NB-10L handleiding
Canon NB-10Lhandleiding

Handleiding voor de Canon NB-10L in het Nederlands. Deze PDF handleiding heeft 316 pagina's.

PDF 316 1.1mb

Bekijk hieronder de handleiding van de Canon NB-10L. Alle handleidingen op ManualsCat.com zijn geheel gratis te bekijken. Via de knop 'Selecteer een taal' kan je kiezen in welke taal je de handleiding wilt bekijken.

MANUALSCAT | NL

Vragen & antwoorden

Heb je een vraag over de Canon NB-10L en kan je het antwoord niet vinden in de gebruikershandleiding? Wellicht kunnen de bezoekers van ManualsCat.com je helpen om je vraag te beantwoorden. Door het formulier hieronder in te vullen zal je vraag verschijnen onder de handleiding van de Canon NB-10L. Let erop dat je het probleem dat je hebt met de Canon NB-10L zo zorgvuldig mogelijk beschrijft. Hoe duidelijker je vraag omschreven is, hoe groter de kans is dat je snel een reactie ontvangt van een andere gebruiker. Via e-mail zal je automatisch op de hoogte gesteld worden als iemand gereageerd heeft op je vraag.

Stel een vraag over de Canon NB-10L

Pagina: 1
Gebruikershandleiding • Lees voordat u de camera gebruikt eerst deze handleiding door, met name het gedeelte “Veiligheidsmaatregelen”. • Door deze handleiding te lezen, leert u de camera correct te gebruiken. • Bewaar deze handleiding goed zodat u deze in de toekomst kunt raadplegen. NEDERLANDS
Pagina: 2
2 Inhoud van de verpakking Controleer, voordat u de camera in gebruik neemt, of de verpakking de onderstaande onderdelen bevat. Indien er iets ontbreekt, kunt u contact opnemen met uw leverancier. Camera Batterij NB-10L (met kapje) Batterijlader CB‑2LC/CB‑2LCE Draagriem NS-DC11 Cd DIGITAL CAMERA Solution Disk* Introductiehandleiding Canon garantiesysteemboekje * Bevat software (=  32). • Een geheugenkaart is niet bijgesloten. Compatibele geheugenkaarten De volgende geheugenkaarten (afzonderlijk verkrijgbaar) kunnen, ongeacht de capaciteit, worden gebruikt. • SD-geheugenkaarten* • SDHC-geheugenkaarten* • SDXC-geheugenkaarten* • Eye-Fi-kaarten * Voldoet aan de SD-specificaties. Niet voor alle geheugenkaarten is de werking in deze camera geverifieerd. Over Eye-Fi-kaarten Er wordt niet gegarandeerd dat dit product Eye-Fi-kaartfuncties (inclusief draadloze overdracht) ondersteunt. Als u een probleem hebt met een Eye-Fi- kaart, kunt u contact opnemen met de fabrikant van de kaart. Denk er ook aan dat u in veel landen of gebieden toestemming nodig hebt voor het gebruik van Eye-Fi-kaarten. Zonder toestemming is het gebruik van de kaart niet toegestaan. Als u niet zeker weet of de kaart in een bepaald gebied mag worden gebruikt, neemt u contact op met de fabrikant van de kaart.
Pagina: 3
3 Opmerkingen vooraf en wettelijke informatie • Maak enkele proefopnamen en bekijk deze om te controleren of de beelden goed zijn opgenomen. Canon Inc., dochterondernemingen van Canon en andere aangesloten bedrijven en distributeurs zijn niet aansprakelijk voor welke gevolgschade dan ook die voortvloeit uit enige fout in de werking van een camera of accessoire, inclusief kaarten, die ertoe leidt dat een opname niet kan worden gemaakt of niet kan worden gelezen door apparaten. • De beelden die met deze camera worden opgenomen, zijn bedoeld voor persoonlijk gebruik. Zie af van het onbevoegd maken van opnamen dat een overtreding is van het auteursrecht, en denk eraan dat, ook al is de opname gemaakt voor persoonlijk gebruik, het fotograferen in strijd kan zijn met het auteursrecht of andere wettelijke rechten op bepaalde voorstellingen of tentoonstellingen, of in bepaalde commerciële omstandigheden. • Meer informatie over de garantie voor uw camera vindt u in de garantie- informatie die bij uw camera wordt geleverd. Raadpleeg voor de Canon Klantenservice de contactgegevens in de garantie-informatie. • Hoewel het LCD-scherm onder productieomstandigheden voor uitzonderlijk hoge precisie is vervaardigd en meer dan 99,99% van de pixels voldoet aan de ontwerpspecificaties, kunnen pixels in zeldzame gevallen gebreken vertonen, of als rode en zwarte punten zichtbaar zijn. Dit is geen teken van beschadiging van de camera en heeft geen invloed op de opgenomen beelden. • Er zit mogelijk een dunne plastic laag over de LCD-monitor om deze te beschermen tegen krassen tijdens het vervoer. Verwijder deze laag voordat u de camera gaat gebruiken. • De camera kan warm worden als deze gedurende langere tijd wordt gebruikt. Dit is geen teken van beschadiging. Indeling van de gebruikershandleiding De volgende handleidingen worden meegeleverd, elk voor een ander doel. Basishandleiding (=  15) • Hierin staan de basisinstructies, van de eerste voorbereidingen voor het maken van foto’s tot afspelen en opslaan op een computer Handleiding voor gevorderden (=  43) • Praktische handleiding waarin andere basishandelingen voor de camera worden geïntroduceerd en de opties voor opnamen en afspelen worden beschreven
Pagina: 4
4 Namen van onderdelen en conventies die in deze handleiding worden gebruikt Knop voorkant Lampje Lens Zoomknop Opnamen maken: <i (telelens)> / <j (groothoek)> Afspelen: <k (vergroten)> / <g (index)> Riembevestigingspunt Ontspanknop ON/OFF-knop/lampje Programmakeuzewiel Flitsschoentje < (Pop-upflitser)> schakelaar Flitser Luidspreker Vergrendelknop ring Kabelpoort gelijkstroomkoppeling Geheugenkaart-/batterijklepje Aansluiting statief • De opnamemodus en pictogrammen en tekst op het scherm staan tussen haakjes. • : Wat u beslist moet weten • : Opmerkingen en tips voor deskundig cameragebruik • =xx: Pagina’s met verwante informatie (in dit voorbeeld staat “xx” voor een paginanummer) • De instructies in deze handleiding gelden voor een camera die op de standaardinstellingen is ingesteld. • Voor het gemak verwijst “de geheugenkaart” naar alle ondersteunde geheugenkaarten. • De tabbladen boven namen geven aan of de functie wordt gebruikt voor foto’s, films of voor beide. Foto’s :  Geeft aan dat de functie wordt gebruikt bij het nemen of bekijken van foto’s. Films :  Geeft aan dat de functie wordt gebruikt bij het maken of bekijken van films. • De onderstaande cameraknoppen en bedieningselementen worden met de volgende pictogrammen aangeduid:
Pagina: 5
5 Namen van onderdelen en conventies die in deze handleiding worden gebruikt <o> Knop omhoog aan de achterkant <p> Knop omlaag aan de achterkant <q> Knop links aan de achterkant <7> Controleknop aan de achterkant <r> Knop rechts aan de achterkant <z> Knop voorkant aan de voorkant < (Snelkiesknop)> / <c (Direct print)>-knop <+ (AE lock/FE-lock)> / < (beeldweergave filteren)>-knop < (AF Frame)> / <a (1 beeld wissen)>-knop Scherm (LCD-monitor) Dioptrie-instelknop Zoeker Microfoon Indicator Belichtingscompensatieknop <1 (afspeel)>-knop Filmknop Externe aansluiting AV OUT (audio/video-uitgang) / DIGITAL-aansluiting HDMITM -aansluiting <n>-knop < (Meting)>-knop < (ISO-waarde)> / Omhoog-knop <e (Macro)> / <f (handmatig scherpstellen)> / Links-knop Controleknop FUNC./SET-knop <h (Flitser)> / Rechts-knop <l (Weergave)> / Omlaag-knop z z Aan de controleknop draaien is één van de mogelijkheden om verschillende instellingen te kiezen, van beeld naar beeld te gaan en andere handelingen uit te voeren. Het merendeel van deze handelingen kunt u ook uitvoeren met de knoppen <o><p><q><r>. • In deze handleiding worden pictogrammen gebruikt om de bijbehorende cameraknoppen en bedieningselementen, waarop de pictogrammen zijn afgebeeld of die er op lijken, aan te duiden.
Pagina: 6
6 Inhoudsopgave Inhoud van de verpakking...............2 Compatibele geheugenkaarten.......2 Opmerkingen vooraf en wettelijke informatie........................3 Indeling van de gebruikershandleiding.....................3 Namen van onderdelen en conventies die in deze handleiding worden gebruikt...........4 Inhoudsopgave...............................6 Inhoudsopgave: basishandelingen............................8 Veiligheidsmaatregelen.................10 Basishandleiding............ 15 Voordat u begint............................16 De interne oplaadbare lithiumbatterij recyclen..................24 De camera testen.........................26 Meegeleverde software, handleidingen...............................32 Accessoires..................................40 Handleiding voor gevorderden.................... 43 1 Basishandelingen van de camera......................43 Aan/Uit..........................................44 Ontspanknop................................45 Optische zoeker............................46 Opnamemodi................................47 Opties opnameweergave..............48 Menu FUNC..................................49 Menu MENU.................................50 Indicatorweergave........................52 Klok...............................................53 2 Smart Auto-modus...............55 Opnamen maken (Smart Auto).....56 Algemene, handige functies.........65 Gezichtsidentificatie gebruiken.....71 Functies voor de beeldaanpassing...........................82 Handige opnamefuncties..............88 De camerabewerkingen aanpassen....................................91 3 Andere opnamemodi............95 Automatisch opnemen van clips (Filmsynopsis)...............................96 Specifieke scènes.........................97 Beeldeffecten (Creatieve filters)........................101 Speciale modi voor andere doeleinden..................................114 Verschillende films opnemen......121 4 P-modus..............................125 Opnamen maken in de modus Programma automatische belichting (modus <P>)...............126 Helderheid van het beeld (Belichtingscompensatie)............127 Kleur- en continu-opnamen maken.........................................136 Opnamebereik en scherpstellen...............................143 Flitser..........................................156 RAW-beelden opnemen..............161 Overige instellingen....................162 5 Tv-, Av-, M-, C1- en C2-modus............................163 Specifieke sluitertijden (Tv-modus).................................164 Specifieke diafragmawaarden (Av-modus).................................165
Pagina: 7
7 Inhoudsopgave Specifieke sluitertijden en diafragmawaarden (<M>-modus)..............................166 Aanpassing voor opnamestijlen. .............................168 6 Afspeelmodus. ....................175 Bekijken......................................176 Door beelden bladeren en beelden filteren......................182 Gezichts-ID-gegevens bewerken....................................189 Opties voor het weergeven van foto’s. ....................................191 Beelden beveiligen.....................194 Beelden wissen. ..........................198 Beelden roteren..........................202 Beeldcategorieën........................204 Foto’s bewerken. .........................208 Films bewerken. ..........................215 7 Menu Instellingen...............219 Basisfuncties van de camera aanpassen..................................220 8 Accessoires........................235 Tips voor het gebruik van bijgesloten accessoires. ..............236 Optionele accessoires................237 Optionele accessoires gebruiken....................................241 Beelden afdrukken......................261 Een Eye-Fi-kaart gebruiken........276 9 Bijlage. .................................279 Problemen oplossen...................280 Berichten op het scherm.............285 Informatie op het scherm............288 Functies en menutabellen. ..........292 Voorzorgsmaatregelen. ...............304 Specificaties. ...............................305 Index...........................................311
Pagina: 8
8 Inhoudsopgave: basishandelingen 4 Opnamen maken z z Gebruik de door de camera bepaalde instellingen (Auto-modus). ........ 56 Goede opnamen van mensen maken I Portretten (=  97) P In de sneeuw (=  98) Egale huid (=  100) Specifieke scènes afstemmen Nachtscènes (=  97) S Onderwater (=  98) t Vuurwerk (=  98) Speciale effecten toepassen Levendige kleuren (=  101) Poster-effect (=  101) “Ouder gemaakte” foto’s (=  104) Fisheye-effect (=  105) Miniatuureffect (=  106) Speels effect (=  108) Soft focus (=  109) Monochroom (=  110)
Pagina: 9
9 Inhoudsopgave: basishandelingen z z Scherpstellen op gezichten............................................. 56, 97, 147, 153 z z Zonder gebruik van de flitser (Flitser Uit)........................................ 27, 57 z z Opname met mezelf erbij (zelfontspanner)....................................66, 116 z z Een datumstempel toevoegen.............................................................. 69 z z Gezichts-ID gebruiken.................................................................. 71, 179 z z Filmclips en foto’s combineren (Filmsynopsis). ..................................... 96 1 Weergeven z z Beelden bekijken (afspeelmodus)....................................................... 176 z z Automatisch afspelen (Diavoorstelling). .............................................. 192 z z Op een tv............................................................................................ 241 z z Op een computer.................................................................................. 33 z z Snel door beelden bladeren................................................................ 182 z z Beelden wissen................................................................................... 198 E Films opnemen/bekijken z z Films opnemen............................................................................. 56, 121 z z Films bekijken (afspeelmodus)........................................................... 176 z z Snel bewegende onderwerpen, afspelen in slow motion.................... 123 c Print z z Foto’s afdrukken. ................................................................................. 261 Opslaan z z Beelden opslaan op een computer....................................................... 37
Pagina: 10
10 Veiligheidsmaatregelen • Lees de volgende veiligheidsmaatregelen goed door, voordat u het product gebruikt. Gebruik het product altijd op de juiste wijze. • De veiligheidsvoorschriften op de volgende pagina’s zijn bedoeld om letsel bij uzelf of bij andere personen of schade aan de apparatuur te voorkomen. • Lees ook altijd de handleidingen van alle afzonderlijk aangeschafte accessoires die u gebruikt. Waarschuwing Hiermee wordt gewezen op het risico van ernstig letsel of levensgevaar. • Gebruik de flitser niet dicht bij de ogen van mensen. Blootstelling aan het sterke licht van de flitser kan het gezichtsvermogen aantasten. Houd vooral bij kleine kinderen ten minste één meter afstand wanneer u de flitser gebruikt. • Berg de apparatuur op buiten het bereik van kinderen. Riem: het plaatsen van de riem om de nek van een kind kan leiden tot verstikking. • Gebruik alleen de aanbevolen energiebronnen voor stroomvoorziening. • Probeer het product niet te demonteren, wijzigen of op te warmen. • Laat het product niet vallen en voorkom harde schokken of stoten. • Raak om letsel te voorkomen de binnenkant van het product niet aan als dit is gevallen of op een andere wijze is beschadigd. • Stop onmiddellijk met het gebruik van het product als dit rook of een vreemde geur afgeeft of andere vreemde verschijnselen vertoont. • Gebruik geen organische oplosmiddelen zoals alcohol, wasbenzine of thinner om het product schoon te maken. • Laat het product niet in contact komen met water (bijvoorbeeld zeewater) of andere vloeistoffen. • Voorkom dat vloeistoffen of vreemde objecten in de camera komen. Dit kan leiden tot een elektrische schok of brand. Als er vloeistoffen of vreemde voorwerpen in de camera komen, schakelt u de camera onmiddellijk uit en verwijdert u de batterij. Als de batterijlader nat is geworden, haalt u het netsnoer uit het stopcontact en neemt u contact op met uw leverancier of een helpdesk van Canon Klantenservice. • Kijk niet door de zoeker naar een sterke lichtbron (zoals de zon op een heldere dag). Dit kan uw gezichtsvermogen aantasten.
Pagina: 11
11 Veiligheidsmaatregelen • Gebruik alleen de aanbevolen batterij. • Plaats de batterij niet in de buurt van of in open vuur. • Maak het netsnoer regelmatig los en veeg het stof en vuil dat zich heeft opgehoopt op de stekker, de buitenkant van het stopcontact en het gebied eromheen weg met een droge doek. • Raak het netsnoer niet aan met natte handen. • Gebruik de apparatuur niet op een manier waarbij de nominale capaciteit van het stopcontact of de kabelaccessoires wordt overschreden. Gebruik de apparatuur niet als het netsnoer of de stekker is beschadigd of als deze niet volledig in het stopcontact is geplaatst. • Zorg ervoor dat stof of metalen objecten (zoals spelden of sleutels) niet in contact komen met de contactpunten of stekker. De batterij kan exploderen of gaan lekken, wat kan leiden tot een elektrische schok of brand. Dit kan persoonlijk letsel en schade aan de omgeving veroorzaken. In het geval dat een batterij lekt en uw ogen, mond, huid of kleding met de batterijvloeistof in aanraking komen, moet u deze onmiddellijk afspoelen met water. • Zet de camera uit op plaatsen waar het gebruik van een camera niet is toegestaan. De elektromagnetische golven uit de camera hinderen de werking van elektronische instrumenten en andere apparatuur. Denk goed na voordat u de camera gebruikt op plaatsen waar het gebruik van elektronische apparatuur verboden is, zoals in vliegtuigen en medische instellingen. • Speel de meegeleverde cd-rom(s) met gegevens alleen af in een cd‑speler die hiervoor geschikt is. Uw gehoor kan beschadigd raken als u een koptelefoon draagt terwijl u de harde geluiden van een cd-rom via een cd-speler voor muziek-cd’s afspeelt (muziekspeler). Dit kan ook de luidsprekers beschadigen. Voorzichtig Hiermee wordt gewezen op het risico van letsel. • Zorg dat de camera niet tegen voorwerpen stoot, wordt blootgesteld aan schokken en stoten of achter voorwerpen blijft haken wanneer u deze aan de polsriem draagt. • Zorg dat u niet tegen de lens stoot of drukt. Dit kan verwondingen veroorzaken of de camera beschadigen. • Zorg dat het scherm niet aan schokken wordt blootgesteld. Als het scherm barst, kunnen de splinters letsel veroorzaken.
Pagina: 12
12 Veiligheidsmaatregelen • Zorg dat u de flitser niet per ongeluk met uw vingers of een kledingstuk bedekt wanneer u een foto maakt. Dit kan brandwonden of schade aan de flitser tot gevolg hebben. • Gebruik, plaats of bewaar het product niet op de volgende plaatsen: - plaatsen die aan sterk zonlicht blootstaan; - plaatsen die blootstaan aan temperaturen boven 40°C; - vochtige of stoffige plaatsen. Hierdoor kan lekkage of oververhitting ontstaan of kan de batterij ontploffen, wat kan leiden tot elektrische schokken, brand, brandwonden of ander letsel. Bij hoge temperaturen kan de behuizing van de camera of de batterijlader vervormd raken. • Door langdurig naar overgangen voor diavoorstelling te kijken, kunt u zich onprettig gaan voelen. • Als u de afzonderlijk verkrijgbare optionele lenzen gebruikt, moet u deze goed bevestigen. Als de lens losraakt en valt, kan deze barsten waarna de glassplinters snijwonden kunnen veroorzaken. Voorzichtig Hiermee wordt gewezen op het risico van schade aan de apparatuur. • Richt de camera niet direct op een sterke lichtbron (zoals de zon op een heldere dag). Dit kan de beeldsensor beschadigen. • Als u de camera gebruikt op een strand of op een winderige plek, moet u erop letten dat er geen zand of stof in het apparaat terechtkomt. • Druk niet op de flitser en probeer hem niet te openen. Dit kan de werking van het product negatief beïnvloeden. • Bij normaal gebruik kan er soms een beetje rook uit de flitser komen. Dit komt door de hoge intensiteit van de flitser, waardoor er stofdeeltjes verbranden die vastzitten aan de voorkant van het apparaat. Gebruik een wattenstaafje om vuil, stof of ander materiaal van de flitser te verwijderen. Zo kunt u oververhitting en schade aan het apparaat voorkomen. • Verwijder de batterij en berg deze op wanneer u de camera niet gebruikt. Als de batterij in de camera wordt gelaten, kan deze gaan lekken.
Pagina: 13
13 Veiligheidsmaatregelen • Breng voordat u de batterij weggooit, tape of ander isolatiemateriaal aan over de polen van de batterij. Contact met andere metalen kan leiden tot brand of een explosie. • Als de batterij is opgeladen en als u de batterijlader niet gebruikt, haalt u deze uit het stopcontact. • Dek de batterijlader tijdens het opladen van een batterij niet af met voorwerpen, zoals een stuk textiel. Als u de lader gedurende een lange periode in het stopcontact laat, kan deze oververhit en beschadigd raken, waardoor brand kan ontstaan. • Plaats de batterij niet in de buurt van huisdieren. Als huisdieren op de batterij kauwen, kan dit leiden tot lekkage, oververhitting of een explosie, wat kan leiden tot brand of schade. • Let erop dat harde voorwerpen niet in contact komen met het scherm als u de camera in uw tas stopt. • Bevestig geen harde voorwerpen aan de camera. Dit kan leiden tot storingen of schade aan het scherm.
Pagina: 14
15 Basishandleiding Hierin staan de basisinstructies, van de eerste voorbereidingen voor het maken van foto’s tot afspelen en opslaan op een computer
Pagina: 15
16 Voordat u begint Tref de volgende voorbereidingen voordat u opnamen maakt. De riem bevestigen Bevestig de riem. z z Bevestig de meegeleverde riem aan de camera (zie afbeelding). z z Bevestig de riem op dezelfde wijze aan de andere kant van de camera. De camera vasthouden z z Doe de riem om uw nek. z z Houd bij het maken van opnamen uw armen tegen uw lichaam gedrukt en houd de camera stevig vast om te voorkomen dat deze beweegt. Laat uw vingers niet op de uitgeklapte flitser rusten.
Pagina: 16
17 Voordat u begint De batterij opladen Laad voor gebruik de batterij op met de meegeleverde oplader. Bij aankoop van de camera is de batterij niet opgeladen. Zorg er dus voor dat u de batterij eerst oplaadt. 1 Verwijder het batterijklepje en plaats de batterij in de lader. z z Verwijder het batterijklepje en zorg dat de -markeringen op de batterij overeenkomen met die op de oplader en plaats dan de batterij door deze naar binnen ( ) en naar beneden ( ) te drukken. CB-2LC CB-2LCE 2 Laad de batterij op. z z CB‑2LC: kantel de stekker naar buiten ( ) en steek de oplader in een stopcontact ( ). z z CB‑2LCE: sluit het netsnoer aan op de oplader en steek het andere uiteinde in een stopcontact. X X Het oplaadlampje gaat oranje branden en het opladen begint. X X Als het opladen is voltooid, wordt het lampje groen. 3 Verwijder de batterij. z z Haal het netsnoer van de batterijlader uit het stopcontact en verwijder de batterij door deze naar binnen ( ) en omhoog ( ) te drukken. • Laad de batterij niet langer dan 24 uur achtereen op, om de batterij te beschermen en in goede staat te houden. • Bij batterijladers die gebruik maken van een netsnoer mag u de lader of het snoer niet op andere voorwerpen aansluiten. Dit kan defect of schade aan het product tot gevolg hebben. • Zie "Specificaties" (=  305) voor meer informatie over de oplaadduur, het aantal opnamen en de opnameduur met een volledig opgeladen batterij.
Pagina: 17
18 Voordat u begint De batterij en geheugenkaart plaatsen Plaats de meegeleverde batterij en een geheugenkaart (afzonderlijk verkrijgbaar). Denk eraan dat u voordat u een nieuwe geheugenkaart (of een geheugenkaart die in een ander apparaat is geformatteerd) gaat gebruiken, de geheugenkaart met deze camera moet formatteren (=  225). 1 Controleer het schuifje voor schrijfbeveiliging van de kaart. z z Bij geheugenkaarten met een schuifje voor schrijfbeveiliging kunt u geen opnamen maken als het schuifje is ingesteld op vergrendeld (omlaag). Duw het schuifje omhoog totdat het op niet vergrendeld staat. 2 Open het klepje. z z Schuif het klepje naar buiten ( ) en open het ( ). Aansluitpunten Batterij- vergrendeling 3 Plaats de batterij. z z Duw de batterijvergrendeling in de richting van de pijl en plaats de batterij in de getoonde richting totdat hij vastklikt en is vergrendeld. z z Als u de batterij verkeerd om plaatst, kan deze niet in de juiste positie worden vergrendeld. Controleer altijd of de batterij in de juiste richting is geplaatst en wordt vergrendeld.
Pagina: 18
19 Voordat u begint Etiket 4 Plaats de geheugenkaart. z z Plaats de geheugenkaart in de getoonde richting totdat deze vastklikt en is vergrendeld. z z Controleer altijd of de geheugenkaart in de juiste richting is geplaatst. Als u de geheugenkaart in de verkeerde richting probeert te plaatsen, kunt u de camera beschadigen. 5 Sluit het klepje. z z Sluit het klepje ( ) en duw het lichtjes aan terwijl u het naar binnen schuift, totdat het vastklikt ( ). • Zie “Specificaties” (=  305) voor richtlijnen voor hoeveel opnamen of uren opnemen kunnen worden opgeslagen op een geheugenkaart.
Pagina: 19
20 Voordat u begint De batterij en geheugenkaart verwijderen Verwijder de batterij. z z Open het klepje en duw de batterijvergrendeling in de richting van de pijl. X X De batterij wipt nu omhoog. Verwijder de geheugenkaart. z z Duw de geheugenkaart naar binnen tot u een klik hoort en laat de kaart langzaam los. X X De geheugenkaart wipt nu omhoog. De datum en tijd instellen Stel als volgt de huidige datum en tijd correct in als het scherm [Datum/Tijd] als wordt weergegeven wanneer u de camera inschakelt. Informatie die u op deze manier opgeeft, wordt bij de beeldeigenschappen opgeslagen wanneer u opnamen maakt, en wordt gebruikt wanneer u beelden sorteert op opnamedatum of wanneer u de beelden met datum afdrukt. U kunt ook eventueel een datumstempel aan losse opnamen toevoegen (=  69). 1 Schakel de camera in. z z Druk op de ON/OFF-knop. X X Het scherm [Datum/Tijd] verschijnt.
Pagina: 20
21 Voordat u begint 2 Stel de datum en tijd in. z z Druk op de knoppen <q><r> om een optie te selecteren. z z Druk op de knoppen <o><p> of draai aan de knop <7> om de datum en tijd op te geven. z z Als u klaar bent, drukt u op de knop <m>. 3 Stel de tijdzone thuis in. z z Druk op de knoppen <q><r> of draai aan de knop <7> om uw tijdzone thuis te selecteren. 4 Voltooi de instellingsprocedure. z z Als u klaar bent, drukt u op de knop <m>. Nadat een bevestigingsbericht is weergegeven, wordt het instellingenscherm niet meer weergegeven. z z Druk op de ON/OFF-knop om de camera uit te schakelen. • Het scherm [Datum/Tijd] verschijnt steeds als u de camera inschakelt, tenzij u de datum, tijd en tijdzone thuis al hebt ingesteld. Geef de juiste informatie op. • Om de zomertijd in te stellen (normale tijd plus 1 uur), kiest u [ ] in stap 2 en vervolgens kiest u [ ] door op de knoppen <o><p> te drukken of aan de knop <7> te draaien.
Pagina: 21
22 Voordat u begint De datum en tijd wijzigen Wijzig de datum en tijd als volgt. 1 Open het cameramenu. z z Druk op de knop <n>. 2 Kies [Datum/Tijd]. z z Beweeg de zoomknop om het tabblad [3] te selecteren. z z Druk op de knoppen <o><p> of draai aan de knop <7> om [Datum/Tijd] te selecteren en druk vervolgens op de knop <m>. 3 Wijzig de datum en tijd. z z Volg stap 2 op =  21 om de instellingen te wijzigen. z z Druk op de knop <n> om het menu te sluiten. • De datum/tijd-instellingen blijven tot ongeveer 3 weken na het verwijderen van de batterij behouden dankzij de ingebouwde datum/tijd-batterij (reservebatterij). • De datum/tijd-batterij wordt ongeveer in vier uur opgeladen nadat u een opgeladen batterij hebt geplaatst of de camera hebt aangesloten op een voedingsadapterset (afzonderlijk verkrijgbaar, =  237), zelfs als de camera is uitgeschakeld. • Zodra de datum/tijd-batterij leeg is, verschijnt het scherm [Datum/Tijd] als u de camera inschakelt. Volg de stappen op =  20 om de datum en tijd in te stellen.
Pagina: 22
23 Voordat u begint Taal van LCD-scherm U kunt de weergavetaal desgewenst wijzigen. 1 Open de afspeelmodus. z z Druk op de knop <1>. 2 Open het instellingenscherm. z z Houd de knop <m> ingedrukt en druk direct op de knop <n>. 3 Stel de taal van het LCD- scherm in. z z Druk op de knoppen <o><p><q><r> of draai aan de knop <7> om een taal te selecteren en druk vervolgens op de knop <m>. X X Nadat u de taal van het LCD-scherm hebt ingesteld, wordt het instellingenscherm niet langer weergegeven. • De huidige tijd verschijnt als u in stap 2, nadat u op de knop <m> hebt gedrukt, te lang wacht voordat u op de knop <n> drukt. Druk in dat geval op <m> om de tijdweergave te verwijderen en herhaal stap 2. • U kunt de taal van het LCD-scherm ook wijzigen door op de knop <n> te drukken en [Taal ] te kiezen op het tabblad [3].
Pagina: 23
24 De interne oplaadbare lithiumbatterij recyclen Als u uw camera afdankt, moet u eerst de interne oplaadbare lithiumbatterij verwijderen voor recycling volgens de lokale voorschriften. 1 Druk op de vergrendelknop van de ring en houd deze ingedrukt terwijl u de ring in de richting van de pijl draait en eraf tilt. 2 Schroef de schroeven (8) van de behuizing aan de achterkant, de zijkanten en de onderkant los. 3 Verwijder de achter-, voor- en zijpanelen (zie afbeelding). 4 Draai de schroeven (2) los en knip de lintkabels los.
Pagina: 24
25 De interne oplaadbare lithiumbatterij recyclen 5 Verwijder het eindpaneel (zie afbeelding). 6 Verwijder het scherm en knip de lintkabels (2) los. 7 Draai de schroeven (6) los waarmee het eindpaneel is bevestigd en verwijder het. 8 Verwijder de oplaadbare lithiumbatterij.
Pagina: 25
26 Foto’s Films De camera testen Volg deze instructies om de camera in te schakelen, foto- of filmopnamen te maken en deze daarna te bekijken. Opnamen maken (Smart Auto) Laat de camera het onderwerp en de opnameomstandigheden bepalen voor volledig automatische selectie van de optimale instellingen voor specifieke composities. 1 Schakel de camera in. z z Druk op de ON/OFF-knop. X X Het opstartscherm wordt weergegeven. 2 Open de modus <A>. z z Stel het programmakeuzewiel in op <A>. z z Richt de camera op het onderwerp. Terwijl de camera de compositie bepaalt, maakt deze een licht klikkend geluid. X X De pictogrammen die de modus voor speciale opnamen en de beeldstabilisatiemodus aanduiden, worden rechtsboven in het scherm weergegeven. X X Kaders rond gedetecteerde onderwerpen geven aan dat de camera daarop is scherpgesteld. 3 Kies de compositie. z z Om in te zoomen en het onderwerp te vergroten, duwt u de zoomknop naar <i> (telelens) en om uit te zoomen duwt u de knop naar <j> (groothoek).
Pagina: 26
27 De camera testen 4 Maak de opname. Foto’s maken Stel scherp. z z Druk de ontspanknop half in. De camera piept twee keer nadat is scherpgesteld en er worden AF-kaders weergegeven om aan te geven op welke beeldgebieden is scherpgesteld. z z Als [Flitser Opklappen] op het scherm verschijnt, verschuift u de schakelaar < > om de flitser uit te klappen. De flitser flitst wanneer u een opname maakt. Als u liever geen flitser gebruikt, drukt u de flitser met uw vinger omlaag. Maak de opname. z z Druk de ontspanknop helemaal naar beneden. X X Wanneer de camera de opname maakt, hoort u het sluitergeluid en wanneer er weinig licht is, gaat de flitser, als u deze hebt uitgeklapt, automatisch af. z z Houd de camera stil tot het sluitergeluid stopt. X X De opname wordt pas weergegeven wanneer de camera weer gereed is om een nieuwe opname te maken.
Pagina: 27
28 De camera testen Verstreken tijd Films opnemen Start met opnemen. z z Druk op de filmknop. U hoort één pieptoon zodra de camera met de filmopname begint en op het scherm verschijnen [ REC] en de verstreken tijd X X Zwarte balken aan de boven- en onderkant op het scherm geven aan welke gebieden niet worden opgenomen. X X Kaders rond gedetecteerde gezichten geven aan dat de camera daarop is scherpgesteld. z z Zodra de opname is begonnen, kunt u uw vinger van de filmknop wegnemen. Voltooi de opname. z z Druk nogmaals op de filmknop om het opnemen te stoppen. De camera piept tweemaal als de opname stopt.
Pagina: 28
29 De camera testen Bekijken Na het maken van foto’s of het opnemen van films kunt u deze, zoals hieronder is beschreven, op het scherm bekijken. 1 Open de afspeelmodus. z z Druk op de knop <1>. X X Uw laatste opname wordt weergegeven. 2 Blader door uw beelden. z z Als u het vorige beeld wilt bekijken, drukt u op de knop <q> of draait u de knop <7> naar links. Om het vorige beeld te bekijken, drukt u op de knop <r> of draait u de knop <7> naar links. z z Houd de knoppen <q><r> ingedrukt om snel door de beelden te bladeren. z z U kunt ook snel aan de knop <7> draaien om de modus Beeld scrollen te openen. Draai in deze modus aan de knop <7> om door uw beelden te bladeren. z z Druk op de knop <m> om terug te keren naar de enkelvoudige weergave. z z Films zijn herkenbaar aan het pictogram [ ]. Ga naar stap 3 als u films wilt afspelen.
Pagina: 29
30 De camera testen Volume 3 Films afspelen z z Druk op de knop <m> om naar het filmbedieningspaneel te gaan. Selecteer [ ] (of druk op de knoppen <q><r> of draai aan de knop <7>) en druk dan weer op de knop <m>. X X Het afspelen begint en na de film verschijnt [ ]. z z Om het volume aan te passen, drukt u op de knoppen <o><p>. • Om vanuit de afspeelmodus naar de opnamemodus te gaan, drukt u de ontspanknop half in.
Pagina: 30
31 De camera testen Beelden wissen U kunt beelden die u niet meer nodig hebt één voor één selecteren en wissen. Wees voorzichtig bij het wissen van beelden, want ze kunnen niet worden hersteld. 1 Selecteer het beeld dat u wilt wissen. z z Druk op de knoppen <q><r> of draai aan de knop <7> om een beeld te selecteren. 2 Wis het beeld. z z Druk op de knop <a>. z z Als [Wissen ?] verschijnt, drukt u op de knoppen <q><r> of draait u aan de knop <7> om [Wissen] te selecteren en vervolgens drukt u op de knop <m>. X X Het huidige beeld wordt nu gewist. z z Om het wissen te annuleren, drukt u op de knoppen <q><r> of u draait aan de knop <7> om [Stop] te kiezen. Druk vervolgens op de knop <m>. • U kunt ook alle beelden tegelijk wissen (=  199).
Pagina: 31
32 Meegeleverde software, handleidingen De software en de handleidingen die op de meegeleverde schijven (=  2) staan, komen hieronder aan de orde, met instructies voor de installatie, het opslaan van beelden op een computer en het gebruik van de handleidingen. Software Nadat u de software op de cd-rom hebt geïnstalleerd, kunt u het volgende op uw computer doen. CameraWindow z z Beelden importeren en de camera-instellingen wijzigen ImageBrowser EX z z Beheer beelden: bekijk, zoek en orden z z Druk beelden af en bewerk ze Digital Photo Professional z z Door RAW-beelden bladeren, deze verwerken en bewerken De functie voor automatisch bijwerken U kunt de meegeleverde software gebruiken om de software naar de nieuwste versie bij te werken en nieuwe functies te downloaden via internet (bepaalde software uitgesloten). Voordat u deze functie kunt gebruiken, moet u de software op een computer met een internetverbinding installeren. • Voor deze functie is internettoegang vereist. Eventuele providerkosten en kosten voor internettoegang moeten apart worden betaald. Handleidingen Gebruikershandleiding z z Raadpleeg deze handleiding voor nog grondigere kennis van de bediening van uw camera. Softwarehandleiding z z Raadpleeg deze gids bij gebruik van de meegeleverde software. U opent de handleiding via het Help-systeem van de bijgeleverde software (bepaalde software uitgesloten).
Pagina: 32
33 Meegeleverde software, handleidingen Systeemvereisten De meegeleverde software kan men op de volgende computers gebruikt worden. Besturings­ systeem Windows Macintosh Windows 7 SP1 Windows Vista SP2 Windows XP SP3 Mac OS X 10.6–10.7 Computer Computers die gebruikmaken van bovengenoemde besturingssystemen (vooraf geïnstalleerd) met een ingebouwde USB-poort en een internetverbinding* Processor Foto’s 1,6 GHz of hoger Films Core 2 Duo 2,6 GHz of hoger Foto’s Core Duo 1,83 GHz of hoger Films Core 2 Duo 2,6 GHz of hoger RAM Foto’s Windows 7 (64-bits): 2 GB of meer Windows 7 (32 bits), Vista, XP: 1 GB of meer Films 2 GB of meer Foto’s Mac OS X 10.7: 2 GB of meer Mac OS X 10.6: 1 GB of meer Films 2 GB of meer Interfaces USB Vrije ruimte op de vaste schijf 640 MB of meer* 750 MB of meer Scherm Resolutie van 1.024 x 768 of hoger * Silverlight 4 of hoger (max. 100 MB) moet zijn geïnstalleerd, en bij Windows XP moet Microsoft .NET Framework 3.0 of hoger (max. 500 MB) zijn geïnstalleerd. De installatie kan enige tijd duren, afhankelijk van de prestaties van de computer. • Ga naar de Canon-website voor informatie over de recentste systeemvereisten, inclusief ondersteunde versies van besturingssystemen.
Pagina: 33
34 Meegeleverde software, handleidingen De software installeren Bij wijze van illustratie zijn hier Windows 7 en Mac OS X 10.6 gebruikt. U kunt de functie voor automatisch bijwerken gebruiken om de software naar de nieuwste versie bij te werken en nieuwe functies te downloaden via internet (bepaalde software uitgesloten). Zorg er voor dat u de software op een computer met internetverbinding installeert. U hebt het volgende nodig: z z Computer z z USB-kabel (camera-uiteinde: Mini-B) z z Meegeleverde cd-rom (Cd DIGITAL CAMERA Solution Disk) (=  2) 1 Plaats de cd-rom in het cd/dvd‑rom-station van de computer. z z Plaats de meegeleverde cd-rom (Cd DIGITAL CAMERA Solution Disk) (=  2) in het cd/dvd-rom-station van de computer. z z Op een Macintosh-computer plaatst u de cd, dubbelklikt u op het cd-pictogram op het bureaublad om naar de cd te gaan. Daarna dubbelklikt u op het pictogram [ ] dat verschijnt. 2 Start de installatie. z z Klik op [Easy Installation/Eenvoudige installatie] en volg de instructies op het scherm om verder te gaan met de installatie.
Pagina: 34
35 Meegeleverde software, handleidingen 3 Wanneer er een bericht wordt weergeven met het verzoek om de camera aan te sluiten, sluit u deze aan op een computer. z z Open het klepje terwijl de camera is uitgeschakeld ( ). Steek de kleinste stekker van de USB-kabel in de aangegeven richting, helemaal in de aansluiting van de camera ( ). z z Steek de grote stekker van de USB- kabel in de USB-poort van de computer. Raadpleeg de computerhandleiding voor meer informatie over USB-aansluitingen op de computer.
Pagina: 35
36 Meegeleverde software, handleidingen 4 Installeer de bestanden. z z Schakel de camera in volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien. X X Er wordt een verbinding met internet tot stand gebracht om de software naar de nieuwste versie bij te werken en nieuwe functies te downloaden. De installatie kan enige tijd duren, afhankelijk van de prestaties van de computer en de aansluiting met internet. z z Op een Macintosh klikt u op [Finish/ Voltooien] of [Restart/Herstarten] in het scherm dat wordt weergegeven nadat de installatie is voltooid. Verwijder de cd-rom wanneer het bureaublad wordt weergegeven. z z Schakel de camera uit en koppel de kabel los. • Wanneer er geen internetverbinding is, gelden de volgende beperkingen. - Het scherm in stap 3 zal niet weergegeven worden. - Bepaalde functies worden mogelijk niet geïnstalleerd • Nadat u de camera voor het eerst op de computer hebt aangesloten, worden er stuurprogramma’s geïnstalleerd. Daarom kan het enkele minuten duren voordat u camerabeelden kunt openen. • Als u over meerdere camera’s beschikt waarbij ImageBrowser EX op cd-rom werd meegeleverd, gebruikt u elke camera met de meegeleverde cd-rom en volgt u de specifieke installatie-instructies op het scherm van elke camera. Hierdoor weet u zeker dat elke camera de juiste updates en nieuwe functies ontvangt via de functie voor automatisch bijwerken.
Pagina: 36
37 Meegeleverde software, handleidingen Beelden opslaan op een computer Bij wijze van illustratie zijn hier Windows 7 en Mac OS X 10.6 gebruikt. 1 Sluit de camera aan op de computer. z z Volg stap 3 op =  35 om de camera op de computer aan te sluiten. 2 Zet de camera aan om CameraWindow te openen. z z Druk op de knop <1> om de camera aan te zetten. z z Op een Macintosh-computer wordt CameraWindow weergegeven als er een verbinding tot stand is gebracht tussen de camera en de computer. z z Voor Windows volgt u de onderstaande stappen. z z In het scherm dat verschijnt, klikt u op de koppeling [ ] om het programma te wijzigen. z z Kies [Downloads Images From Canon Camera using Canon CameraWindow/ Beelden van Canon-camera via Canon CameraWindow downloaden] en klik op [OK]. z z Dubbelklik op [ ].
Pagina: 37
38 Meegeleverde software, handleidingen CameraWindow 3 Beelden opslaan op de computer. z z Klik op [Import Images from Camera/ Beelden importeren van camera] en vervolgens op [Import Untransferred Images/ Niet-overgedragen beelden importeren]. X X De beelden worden nu in afzonderlijke mappen op datum op de computer opgeslagen in de map Afbeeldingen. z z Wanneer de beelden zijn opgeslagen, sluit u CameraWindow en drukt u op de knop <1> om de camera uit te schakelen. Koppel vervolgens de kabel los. z z Raadpleeg de Softwarehandleiding (=  32) voor instructies over het bekijken van beelden op de computer.
Pagina: 38
39 Meegeleverde software, handleidingen • Als het scherm in stap 2 in Windows 7 niet wordt weergegeven, klik dan op het pictogram [ ] op de taakbalk. • Om CameraWindow in Windows Vista of XP te starten, klikt u op [Downloads Images From Canon Camera using Canon CameraWindow/ Beelden van Canon-camera via Canon CameraWindow downloaden] dat op het scherm wordt weergegeven als u de camera bij stap 2 inschakelt. Als CameraWindow niet wordt weergegeven, klikt u op het menu [Start] en kiest u [Alle programma´s]  [Canon Utilities]  [CameraWindow]  [CameraWindow]. • Als na stap 2 CameraWindow niet op een Macintosh-computer verschijnt, klikt u op het pictogram [CameraWindow] in de taakbalk onder aan het bureaublad. • U kunt uw camerabeelden zelfs zonder de meegeleverde software op uw computer opslaan door uw camera op de computer aan te sluiten, maar daarvoor gelden wel de volgende beperkingen. - Nadat u de camera hebt aangesloten op de computer, kan het enkele minuten duren voordat u beelden kunt openen. - Beelden die verticaal zijn opgenomen, worden mogelijk horizontaal opgeslagen. - RAW-beelden (of JPEG-beelden die tegelijk met RAW-beelden zijn opgenomen) worden wellicht niet opgeslagen. - Beveiligingsinstellingen voor beelden kunnen bij het opslaan van de beelden op de computer worden verwijderd. - Er kunnen bepaalde problemen ontstaan bij het opslaan van beelden of beeldgegevens, afhankelijk van de versie van het besturingssysteem, de gebruikte software of de grootte van de beeldbestanden. - Mogelijk zijn ook enkele functies in de meegeleverde software niet beschikbaar, zoals het bewerken van films en het terugzetten van beelden op de camera.
Pagina: 39
40 Accessoires Draagriem NS-DC11 Batterij NB‑10L*1 (met kapje) Batterijlader CB‑2LC/CB‑2LCE*1 Cd DIGITAL CAMERA Solution Disk USB-kabel (camera-uiteinde: Mini-B)*2 Geheugenkaart Kaartlezer Windows/ Macintosh Computer Tv-/ videosysteem Voedingsadapterset ACK‑DC80 Meegeleverde accessoires Voeding Kabels HDMI-kabel HTC-100 Stereo AV-kabel AVC-DC400ST *1 Ook afzonderlijk verkrijgbaar. *2 Er is ook een origineel Canon-accessoire verkrijgbaar (interfacekabel IFC‑400PCU). *3 Krachtige flitser HF-DC1 wordt ook ondersteund. *4 De onderstaande accessoires worden ook ondersteund: Speedlite 580EX, 430EX, 270EX en 220EX, Speedlite-zender ST-E2, Speedlite-beugel SB-E2 en kabel voor losse flitsschoen OC-E3. *5 Vereist beugel BKT-DC1 en kabel voor losse flitsschoen OC-E3. *6 Vereist lensadapter LA-DC58L. *7 Vereist filteradapter FA-DC58D.
Pagina: 40
41 Accessoires Zachte hoes SC‑DC85 Flitseenheden Lensaccessoires Canon PictBridge-compatibele printers Speedlite*4 600EX‑RT, 600EX, 580EX II, 430EX II, 320EX, 270EX II Macro Twin Lite MT‑24EX*5 *6 Krachtige flitser HF-DC2*3 Macro Ring Lite MR‑14EX*6 Canon-lensfilter (58 mm dia.)*7 Telelens TC‑DC58E*6 Afstandsschakelaar RS-60E3 Overige accessoires Behuizing Waterdichte behuizing WP-DC48 Gebruik van originele Canon-accessoires wordt aanbevolen. Dit product is ontworpen om een uitstekende prestatie neer te zetten wanneer het wordt gebruikt in combinatie met accessoires van het merk Canon. Canon is niet aansprakelijk voor eventuele schade aan dit product en/of ongelukken zoals brand, enzovoort, die worden veroorzaakt door de slechte werking van accessoires van een ander merk (bijvoorbeeld lekkage en/of explosie van een batterij). Houd er rekening mee dat deze garantie niet van toepassing is op reparaties die voortvloeien uit een slechte werking van accessoires die niet door Canon zijn vervaardigd, hoewel u dergelijke reparaties wel tegen betaling kunt laten uitvoeren.
Pagina: 41
43 Basishandelingen van de camera Praktische handleiding waarin andere basishandelingen voor de camera worden geïntroduceerd en de opties voor opnamen en afspelen worden beschreven 1 Handleiding voor gevorderden
Pagina: 42
44 Aan/Uit Opnamemodus z z Druk op de ON/OFF-knop om de camera in te schakelen en gereed te maken om op te nemen. z z Druk opnieuw op de ON/OFF-knop om de camera uit te schakelen. Afspeelmodus z z Druk op de knop <1> om de camera in te schakelen en uw foto’s te bekijken. z z Om de camera uit te schakelen drukt u opnieuw op de knop <1>. • Om van de afspeelmodus naar de opnamemodus te gaan, drukt u op de knop <1>. • Om vanuit de afspeelmodus naar de opnamemodus te gaan, drukt u de ontspanknop half in (=  45). • Als de camera in de afspeelmodus is, wordt ongeveer na één minuut de lens ingetrokken. U kunt de camera uitschakelen terwijl de lens is ingetrokken door nogmaals op de knop <1> te drukken. Spaarstandfuncties (Automatisch Uit) Om de batterij te sparen worden het scherm (scherm uit) en de camera automatisch uitgeschakeld na een bepaalde inactieve periode. Spaarstand in de opnamemodus Het scherm wordt automatisch uitgeschakeld nadat het ongeveer één minuut inactief is geweest. Ongeveer na nog 2 minuten wordt de lens ingetrokken en de camera uitgeschakeld. Als het scherm is uitgeschakeld maar de lens nog niet is ingetrokken, kunt u het scherm weer inschakelen en gereedmaken voor het maken van opnamen door de ontspanknop half in te drukken (=  45). Spaarstand in de afspeelmodus De camera wordt na ongeveer 5 minuten inactiviteit automatisch uitgeschakeld. • U kunt desgewenst de timing voor het automatisch uitschakelen van de camera en het scherm (respectievelijk Automatisch Uit en Display uit) aanpassen (=  228). • De spaarstand is niet actief wanneer de camera op een computer is aangesloten (=  35).
Pagina: 43
45 Ontspanknop Om te zorgen dat uw opnamen altijd zijn scherpgesteld, drukt u altijd eerst (licht) de ontspanknop half in. Zodra het onderwerp is scherpgesteld, drukt u de knop helemaal naar beneden om de opname te maken. In deze handleiding worden de handelingen van de ontspanknop beschreven, zoals de knop half of helemaal indrukken. 1 Druk half in. (Licht indrukken om scherp te stellen.) z z Druk de ontspanknop half in. De camera piept twee keer en er worden AF-kaders weergegeven rond de beeldgebieden waarop is scherpgesteld. 2 Druk helemaal in. (Druk, vanaf de positie halverwege, helemaal in om de opname te maken.) X X De camera maakt de opname en er klinkt een sluitergeluid. z z Houd de camera stil tot het sluitergeluid stopt. • De beelden worden mogelijk onscherp als u de opname maakt zonder eerst de ontspanknop half in te drukken. • Het geluid van de sluiter kan korter of langer duren, afhankelijk van de tijd die nodig is om de opname te maken. Bij sommige opnamecomposities kan het langer duren en de beelden worden vaag als u de camera beweegt (of als het onderwerp beweegt) voordat het geluid van de sluiter stopt.
Pagina: 44
46 Optische zoeker Als u de batterij tijdens het maken van opnamen wilt sparen, kunt u in plaats van het scherm de optische zoeker gebruiken. Maak de opnamen op dezelfde manier als bij gebruik van het scherm. 1 Schakel het scherm uit. z z Druk op de knop <p> om het scherm uit te schakelen (=  48). 2 Stel de dioptrie in. z z Wanneer u door de optische zoeker kijkt, draait u de knop naar de ene of de andere kant, zodat de beelden er scherp uitzien. • Het beeldgebied dat in de optische zoeker te zien is, kan enigszins verschillen van het beeldgebied in uw opnamen. • Bij andere verhoudingen dan 4:3 verschilt het beeldgebied dat in de optische zoeker te zien is van het beeldgebied in uw opnamen. Controleer de instellingen voordat u de opname maakt. • Mogelijk ziet u in bepaalde zoomposities een deel van de lens door de optische zoeker. • Hoewel de camera automatisch scherpstelt op onderwerpen, zijn gezichtsdetectie en scherpstellen op gezichten niet mogelijk. • Continu-opnamen worden niet ondersteund in de modus <A>, omdat de camera de compositie niet bepaalt.
Pagina: 45
47 Opnamemodi Gebruik het programmakeuzewiel om de gewenste opnamemodus te openen. P-, Tv-, Av-, M-, C1- en C2-modus Neem verschillende opnamen met behulp van uw voorkeursinstellingen (=  125, 163). Filmmodus Voor het maken van films (=  121). Als u op de filmknop drukt, kunt u ook een film maken zonder het programmakeuzewiel in te stellen op de filmmodus. Auto-modus Volledig automatische opnamen, met door de camera bepaalde instellingen =  26, 56). Modus voor speciale opnamen U kunt opnamen maken met de optimale instellingen voor de specifieke scènes (=  97). Modus voor creatieve filters Diverse effecten toevoegen aan uw opnamen (=  101). Modus Filmsynopsis U kunt een korte film van een dag maken door foto’s te maken (=  96).
Pagina: 46
48 Opties opnameweergave Druk op de knop <p> om andere informatie weer te geven op het scherm of om de informatie te verbergen. Zie =  288 voor meer details over de weergegeven informatie. Weergave 1 Weergave 2 Scherm uit • Zelfs als het scherm is uitgeschakeld, wordt het ingeschakeld zodra u een film begint op te nemen. • Als u in een omgeving met weinig licht opnamen maakt, wordt de helderheid van het LCD-scherm met de nachtschermfunctie automatisch verhoogd, zodat u de compositie van uw opnamen gemakkelijker kunt controleren. Mogelijk komen de beeldhelderheid op het scherm en de helderheid van uw foto’s niet overeen. Vervorming van het beeld op het scherm of schokkerige bewegingen van het onderwerp hebben geen invloed op vastgelegde beelden. • Zie =  178 voor afspeelopties.
Pagina: 47
49 Menu FUNC. Configureer veelgebruikte opnamefuncties als volgt via het menu FUNC. Menu-items en -opties zijn afhankelijk van de opnamemodus (=  294–297). 1 Open het Menu FUNC. z z Druk op de knop <m>. Menu-items Opties 2 Selecteer een menu-item. z z Druk op de knoppen <o><p> om een menu-item te selecteren. X X De beschikbare opties worden onder aan het scherm weergegeven. 3 Selecteer een optie. z z Druk op de knoppen <q><r> of draai aan de knop <7> om een optie te selecteren. z z Opties met het pictogram [ ] kunnen worden geconfigureerd door op de knop <n> te drukken. 4 Voltooi de instellingsprocedure. z z Druk op de knop <m>. X X Het scherm voordat u in stap 1 op de knop <m> drukte, wordt opnieuw weergegeven en toont de optie die u hebt geconfigureerd. • Als u per ongeluk een instelling hebt gewijzigd, kunt u dat ongedaan maken door de standaardinstellingen van de camera te herstellen (=  233).
Pagina: 48
50 Menu MENU Configureer verschillende camerafuncties als volgt via overige menu’s. De menu-items zijn op tabbladen per doel gegroepeerd, zoals opnamen maken [4], afspelen [1], enzovoort. De beschikbare instellingen verschillen afhankelijk van de geselecteerde opname- of afspeelmodus (=  298–303). 1 Open het menu. z z Druk op de knop <n>. 2 Selecteer een tabblad. z z Beweeg de zoomknop om een tabblad te selecteren. z z Nadat u op de knoppen <o><p> hebt gedrukt of aan de knop <7> hebt gedraaid om een tabblad te kiezen, kunt u tussen tabbladen overschakelen met de knoppen <q><r>. U kunt een tabblad ook kiezen door op de knop <+> te drukken. 3 Selecteer een instelling. z z Druk op de knoppen <o><p> of draai aan de knop <7> om een instelling te selecteren. z z Als u instellingen met niet weergegeven opties wilt selecteren, drukt u eerst op de knop <m> of <r> om van scherm te wisselen en daarna drukt u op de knoppen <o><p> of draait u aan de knop <7> om de instelling te selecteren. z z Druk op de knop <n> om terug te keren naar het vorige scherm.
Pagina: 49
51 Menu MENU 4 Selecteer een optie. z z Druk op de knoppen <q><r> om een optie te selecteren. 5 Voltooi de instellingsprocedure. z z Druk op de knop <n> om terug te gaan naar het scherm dat werd weergegeven voordat u in stap 1 op de knop <n> drukte. • Als u per ongeluk een instelling hebt gewijzigd, kunt u dat ongedaan maken door de standaardinstellingen van de camera te herstellen (=  233).
Pagina: 50
52 Indicatorweergave Het Aan/uit-lampje en de indicator aan de achterkant van de camera (=  5) branden of knipperen, afhankelijk van de status van de camera. Indicator Kleur Indicator- status Camerastatus Aan/uit-lampje Groen Aan Camera ingeschakeld Knippert Batterij bijna leeg Indicator Groen Aan Gereed voor maken van opnamen (wanneer de flitser is uitgeschakeld) Knippert Beelden opnemen/lezen/verzenden Afstandswaarschuwing (=  281) of kan niet scherpstellen (flitser is niet ingeschakeld) (=  281) Oranje Aan Gereed voor maken van opnamen (wanneer de flitser is ingeschakeld) Knippert Afstandswaarschuwing (=  281) of kan niet scherpstellen (de flitser is ingeschakeld) (=  281) • Als het lampje groen knippert, mag u de camera niet uitschakelen, het klepje van de geheugenkaart/batterijhouder niet openen en de camera niet schudden of aanstoten, omdat hierdoor de beelden, camera of geheugenkaart beschadigd kunnen raken.
Merk:
Canon
Product:
Fotocamera's
Model/naam:
NB-10L
Bestandstype:
PDF
Beschikbare talen:
Nederlands