Bosch TR 100 handleiding

Bekijk hieronder de handleiding van de Bosch TR 100. Alle handleidingen op ManualsCat.com zijn geheel gratis te bekijken. Via de knop 'Selecteer een taal' kan je kiezen in welke taal je de handleiding wilt bekijken.

  • Merk: Bosch
  • Product: Thermostaat
  • Model/naam: TR 100
  • Bestandstype: PDF
  • Beschikbare talen: , , , , , , , , ,

Inhoudsopgave

Pagina: 50
TR 100
51
Nederlands
1 Veiligheidsvoorschriften
De regelaar mag uitsluitend worden ge-
bruikt in combinatie met de genoemde
gasverwarmingsapparaten. Het desbe-
treffende aansluitschema moet in acht
worden genomen.
In geen geval mag de regelaar worden
aangesloten op het 230 V stroomnet.
Vóór de montage van de regelaar moet
de spanningstoevoer (230 V, 50 Hz)
naar het verwarmingsapparaat worden
onderbroken.
De regelaar is niet geschikt voor de
montage in vochtige ruimten.
2 Gebruik
De TR 100 is een ruimtetemperatuurregelaar
met digitale schakelklok (dagprogramma; een
verwarmings- en een verlagingsschakelpunt;
voor alle dagen van de week gelijk) voor de
regeling van de hieronder genoemde continu
geregelde gasverwarmingsapparaten.
De TR 100 wordt geadviseerd bij een woon-
oppervlak tot ca. 80 m2 en voldoet aan de
wettelijke voorschriften.
Voor installaties met vloerverwarming of kli-
maatvloeren zijn ruimtetemperatuurregelaars
als de TR 100 niet geschikt. In deze installa-
ties adviseren wij een door de buitentempera-
tuur bestuurde regeling.
2.1 Meegeleverd
Meegeleverd bij de TR 100 wordt een de
ruimtetemperatuurregelaar ingeschoven kor-
te gebruiksaanwijzing (afbeelding ).
2.2 Toebehoren
Bij de TR 100 kan een externe ruimtetempe-
ratuursensor RF 1 worden geleverd. Deze
kan bijvoorbeeld zinvol worden gebruikt als de
montageplaats van de regelaar voor de tem-
peratuurmeting ongeschikt is (zie
hoofdstuk 4).
Bovendien kan een externe afstandschake-
laar (bijvoorbeeld via de telefoon te bedienen)
worden aangesloten (zie hoofdstuk 6.7).
De afstandschakelaar moet een potentiaalvrij
contact hebben dat geschikt is voor 5 V DC.
3 Technische gegevens
4 Montage
Vóór de montage van de regelaar moet
de spanningstoevoer (230 V, 50 Hz)
naar het verwarmingsapparaat worden
onderbroken.
4.1 Keuze van de montageplaats
Belangrijk voor de regelkwaliteit van de
TR 100 is de keuze van een geschikte monta-
geplaats. De montageruimte moet geschikt
zijn voor de temperatuurregeling van de hele
verwarmingsinstallatie. Op de daar geïnstal-
leerde verwarmingsradiatoren mogen geen
thermostaatknoppen zijn gemonteerd. In
plaats daarvan moeten handmatig bediende
knoppen met voorinstelling worden inge-
TYPE Elektr.
aansluiting
Afstandsto-
ringsaan-
duiding
actief
ZE/ZWE .. - 2 K... afb. nee
ZE/ZWE .. - 2 A... afb. nee
ZR/ZWR/ZSR...-3 afb. nee
ZR/ZWR/ZSR...-4 afb. nee
Verwarmingsappa-
raten met
Bosch Heatronic afb. ja
9
10
10
10
11
Afmetingen apparaat zie afbeelding
Nominale spanning 24 V DC
Nominale stroom 0,02 A
Regelbereik 5…30 °C
Regeluitgang continu,
2,5…21 V DC
Toegestane
omgevingstemperatuur 0…+40 °C
Gangreserve ca. 2 uur
Isolatiesoort IP 20
2
3
Pagina: 51
52
TR 100
Nederlands
bouwd, zodat het vermogen van de verwar-
mingsradiator in de montageruimte van de
TR 100 zo nauwkeurig mogelijk kan worden
ingesteld.
Kies als montageplaats bij voorkeur een bin-
nenmuur en let erop dat geen tocht of warm-
testraling (ook niet van achteren, bijvoorbeeld
door een lege buis of holle muur) op de rege-
laar kan inwerken.
Onder en boven de regelaar moet voldoende
plaats aanwezig zijn om de ruimtelucht onge-
hinderd door de ventilatieopening te laten cir-
culeren (gearceerd oppervlak in afbeel-
ding ).
Als niet aan alle bovengenoemde voorwaar-
den is voldaan, wordt geadviseerd om gebruik
te maken van de externe ruimtetemperatuur-
sensor RF 1 (toebehoren) en deze aan te
brengen op een geschiktere plaats.
Als de ruimtetemperatuursensor RF 1 wordt
aangesloten, wordt automatisch de in de re-
gelaar ingebouwde sensor uitgeschakeld.
4.2 Montage van de regelaar
• Het bovenstuk (a) van de sokkel (b) losma-
ken, haken (b1) aan zijkant van sokkel in-
drukken en bovenstuk (a) lostrekken
(afbeelding ).
• De sokkel (b) kan naar keuze
– met twee schroeven (c) op een normale
inbouwcontactdoos (d) van Ø 55 mm
worden gemonteerd,
of
– met vier pluggen (6 mm) en lenskop-
schroeven (Ø 3,5 mm) rechtstreeks op
de muur worden geschroefd
(afbeelding );
daarbij op de juiste montagerichting letten
(klemopschrift leesbaar)!
• Elektrische aansluiting overeenkomstig uit-
voeren (zie hoofdstuk 5).
• Bovenstuk (a) van regelaar vaststeken.
4.3 Montage van het toebehoren
Het toebehoren externe ruimtetemperatuur-
sensor RF 1 en afstandschakelaar (indien
aanwezig) volgens de wettelijke voorschriften
en het bijbehorende inbouwvoorschrift monte-
ren.
5 Elektrische aansluiting
De volgende kabeldiameter moet worden ge-
bruikt van de TR 100 naar het verwarmings-
apparaat.
Met inachtneming van de geldende voor-
schriften moeten voor de aansluiting minstens
elektrische kabels van het type H05 VV... wor-
den gebruikt.
Alle leidingen met 24 V (meetstroom) moeten
gescheiden worden geïnstalleerd van leidin-
gen met 230 of 400 V, zodat geen inductieve
beïnvloeding kan plaatsvinden (mini-
mumafstand 100 mm).
Indien inductieve externe invloeden kunnen
optreden, bijvoorbeeld door sterkstroomka-
bels, bovenleidingen, transformatorhuisjes,
radio- en televisietoestellen, magnetrons en
zenders van radioamateurs, moeten de leidin-
gen voor het meetsignaal worden afge-
schermd.
Het desbetreffende elektrische aansluitsche-
ma (afbeelding tot ) moet worden aange-
houden.
5.1 Elektrische aansluiting van het
toebehoren
Externe ruimtetemperatuursensor RF 1 (in-
dien aanwezig) als in afbeelding getoond
aansluiten.
Indien nodig kunnen de leidingen van de RF 1
met een kabel met verdrilde tweelingsleidin-
gen worden verlengd. Daardoor wordt ge-
waarborgd dat de meetwaarden van de sen-
sor niet worden beïnvloed.
Afstandschakelaar (indien geïnstalleerd) aan-
sluiten zoals getoond op de afbeelding . Zie
voor de minimumeisen hoofdstuk 2.2 Toebe-
horen.
Als het schakelcontact van de afstandschake-
laar gesloten is, wordt de verwarming in de
spaarstand geschakeld, in het display ver-
schijnt „F”. Als het schakelcontact geopend is,
wordt de op de regelaar ingestelde functie
overgenomen (afbeelding ).
4
5
6
Lengte tot 20 m 0,75 mm2 tot 1,5 mm2
Lengte tot 30 m 1,0 mm2 tot 1,5 mm2
Lengte meer
dan 30 m 1,5 mm2
9 11
7
8
8
Pagina: 52
TR 100
53
Nederlands
6 Bediening
De TR 100 bezit enkele bedieningselementen
die na installatie en in gebruikneming nog
maar zelden hoeven worden gebruikt.
Alle bedieningselementen die slechts zelden
hoeven worden gebruikt zijn afgeschermd
met een klepje.
De bedieningselementen die zichtbaar zijn als
het klepje gesloten is, horen bij het zoge-
naamde „1e bedieningsniveau”. Alle andere
bedieningselementen vormen het „2e bedie-
ningsniveau”.
Alle speciale bedrijfstoestanden en de sto-
ringstoestand worden aangeduid door contro-
lelampjes (alleen bij de verwarmingsappara-
ten met Bosch Heatronic).
Als het klepje gesloten is, wordt de actuele tijd
weergegeven.
6.1 Het „1e bedieningsniveau”
(afbeelding )
6.1.1 Draaiknop (k)
Met de draaiknop (k) wordt de ruimtetem-
peratuur ingesteld die de regelaar bij normale
verwarmingsfunctie moet regelen.
De regelaar regelt de verwarming altijd op
deze temperatuur als het bijbehorende rode
controlelampje (l) brandt.
Als de draaiknop (k) op „5” staat, brandt het
bijbehorende rode controlelampje (l) niet. De
regelaar regelt de verwarming dan op onge-
veer 5 °C en waarborgt daardoor vorstbe-
scherming in de ruimte. De verwarming is dus
uitgeschakeld.
6.1.2 De bedrijfstoestanden
Automatische functie
De basisinstelling van de regelaar is automa-
tische functie.
Automatische functie betekent automatische
wisseling tussen normale verwarmingsfunctie
en spaarstand op de tijden die met de scha-
kelklok (e) zijn ingesteld.
De regelaar regelt de verwarming in de nor-
male verwarmingsfunctie (=„Dag”) op de met
de draaiknop (k) ingestelde temperatuur,
de bijbehorende rode controlelamp (l) brandt
permanent.
De regelaar regelt de verwarming bij de
spaarstand (=„Nacht”) op de ingestelde
spaartemperatuur, de bijbehorende rode con-
trolelamp (l) brandt niet. (Zie voor de instelling
van de spaartemperatuur hoofdstuk 6.2.1)
Opmerking: Als de automatische functie
wordt verlaten, wordt dit altijd
door een controlelampje weer-
gegeven.
Er kan op elk moment worden
teruggekeerd naar de automati-
sche functie.
Toets „Continu verwarmen” (g)
Door een druk op de toets (g) wordt de
functie continu verwarmen ingeschakeld.
De regelaar regelt de verwarming continu met
de op de draaiknop (k) ingestelde tempera-
tuur.
De bijbehorende rode controlelamp (f) brandt.
Ook het bijbehorende rode controlelampje (l)
brandt (behalve als de draaiknop (k) op
stand „5” staat).
De op de schakelklok ingestelde spaarstand
wordt genegeerd.
De functie „Continu verwarmen” blijft in stand
tot:
• de toets (g) nogmaals wordt ingedrukt;
de automatische functie is dan weer inge-
steld
of
• de toets (h) wordt ingedrukt; de spaar-
stand is dan ingesteld.
In beide gevallen gaat de bijbehorende rode
controlelamp (f) uit en de regelaar verwarmt
volgens de dan geldende temperatuur.
1
25
15
5
30
10
20°C
Pagina: 53
54
TR 100
Nederlands
Druk op deze toets als u bij wijze van
uitzondering later gaat slapen (bijvoorbeeld
na een feestje). Later weer terugschakelen
naar automatische functie.
Ook bij ziekte kan continu verwarmen aange-
naam zijn. Vergeet ook dan echter niet om te-
rug te schakelen naar automatische functie.
Tijdens de wintervakantie of in de zomer kan
gedurende lange tijd een lagere verwarming-
stemperatuur worden gekozen door de toets
continu verwarmen in te drukken en boven-
dien de temperatuur op de draaiknop (k) la-
ger in te stellen.
Toets „Spaarstand” (h)
Door een druk op de toets (h) wordt de
spaarstand ingeschakeld.
De regelaar regelt de verwarming continu met
de op de draaiknop „Spaartemperatuur” in-
gestelde temperatuur (zie voor de instelling
van de spaartemperatuur hoofdstuk 6.2.1).
De bijbehorende gele controlelamp (i) brandt.
De bijbehorende rode controlelamp (l) is uit.
De op de schakelklok ingestelde normale ver-
warmingsstand wordt genegeerd.
De functie „Spaarstand” blijft in stand tot:
• middernacht (00.00 uur)
of
• de toets (h) nogmaals wordt ingedrukt;
de automatische functie weer ingesteld
of
• de toets (g) wordt ingedrukt;
dan is continu verwarmen ingesteld.
In alle gevallen gaat de bijbehorende gele
controlelamp (i) uit en de regelaar verwarmt
volgens de dan geldende temperaturen.
Gebruik deze functie als u de woning
verlaat (bijvoorbeeld om boodschappen te
doen) en de woning niet meer hoeft worden
verwarmd. Zodra u terugkomt, drukt u de toets
(h) opnieuw in, de regelaar werkt weer vol-
gens de automatische functie en verwarmt
volgens de dan geldende temperatuur.
Als u uw woning 's avonds verlaat of een
keer vroeg naar bed gaat, drukt u op de knop
(h). De regelaar beëindigt de spaarstand om
middernacht en verwarmt de volgende morgen
als gewoonlijk met de automatische functie.
6.2 Het „2e bedieningsniveau”
Het „2e bedieningsniveau” is toegankelijk na
het openen van het klepje.
6.2.1Draaiknop
„Spaartemperatuur” (m)
Met de draaiknop (m) wordt de ruimtetem-
peratuur ingesteld waarmee de regelaar in de
automatische functie bij „Sparen” in de
„Spaarstand” (h) de verwarming moet rege-
len.
6.2.2 Algemene opmerkingen over de
klok
Dankzij de schakelkok kunt u eenmaal per
dag de verwarming op een vooraf bepaald
tijdstip automatisch laten inschakelen en een-
maal per dag op een vooraf bepaald tijdstip
automatisch laten uitschakelen. Deze beide
tijdstippen zijn voor alle dagen gelijk.
Tijd instellen ( )
In het display (e) verschijnt de actuele tijd (bij
ingebruikneming of als de stroom langdurig
onderbroken is geweest, verschijnt de in de
fabriek ingestelde tijd):
Als het klepje wordt geopend, wordt automa-
tisch de programmeermodus ingesteld. De
draaiknop (n) auf „ ” zetten.
De tijd wordt ingesteld door het indrukken van
de toetsen „-” (o) en „+” (p) eingestellt.
Door kort indrukken wordt de tijd met 1 minuut
versteld, door lang indrukken loop de tijd snel
vooruit of achteruit. Daarbij worden de secon-
den op „0” gezet. Zodra de toets wordt losge-
laten, loopt de tijd verder.
Als de toets niet wordt ingedrukt, loopt de tijd
ook verder.
Tijden voor 12.00 uur ('s middags) kun-
nen met de toets
„-” (o) sneller worden ingesteld.
Klepje sluiten als geen wijzigingen meer hoe-
ven worden uitgevoerd.
☞
Tip
☞
Tip
10 20
25
30
15°C
5
☞
Tip
Pagina: 54
TR 100
55
Nederlands
Begin van de verwarming ( )
instellen
Als het klepje wordt geopend, wordt automa-
tisch de programmeermodus ingesteld. De
draaiknop (n) op de stand (begin verwar-
ming) draaien.
In het display (e) verschijnt de laatst ingestel-
de tijd voor het begin van het verwarmen (bij
ingebruikneming of als de stroom langdurig
onderbroken is geweest, verschijnt de in de
fabriek ingestelde tijd voor het begin van het
verwarmen):
De gewenste tijd voor het begin van het ver-
warmen wordt ingesteld door het indrukken
van de toetsen „-” (o) en „+” (p) .
Door een korte druk op een toets wordt het
tijdstip voor het begin van het verwarmen met
10 minuten versteld. Als de toets langer wordt
ingedrukt, loopt het tijdstip snel vooruit of ach-
teruit.
Klepje sluiten als geen wijzigingen meer hoe-
ven worden uitgevoerd.
Begintijd van spaarstand ( )
instellen
Als het klepje wordt geopend, wordt automa-
tisch de programmeermodus ingesteld. De
draaiknop (n) op de stand draaien.
In het display (e) verschijnt de laatst ingestel-
de begintijd van de spaarstand (bij ingebruik-
neming of als de stroom langdurig onderbro-
ken is geweest, verschijnt de in de fabriek in-
gestelde begintijd van de spaarstand):
De gewenste begintijd van de spaarstand
wordt ingesteld door het indrukken van de
toetsen „-” (o) en „+” (p).
Door een korte druk op een toets wordt de be-
gintijd van de spaarstand met 10 minuten ver-
steld. Als langer wordt gedrukt, loopt het tijd-
stip snel vooruit of achteruit.
Klepje sluiten als geen wijzigingen meer hoe-
ven worden uitgevoerd.
6.3 Gangreserve
De schakelklok beschikt na minstens een dag
te zijn gebruikt over een gangreserve van ca.
2 uur. Als de stroom uitvalt, gaat het display
uit. Als de stroom weer terugkeert binnen de
gangreserve, zijn de aanduiding van de tijd,
en de begintijden van de verwarming en de
spaarstand weer beschikbaar.
Let erop dat de stroomvoorziening nooit
langer dan 2 uur wordt onderbroken (de ver-
warming in de zomer niet uitzetten, maar op
de regelaar een lage temperatuur instellen;
zie hoofdstuk 6.1.2 Advies voor continu ver-
warmen).
6.4 Zomer- en wintertijd instellen
Ga te werk zoals beschreven in het hoofdstuk
„Tijd instellen”.
De schakelpunten „Begin verwarmen” en „Be-
gin spaarstand” niet wijzigen!
6.5 Korte gebruiksaanwijzing
In het vak aan de rechterzijde van de sokkel
bevindt zich de korte gebruiksaanwijzing
waarin alle belangrijke zaken kort worden be-
schreven (afbeelding ).
6.6 Regelaar met aangesloten
ruimtetemperatuursensor RF 1
(toebehoren)
Als de ruimtetemperatuursensor RF 1 is aan-
gesloten, is de in de regelaar ingebouwde
sensor zonder functie. Daardoor is de tempe-
ratuur bij de externe ruimtetemperatuursensor
bepalend.
Gebruik de ruimtetemperatuursensor
als de meetomstandigheden op de montage-
plaats van de regelaar ongunstig zijn, zoals
rechtstreeks zonlicht, nabijheid van een
warmtebron, etc.
☞
Tip
2
☞
Tip
Pagina: 55
56
TR 100
Nederlands
6.7 Regelaar met aangesloten
afstandschakelaar
(extern)
Door deze extra schakelaar (niet door lever-
baar) kan de verwarming op afstand worden
ingeschakeld.
De meest gebruikelijke toepassing is met een
via de telefoon te bedienen afstandschake-
laar. Daarmee kan via elke telefoon door het
kiezen van een persoonlijke code de verwar-
ming worden ingeschakeld.
Voor het verlaten van het huis wordt op de re-
gelaar de functie ingesteld die bij terugkeer
wordt gewenst (automatisch of continu ver-
warmen).
Daarna wordt de afstandschakelaar gesloten.
De regelaar werkt in de stand „Sparen”. De
bijbehorende rode controlelamp (l) is uit.
Tegelijkertijd wordt in het display weergege-
ven:
Als de schakelaar wordt geopend (bijvoor-
beeld door een code via de telefoon), werkt de
regelaar met het eerder ingestelde program-
ma.
De woning is ook laat op de avond of
vroeg in de ochtend lekker warm als u de re-
gelaar voor het verlaten van uw huis in de
stand „Continu verwarmen” (g) zet en dan
pas de schakelaar sluit. Vergeet niet de rege-
laar na uw terugkeer weer op „Automatische
functie” te zetten.
Als u lang afwezig bent, dient u eraan te den-
ken dat een woning die langdurig koel is ge-
weest (muren etc.) vrij lang nodig heeft om
warm te worden. Schakel daarom de verwar-
ming op tijd in.
7 Melding van de regelaar
Afstandstoringsaanduiding
(niet bij alle verwarmingsapparaten)
Bij de verwarmingsapparaten met Bosch Hea-
tronic wordt een storing van het verwarmings-
apparaat doorgeven aan de regelaar.
Bij een storing van het verwarmingsapparaat
knippert het controlelampje (l).
Opmerking: Ga in dit geval te werk volgens
de aanwijzingen in de ge-
bruiksaanwijzing van het ver-
warmingsapparaat of neem
contact op met uw verwar-
mingsinstallateur.
☞
Tip
Pagina: 56
TR 100
57
Nederlands
8 Algemene opmerkingen
... en tips om energie te besparen:
Als de instellingen van de regelaar worden
veranderd, reageert de regelaar met een tijds-
vertraging. De processor vergelijkt elke 20 se-
conden alle gewenste en werkelijke waarden
en voert daarna de desbetreffende correcties
met de vereiste snelheid uit.
De ruimte (hoofdruimte) waarin de ruimtetem-
peratuurregelaar is ingebouwd bepaalt de
temperatuur voor de overige ruimten.
Dat betekent dat de ruimtetemperatuur in de
hoofdruimte de bepalende temperatuur voor
het complete verwarmingsnet is.
Daarom moeten thermostaatgeregelde ver-
warmingsradiatoren altijd geheel worden geo-
pend als deze in de hoofdruimte zijn gemon-
teerd. De thermostaatknoppen reduceren an-
ders de warmtetoevoer terwijl de regelaar om
steeds meer warmte vraagt (zie ook
hoofdstuk 4.1).
Als in de bijruimten een lagere temperatuur
wordt gewenst of de verwarmingsradiator ge-
heel moet worden uitgezet, moeten daar de
(thermostatische) radiatorknoppen overeen-
komstig worden ingesteld.
Omdat de ruimte waarin de ruimtetempera-
tuurregelaar is gemonteerd als regelruimte
werkt, kan externe warmte (zoals rechtstreeks
zonlicht of een warmtebron) leiden tot een on-
voldoende verwarming van de overige ruim-
ten (verwarming blijft koud). Voor het oplos-
sen van dit probleem kan als toebehoren de
ruimtetemperatuurregelaar RF 1 volgens de
aanwijzingen in hoofdstuk 2.2, hoofdstuk 5.1
en hoofdstuk 6.6 worden gebruikt.
Door het verlagen van de ruimtetemperatuur
overdag of 's nachts kan veel energie worden
bespaard.
Het verlagen van de ruimtetemperatuur met
1 K (°C) kan een energiebesparing van 5% tot
gevolg hebben.
Het is echter niet zinvol om de temperatuur in
een dagelijks verwarmde ruimte beneden
+15 °C te laten dalen. Als de ruimte de vol-
gende keer wordt verwarmd, wordt het ver-
warmen namelijk door de afgekoelde muren
vertraagd. Om een behaaglijke temperatuur
te krijgen wordt dan vaak een hogere tempe-
ratuur ingesteld en daardoor meer energie
verbruikt dan bij een gelijkmatige warmtetoe-
voer het geval zou zijn geweest.
Bij een goede warmte-isolatie van het gebouw
wordt mogelijkerwijs de ingestelde tempera-
tuur van de spaarstand niet bereikt. Toch
wordt energie bespaard, omdat de verwar-
ming uitgeschakeld blijft.
In dit geval kunt u ook het schakeltijdstip voor
het begin van de spaarstand eerder instellen.
Bij het ventileren het venster niet op een kier
laten staan. Daardoor wordt voortdurend
warmte aan de ruimte onttrokken zonder dat
de ruimtelucht noemenswaardig wordt verbe-
terd. Voorkom daarom permanente ventilatie.
Het is beter om kort, maar intensief te luchten
(raam geheel openen).
Tijdens het luchten temperatuurregelaar op
lagere waarde instellen.
Pagina: 57
58
TR 100
Nederlands
9 Fouten opsporen
Klacht Oorzaak Oplossing
Ingestelde ruimtetempera-
tuur wordt niet bereikt
Thermostaatknop(pen) in
montageruimte van de rege-
laar geïnstalleerd.
Thermostaatknop laten ver-
vangen door handmatig
bediende knop of thermo-
staatknop geheel openen.
Aanvoertemperatuurkeuze-
knop op verwarmingsappa-
raat te laag ingesteld
Keuzeknop voor aanvoertem-
peratuur hoger instellen
Ingestelde ruimtetempera-
tuur wordt overschreden
Montageplaats van de rege-
laar ongunstig, bijvoorbeeld
buitenmuur, vlakbij venster
of op plaats met tocht…
Betere montageplaats kiezen
(zie hoofdstuk Montage) of
externe ruimtetemperatuur-
sensor gebruiken (toebeho-
ren)
Te grote temperatuur-
schommelingen
Tijdelijke inwerking van
warmte op de regelaar, bij-
voorbeeld door zonlicht,
kunstlicht, televisietoestel,
haard etc.
Betere montageplaats kiezen
(zie hoofdstuk Montage) of
externe ruimtetemperatuur-
sensor gebruiken (toebeho-
ren)
Temperatuurstijging in
plaats van -daling
Actuele tijd op de schakelk-
lok verkeerd ingesteld
Instelling
controleren
In de spaarstand een te
hoge ruimtetemperatuur
Grote warmte
opslag van het gebouw
Begin van spaarstand vroeger
kiezen
Verkeerde
of geen regeling
Verkeerde bedrading van de
regelaar
Controleren of bedrading vol-
gens aansluitschema verloopt
en indien nodig wijzigen
Geen aanduiding of dub-
bele punt knippert niet
Stroom is gedurende zeer
korte tijd onderbroken
geweest
Hoofdschakelaar van het ver-
warmingsapparaat uit- en
weer inschakelen

Vragen & antwoorden

Er zijn (nog) geen vragen over de Bosch TR 100.

Stel een vraag over de Bosch TR 100

Heb je een vraag over de Bosch TR 100 en kan je het antwoord niet vinden in de gebruikershandleiding? Wellicht kunnen de bezoekers van ManualsCat.com je helpen om je vraag te beantwoorden. Door het formulier hieronder in te vullen zal je vraag verschijnen onder de handleiding van de Bosch TR 100. Let erop dat je het probleem dat je hebt met de Bosch TR 100 zo zorgvuldig mogelijk beschrijft. Hoe duidelijker je vraag omschreven is, hoe groter de kans is dat je snel een reactie ontvangt van een andere gebruiker. Via e-mail zal je automatisch op de hoogte gesteld worden als iemand gereageerd heeft op je vraag.