veeg het toestel vervolgens droog.
Het aanraakscherm schoonmaken
1 Gebruik een zachte, schone, pluisvrije doek.
2 Gebruik zo nodig water, isopropylalcohol of brilglasreiniger.
3 Maak de doek vochtig met de vloeistof.
4 Veeg het scherm voorzichtig met de doek schoon.
Diefstalpreventie
• Om diefstal te voorkomen raden we u aan het toestel en de
bevestiging uit het zicht te verwijderen wanneer u deze niet
gebruikt.
• Verwijder de afdruk van de zuignapsteun op de voorruit.
• Bewaar het toestel niet in het handschoenenvak.
• Registreer uw toestel op http:​/‍​/‍my​.garmin​.com.
De levensduur van de batterij verlengen
• Stel uw toestel niet bloot aan sterke
temperatuurschommelingen.
• Zet het toestel in de slaapmodus (pagina 3).
• Verminder de helderheid van het scherm (pagina 14).
• Laat het toestel niet in direct zonlicht staan.
• Verlaag het volume (pagina 3).
• Schakel Bluetooth uit (pagina 15).
• Verkort de time-out voor het scherm (pagina 14).
De zekering in de voertuigvoedingskabel
vervangen
KENNISGEVING
Bij het vervangen van zekeringen moet u ervoor zorgen dat u
geen onderdeeltjes verliest en dat u deze op de juiste plek
terugplaatst. De voertuigvoedingskabel werkt alleen als deze op
juiste wijze is samengesteld.
Als het toestel in het voertuig is aangesloten maar niet kan
worden opgeladen, moet u misschien de zekering aan het
uiteinde van de voertuigadapter vervangen.
1 Schroef de dop À los.
U dient wellicht een munt te gebruiken om de dop te
verwijderen.
2 Verwijder de dop, het zilverkleurige pinnetje Á en de
zekering Â.
3 Installeer een snelle zekering van 2 A.
4 Zorg dat het zilverkleurige pinnetje in de dop zit.
5 Schroef de dop vast in de voertuigvoedingskabel Ã.
Plaatsing op het dashboard
KENNISGEVING
De permanente plakstrip is zeer moeilijk te verwijderen nadat
deze is geïnstalleerd.
Gebruik de montageschijf om het toestel op het dashboard te
monteren en zo aan de regelgeving in bepaalde landen te
voldoen. Zie www.garmin.com voor meer informatie.
1 Reinig en droog de plaats op het dashboard waar u de schijf
wilt plaatsen.
2 Verwijder de beschermfolie van de plaklaag aan de
achterkant van de schijf.
3 Plaats de schijf op het dashboard.
4 Verwijder de doorzichtige plastic laag van de bovenkant van
de schijf.
5 Plaats de zuignapsteun op de schijf.
6 Duw de hendel naar beneden (in de richting van de schijf).
Het toestel, de houder en de steun
verwijderen
Het toestel uit de houder nemen
1 Druk op het klepje boven aan de houder.
2 Kantel het toestel naar voren.
De houder uit de steun verwijderen
1 Draai de houder naar rechts of links.
2 Blijf duwen tot de bal in de steun loskomt van de houder.
De zuignapsteun van de voorruit halen
1 Draai de hendel op de zuignapsteun naar u toe.
2 Trek het lipje van de zuignap naar u toe.
Kaarten bijwerken
1 Open Mijn Dashboard (pagina 3).
2 Registreer het toestel (pagina 3).
3 Selecteer een optie.
• Klik onder Kaartupdates op Nu bijwerken.
• Als er geen gratis kaartupdate meer beschikbaar is, klik
dan op Nu aanschaffen.
4 Volg de instructies op het scherm.
Over nüMaps Lifetime
Bij modellen met "LM" achter het modelnummer wordt een
abonnement op nüMaps Lifetime geleverd, waarmee u
gedurende de levensduur van uw toestel elk kwartaal
kaartupdates ontvangt. Ga naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​
/‍numapslifetime voor de voorwaarden.
OPMERKING: Als uw toestel geen abonnement op nüMaps
Lifetime heeft, kunt u er een aanschaffen op
http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍numapslifetime.
Extra kaarten kopen
1 Ga hiervoor naar de productpagina op de website van
Garmin (http:​/‍​/‍www​.garmin​.com).
2 Klik op het tabblad Kaarten.
3 Volg de instructies op het scherm.
Flitspaalinformatie
KENNISGEVING
Garmin is niet verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid van of
consequenties van het gebruik van een database met eigen
nuttige punten of flitspaalinformatie.
In sommige landen is flitspaalinformatie beschikbaar. Controleer
http:​/‍​/‍my​.garmin​.com voor de beschikbaarheid van deze
informatie. In deze landen kunt u een abonnement nemen op
flitspaalinformatie. Het abonnement omvat de locatie van
honderden flitspalen. Het toestel waarschuwt u wanneer u een
flitspaal nadert en kan u waarschuwen wanneer u te hard rijdt.
De gegevens worden ten minste eenmaal per week bijgewerkt,
dus u kunt uw toestel regelmatig bijwerken met de meest
actuele gegevens.
16 Appendix
Pagina: 20
U kunt op elk gewenst moment de gegevens van een nieuwe
regio aanschaffen of een bestaand abonnement uitbreiden. De
gegevens van een regio die u koopt, hebben hun eigen
vervaldatum.
Eigen nuttige punten
Eigen nuttige punten zijn punten die u zelf hebt ingesteld op de
kaart. Dit kunnen waarschuwingen zijn dat u zich dicht bij een
aangewezen punt bevindt of bijvoorbeeld sneller gaat dan een
bepaalde snelheid.
POI Loader-software installeren
U kunt eigen lijsten met nuttige punten maken of op uw
computer downloaden en die op uw toestel installeren met
behulp van de POI Loader-software.
1 Ga naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍extras.
2 Klik op Services > POI Loader.
3 Installeer de POI Loader op uw computer.
De Help-bestanden van de POI Loader gebruiken
Raadpleeg het Help-bestand voor meer informatie over de POI
Loader.
Open de POI Loader en klik op Help.
Extra's zoeken
1 Selecteer Waarheen? > Categorieën > Eigen nuttige
punten.
2 Selecteer een categorie.
Accessoires aanschaffen
Ga naar http:​/‍​/‍buy​.garmin​.com.
Problemen oplossen
Probleem Oplossing
Mijn toestel ontvangt
geen satellietsignalen.
• Controleer of de GPS-simulator is
uitgeschakeld (pagina 14).
• Neem uw toestel mee naar een open plek,
buiten parkeergarages en uit de buurt van
hoge gebouwen en bomen.
• Blijf enkele minuten stilstaan.
De zuignap blijft niet
op de voorruit zitten.
1 Reinig de zuignap en de voorruit met
schoonmaakalcohol.
2 Droog af met een schone, droge doek.
3 Plaats de zuignap (pagina 2).
Het toestel wordt niet
opgeladen in mijn
auto.
• Controleer de zekering in de
voertuigvoedingskabel (pagina 16).
• Het voertuig moet zijn ingeschakeld om
stroom aan de stroomvoorziening te kunnen
leveren.
• Uw toestel kan alleen worden opgeladen bij
een temperatuur tussen 0° C en 45° C (32°
F en 113° F).
De batterij blijft niet erg
lang opgeladen.
Verlaag de helderheid van de
schermverlichting. Hierdoor hoeft u de batterij
minder snel op te laden (pagina 14).
Mijn batterijmeter lijkt
niet nauwkeurig te zijn.
Ontlaad de batterij van het toestel volledig en
laad de batterij vervolgens op (zonder de
laadcyclus te onderbreken).
Hoe weet ik of mijn
toestel zich in de
modus voor USB-
massaopslag bevindt?
Wanneer uw toestel zich in de modus voor
USB-massaopslag bevindt, wordt er een
afbeelding van een aangesloten toestel op
een computer op het toestelscherm
weergegeven.
Probleem Oplossing
Het toestel is
aangesloten op de
computer, maar ik kan
de modus voor
massaopslag niet
activeren.
1 Koppel de USB-kabel los van de computer.
2 Schakel het toestel uit.
3 Sluit de USB-kabel aan op een USB-poort
van uw computer en op het toestel.
Het toestel wordt automatisch ingeschakeld
en schakelt over naar de modus USB-
massaopslag.
4 Controleer of het toestel op een USB-poort
en niet op een USB-hub is aangesloten.
Ik zie geen nieuwe
verwijderbare stations
in mijn lijst met
stations.
Als er diverse netwerkstations zijn
aangesloten op de computer, kunnen er in
Windows problemen optreden bij het
toewijzen van stationsletters aan
toestelstations. Zie het Help-bestand van uw
besturingssysteem voor informatie over het
toewijzen van stationsletters.
Ik kan mijn telefoon
niet aansluiten op het
toestel.
• Selecteer in het hoofdmenu Instellingen >
Bluetooth. Het veld Bluetooth moet zijn
ingesteld op Ingeschakeld.
• Schakel uw telefoon in en breng deze
binnen 10 meter van het toestel.
• Ga naar http:​/‍​/‍www​.garmin​.com​/‍bluetooth
voor meer informatie.
Appendix 17
Pagina: 21
Index
Symbolen
3D-kaartweergave 8
A
aan-uitknop, toestel uitschakelen 3
aanbiedingen
couponcode 11
weergeven 11
aanpassen, te vermijden 8
aanwijzingen 9
abonnementen
nüMaps Lifetime 3
verkeer 3
accessoires 17
afrit met diensten, zoeken 7
alarm 11
audio, gevarenzones 15
B
batterij
maximaliseren 16
opladen 4, 15
beoordeling, nuttige punten 5
bestanden
ondersteunde typen 13
overbrengen 14
bestemmingen. 11 Zie ook locaties
Bluetooth-technologie
headset loskoppelen 10
inschakelen 9
instellingen 14
uitschakelen 15
breedtegraad en lengtegraad, coördinaten 5
C
calculator 11
camera's, veiligheid 16
computer, aansluiten 13
coördinaten 5
couponcode 11
D
dashboardsteun 16
diefstal, vermijden 16
draadloze headset 9
E
eenheden omrekenen 11
eigen nuttige punten 17
EULA's 15
extra's
eigen nuttige punten 17
flitspaalinformatie 16
F
flitspaalinformatie, database 16
fouten in nuttige punten rapporteren 5
G
geavanceerde omwegen 8
gebruikergegevens, verwijderen 14
geheugenkaart 13
geocaching 5
gesimuleerde locaties 6
gesproken aanwijzing 9
gevarenzonealarmen, instellingen 15
GPS 3, 4
H
headset
koppelen 9
loskoppelen 10
helderheid 3, 14
help. 10 Zie ook productondersteuning
het toestel schoonmaken 15, 16
houder, verwijderen 16
houder verwijderen 16
huidige locatie 9
I
id-nummer 15
instellingen 14, 15
instellingen herstellen 15
K
kaart
fouten rapporteren 5
gegevensveld 8
kaarten
bijwerken 3, 16
bladeren 5
detailniveau 14
kopen 16
nüMaps Guarantee 3
nüMaps Lifetime 3, 16
routes weergeven 9
thema 14
verkeerssituaties 13
kaartperspectief 8
kaartweergave
2-D 8
3-D 8
kabels
motorfietshouder 1
voeding 15
klok 11
Knooppuntbeeld 9
kompas 10
koppelen
gekoppelde headset verwijderen 10
headset 9
L
lijst met afslagen 9
locaties
gesimuleerd 6
huidige 6, 9
opslaan 6
recent gevonden 6
thuis instellen 5
zoeken naar 5
locaties zoeken. Zie ook locaties
adressen 5
categorieën 4
coördinaten 5
kaart gebruiken 5
kruispunten 5
steden 5
zoeken op de kaart 5
M
microSD-kaart, installeren 13
Mijn Dashboard, software bijwerken 3
motorfietshouder, kabels 1
myTrends, routes 7
N
naam van reizen wijzigen 10
naar huis 5
navigatie
instellingen 14
offroad 8
routes vooraf bekijken 7
nüMaps Guarantee 3
nüMaps Lifetime 3, 16
nuttige punt
beoordeling 5
eigen 17
extra's 17
POI Loader 17
nuttige punt (POI Loader) 17
O
offroad-navigatie 8
omrekenen
eenheden 11
valuta, omrekenen 11
omwegen, geavanceerd 8
onderhoud van uw toestel 15
opgeslagen locaties
bewerken 6
categorieën 6
favorieten 6, 7
verwijderen 6
opnieuw instellen
reisgegevens 9
toestel 3
opslaan, huidige locatie 6
P
parkeerplaats, vorige parkeerplaats 6
pictogrammen, verkeer 12
POI (nuttig punt). 17 Zie ook nuttig punt (POI)
POI Loader 17
R
recent gevonden locaties 6
reisgegevens, opnieuw instellen 9
reisgeschiedenis 15
reisinformatie, weergeven 9
reislog, weergeven 8
reisplanner, een reis bewerken 10
routebeschrijvingen 9
routes
bekijken 7
berekenen 7
myTrends 7
opnieuw berekenen 12
starten 6, 7
stoppen 7
suggesties 7
voorkeuren 14
weergeven op de kaart 9
S
satellietsignalen
ontvangen 3
weergeven 4
scherm, helderheid 3
schermafdruk 14
scherminstellingen 14
schermknoppen 4
servicegeschiedenis
bewerken 11
categorieën 11
records 11
verwijderen 11
slaapstand
inschakelen 3
uitschakelen 3
Snel zoeken 4
snelkoppelingen
toevoegen 4
verwijderen 4
software, versie 15
stopplaatsen, toevoegen 7
stopplaatsen toevoegen 7
T
taal
taal voor spraak 15
toetsenbord 15
te vermijden
aanpassen 8
gebied 8
uitschakelen 8
verwijderen 8
weg 8
wegkenmerken 8
thuis
gaan 5
locatie bewerken 6
locaties instellen 5
tijdinstellingen 4, 15
toestel, registreren 3
toestel aanpassen 14
toestel bevestigen
auto 2
dashboard 16
18 Index
Pagina: 22
motorfiets 1
uit houder nemen 2, 16
zuignap 16
toestel opladen 4, 15
toestel registreren 3
toestel-id 15
toetsenbord
indeling 15
taal 15
TracBack 10
trafficTrends, uitschakelen 15
transportmodi
auto 4
motorfiets 4
wijzigen 10
tripcomputer, informatie opnieuw instellen 9
U
updates
kaarten 16
software, bijwerken 3
USB, loskoppelen 14
V
verkeer
abonnement activeren 13
abonnementen toevoegen 13
alternatieve route 13
gegevens 13
herberekenen van route 12
levenslange abonnementen 3
ontvanger 12
pictogrammen 12
problemen 13
routes opnieuw berekenen 12
trafficTrends 15
uitschakelen 11, 13
vermijden 13
waarschuwingen 9
zoeken naar vertragingen 13
verwijderen
alle gebruikersgegevens 14
gekoppelde headset 10
reizen 10
servicecategorieën 11
servicerecords 11
voedingskabels, zekering vervangen 16
volgende afslag 9
volume, aanpassen 3
W
Waar ben ik? 6, 9
waarschuwingen
audio 15
flitspaalinformatie 15
gevarenzones 15
verkeer 9
Z
zekering, wijzigen 16
zoekbalk 4
zoekgebied wijzigen 5
zuignap 16
Index 19

Vragen & antwoorden

Er zijn (nog) geen vragen over de Garmin Zumo 340LM.

Stel een vraag over de Garmin Zumo 340LM

Heb je een vraag over de Garmin Zumo 340LM en kan je het antwoord niet vinden in de gebruikershandleiding? Wellicht kunnen de bezoekers van ManualsCat.com je helpen om je vraag te beantwoorden. Door het formulier hieronder in te vullen zal je vraag verschijnen onder de handleiding van de Garmin Zumo 340LM. Let erop dat je het probleem dat je hebt met de Garmin Zumo 340LM zo zorgvuldig mogelijk beschrijft. Hoe duidelijker je vraag omschreven is, hoe groter de kans is dat je snel een reactie ontvangt van een andere gebruiker. Via e-mail zal je automatisch op de hoogte gesteld worden als iemand gereageerd heeft op je vraag.