Bosch AKE 35 S handleiding

Bekijk hieronder de handleiding van de Bosch AKE 35 S. Alle handleidingen op ManualsCat.com zijn geheel gratis te bekijken. Via de knop 'Selecteer een taal' kan je kiezen in welke taal je de handleiding wilt bekijken.

  • Merk: Bosch
  • Product: Kettingzaag
  • Model/naam: AKE 35 S
  • Bestandstype: PDF
  • Beschikbare talen: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Inhoudsopgave

Pagina: 76
Nederlands - 1
Verklaring van de pictogrammen:
Lees de gebruiksaanwijzing.
Bescherm de machine tegen regen.
Trek de stekker altijd uit het stop-
contact voor instellings- en onder-
houdswerkzaamheden en altijd on-
middellijk wanneer de stroomkabel
beschadigd of doorgesneden wordt.
Draag bij het gebruik van het elektri-
sche gereedschap altijd een ge-
hoorbescherming en een veilig-
heidsbril.
De terugslagrem en de uitlooprem
stoppen de zaagketting binnen korte
tijd.
Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektri-
sche gereedschappen
Lees alle veiligheidswaar-
schuwingen en alle voor-
schriften. Als de waarschuwingen en voorschriften
niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische
schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle waarschuwingen en voorschriften
voor toekomstig gebruik.
Het in de waarschuwingen gebruikte begrip „elek-
trisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische
gereedschappen voor gebruik op het stroomnet
(met netsnoer) en op elektrische gereedschappen
voor gebruik met een accu (zonder netsnoer).
Veiligheid van de werkomgeving
■ Houd uw werkomgeving schoon en goed ver-
licht. Een rommelige of onverlichte werkomge-
ving kan tot ongevallen leiden.
■ Werk met het elektrische gereedschap niet in
een omgeving met explosiegevaar waarin
zich brandbare vloeistoffen, brandbare gas-
sen of brandbaar stof bevinden. Elektrische
gereedschappen veroorzaken vonken die het stof
of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
■ Houd kinderen en andere personen tijdens
het gebruik van het elektrische gereedschap
uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de
controle over het gereedschap verliezen.
Elektrische veiligheid
■ De aansluitstekker van het elektrische gereed-
schap moet in het stopcontact passen. De
stekker mag in geen geval worden veranderd.
Gebruik geen adapterstekkers in combinatie
met geaarde elektrische gereedschappen. On-
veranderde stekkers en passende stopcontacten
beperken het risico van een elektrische schok.
■ Voorkom aanraking van het lichaam met ge-
aarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen,
verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er
bestaat een verhoogd risico door een elektrische
schok wanneer uw lichaam geaard is.
■ Houd het gereedschap uit de buurt van regen
en vocht. Het binnendringen van water in het
elektrische gereedschap vergroot het risico van
een elektrische schok.
■ Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel,
om het elektrische gereedschap te dragen of
op te hangen of om de stekker uit het stop-
contact te trekken. Houd de kabel uit de buurt
van hitte, olie, scherpe randen en bewegende
gereedschapdelen. Beschadigde of in de war
geraakte kabels vergroten het risico van een
elektrische schok.
■ Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereed-
schap werkt, dient u alleen verlengkabels te
gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn
goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik
buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het
risico van een elektrische schok.
■ Als het gebruik van het elektrische gereed-
schap in een vochtige omgeving onvermijde-
lijk is, dient u een aardlekschakelaar te ge-
bruiken. Het gebruik van een aardlekschakelaar
vermindert het risico van een elektrische schok.
Veiligheid van personen
■ Wees alert, let goed op wat u doet en ga met
verstand te werk bij het gebruik van het elek-
trische gereedschap. Gebruik geen elektrisch
gereedschap wanneer u moe bent of onder in-
vloed staat van drugs, alcohol of medicijnen.
Een moment van onoplettendheid bij het gebruik
van het elektrische gereedschap kan tot ernstige
verwondingen leiden.
■ Draag persoonlijke beschermende uitrusting.
Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van
persoonlijke beschermende uitrusting zoals een
stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veilig-
heidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk
van de aard en het gebruik van het elektrische
gereedschap, vermindert het risico van verwon-
dingen.
■ Voorkom per ongeluk inschakelen. Contro-
leer dat het elektrische gereedschap uitge-
schakeld is voordat u de stekker in het stop-
contact steekt of de accu aansluit en voordat
u het gereedschap oppakt of draagt. Wanneer
u bij het dragen van het elektrische gereedschap
uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u
het gereedschap ingeschakeld op de stroom-
voorziening aansluit, kan dit tot ongevallen lei-
den.
Veiligheidsvoorschriften
WAARSCHUWING
F 016 L70 540.book Seite 1 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
77 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 77
Nederlands - 2
■ Verwijder instelgereedschappen of schroefs-
leutels voordat u het elektrische gereedschap
inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in
een draaiend deel van het gereedschap kan tot
verwondingen leiden.
■ Voorkom een onevenwichtige lichaamshou-
ding. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds
in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het elektri-
sche gereedschap in onverwachte situaties beter
onder controle houden.
■ Draag geschikte kleding. Draag geen loshan-
gende kleding of sieraden. Houd haren, kle-
ding en handschoenen uit de buurt van bewe-
gende delen. Loshangende kleding, lange haren
en sieraden kunnen door bewegende delen wor-
den meegenomen.
■ Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoor-
zieningen kunnen worden gemonteerd, dient
u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aan-
gesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik
van een stofafzuiging beperkt het gevaar door
stof.
Zorgvuldige omgang met en zorgvuldig gebruik
van elektrische gereedschappen
■ Overbelast het gereedschap niet. Gebruik
voor uw werkzaamheden het daarvoor be-
stemde elektrische gereedschap. Met het pas-
sende elektrische gereedschap werkt u beter en
veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbe-
reik.
■ Gebruik geen elektrisch gereedschap waar-
van de schakelaar defect is. Elektrisch gereed-
schap dat niet meer kan worden in- of uitgescha-
keld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
■ Trek de stekker uit het stopcontact of neem de
accu uit het elektrische gereedschap voordat
u het gereedschap instelt, toebehoren wisselt
of het gereedschap weglegt. Deze voorzorgs-
maatregel voorkomt onbedoeld starten van het
elektrische gereedschap.
■ Bewaar niet-gebruikte elektrische gereed-
schappen buiten bereik van kinderen. Laat het
gereedschap niet gebruiken door personen
die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwij-
zingen niet hebben gelezen. Elektrische ge-
reedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door
onervaren personen worden gebruikt.
■ Verzorg het elektrische gereedschap zorgvul-
dig. Controleer of bewegende delen van het
gereedschap correct functioneren en niet
vastklemmen en of onderdelen zodanig ge-
broken of beschadigd zijn dat de werking van
het elektrische gereedschap nadelig wordt
beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen
voor het gebruik repareren. Veel ongevallen
hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elek-
trische gereedschappen.
■ Houd snijdende inzetgereedschappen scherp
en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende
inzetgereedschappen met scherpe snijkanten
klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker
te geleiden.
■ Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren,
inzetgereedschappen en dergelijke volgens
deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeids-
omstandigheden en de uit te voeren werk-
zaamheden. Het gebruik van elektrische gereed-
schappen voor andere dan de voorziene toepas-
singen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
Service
■ Laat het elektrische gereedschap alleen repa-
reren door gekwalificeerd en vakkundig per-
soneel en alleen met originele vervangings-
onderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat
de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
Veiligheidsvoorschriften voor kettingzagen:
■ Houd bij een lopende zaag alle lichaamsdelen
uit de buurt van de zaagketting. Controleer
voor het starten van de zaag dat de zaagket-
ting niets aanraakt. Bij werkzaamheden met
een kettingzaag kan een moment van onoplet-
tendheid ertoe leiden dat kleding of lichaamsde-
len door de zaagketting worden meegenomen.
■ Houd het elektrische gereedschap alleen aan
de geïsoleerde greepvlakken vast, aangezien
de zaagketting in aanraking met het netsnoer
van het gereedschap kan komen. Contact van
de zaagketting met een spanningvoerende lei-
ding kan metalen delen van het gereedschap on-
der spanning zetten en tot een elektrische schok
leiden.
■ Houd de kettingzaag altijd met uw rechter-
hand aan de achterste greep en uw linkerhand
aan de voorste greep vast. Als u de kettingzaag
omgekeerd vasthoudt, loopt u een hoger risico op
letsel. Houd de kettingzaag daarom alleen zoals
voorgeschreven vast.
■ Draag een veiligheidsbril en gehoorbescher-
ming. Overige beschermende uitrusting voor
hoofd, handen, benen en voeten wordt gead-
viseerd. Passende beschermende kleding ver-
mindert het verwondingsgevaar door rondvlie-
gend spaanmateriaal en toevallig aanraken van
de zaagketting.
■ Werk met de kettingzaag niet op een boom. Bij
gebruik van een kettingzaag op een boom be-
staat verwondingsgevaar.
■ Let er altijd op dat u stevig staat. Gebruik de
kettingzaag alleen als u op een stevige en
vlakke ondergrond staat. Als u op een gladde
ondergrond of niet stabiel staat, bijvoorbeeld op
een ladder, kunt u uw evenwicht en de controle
over de kettingzaag verliezen.
F 016 L70 540.book Seite 2 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
78 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 78
Nederlands - 3
■ Houd er bij het afzagen van een onder span-
ning staande tak rekening mee dat deze terug-
veert. Als de spanning in de houtvezels vrijkomt,
kan de gespannen tak de bediener raken, of kan
deze de bediener de controle over de kettingzaag
doen verliezen.
■ Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen van
laag houtgewas en jonge bomen. Het dunne
materiaal kan in de zaagketting blijven hangen en
op u slaan of u uit het evenwicht brengen.
■ Draag de kettingzaag aan de voorste greep in
uitgeschakelde toestand. De zaagketting
moet van uw lichaam afgewend zijn. Breng al-
tijd de veiligheidsafscherming aan voordat u
de kettingzaag vervoert of opbergt. Een zorg-
vuldige omgang met de kettingzaag vermindert
de kans op per ongeluk aanraken van de lopende
zaagketting.
■ Volg de aanwijzingen voor het smeren, de
kettingspanning en het wisselen van toebeho-
ren op. Een onjuist gespannen of gesmeerde
ketting kan breken of het terugslagrisico verho-
gen.
■ Houd handgrepen droog, schoon en vrij van
olie en vet. Vettige grepen met olie zijn glad en
leiden tot het verlies van de controle over de ket-
tingzaag.
■ Zaag alleen hout. Gebruik de kettingzaag niet
voor werkzaamheden waarvoor deze niet be-
stemd is. Bijvoorbeeld: Gebruik de ketting-
zaag niet voor het zagen van plastic, metsel-
werk of bouwmaterialen die niet van hout zijn.
Het gebruik van de kettingzaag voor werkzaam-
heden waarvoor deze niet bestemd is, kan tot ge-
vaarlijke situaties leiden.
Oorzaken en voorkoming van een terugslag:
– Terugslag kan optreden als de punt van de gelei-
dingsrail een voorwerp raakt of als het hout buigt
en de zaagketting in de groef wordt vastgeklemd.
– Een aanraking met de punt van de geleidingsrail
kan in veel gevallen tot een onverwachte en naar
achteren gerichte actie leiden, waarbij de gelei-
dingsrail omhoog en in de richting van de bedie-
ner wordt geslagen.
– Het vastklemmen van de zaagketting aan de bo-
venkant van de geleidingsrail kan de geleidings-
rail abrupt in de richting van de bediener terugsto-
ten.
– Elk van deze reacties kan ertoe leiden dat u de
controle over de zaag verliest en u zich mogelijk
ernstig verwondt. Vertrouw niet uitsluitend op de
in de kettingzaag ingebouwde veiligheidsvoorzie-
ningen. Als gebruiker van een kettingzaag dient u
verschillende maatregelen te treffen om zonder
ongevallen en zonder verwondingen te kunnen
werken.
Een terugslag is het gevolg van het verkeerd gebruik
of onjuiste gebruiksomstandigheden van het elektri-
sche gereedschap. Terugslag kan worden voorko-
men door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals
hieronder beschreven:
■ Houd de zaag met beide handen vast, waarbij
duim en vinger de grepen van de kettingzaag
omsluiten. Neem een zodanige lichaamshou-
ding in en houd uw armen in een zodanige po-
sitie, dat u stand kunt houden ten opzichte
van de terugslagkrachten. Als geschikte maat-
regelen worden getroffen, kan de bediener de te-
rugslagkrachten beheersen. Laat de kettingzaag
nooit los.
■ Voorkom een abnormale lichaamshouding en
zaag niet boven schouderhoogte. Daardoor
wordt per ongeluk aanraken met punt van de ket-
tinggeleider voorkomen en kan de kettingzaag in
onverwachte situaties beter onder controle wor-
den gehouden.
■ Gebruik altijd de door de fabrikant voorge-
schreven vervangende kettinggeleiders en
zaagkettingen. Verkeerde vervangende ketting-
geleiders en zaagkettingen kunnen tot ketting-
breuk en terugslag leiden.
■ Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant
voor het slijpen en het onderhoud van de
zaagketting. Te lage dieptebegrenzers verhogen
de neiging tot terugslag.
Extra waarschuwingen:
■ De gebruiker wordt geadviseerd, zich voor het
eerste gebruik door een ervaren vakman te laten
instrueren over de bediening van de kettingzaag
en het gebruik van beschermende uitrusting, aan
de hand van praktische voorbeelden. Als eerste
oefening dient het zagen van boomstammen op
een zaagbok of onderstel plaats te vinden.
■ Dit gereedschap mag niet worden gebruikt door
personen (inclusief kinderen) met een lichame-
lijke of geestelijke beperking, met een beperkt ge-
zichts- of gehoorvermogen, of zonder de vereiste
ervaring en kennis, indien op hen geen toezicht
wordt gehouden door een voor hun veiligheid ver-
antwoordelijke persoon, resp. indien zij niet ten
aanzien van de omgang met het gereedschap
worden geïnstrueerd.
Houd toezicht op kinderen en zorg ervoor dat zij
niet met het gereedschap spelen.
■ Kinderen en jongeren, met uitzondering van
jongeren in opleiding van 16 jaar en ouder on-
der toezicht, mogen de kettingzaag niet bedie-
nen. Hetzelfde geldt voor personen die niet of
onvoldoende vertrouwd zijn met de omgang
met de kettingzaag. De gebruiksaanwijzing
moet altijd binnen handbereik zijn. Personen die
oververmoeid of niet lichamelijk belastbaar zijn,
mogen de kettingzaag niet bedienen.
F 016 L70 540.book Seite 3 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
79 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 79
Nederlands - 4
De machine is bestemd voor het vellen van bomen
en het zagen van stammen, takken, houten balken,
planken etc. en kan worden gebruikt voor schulpen
(in de lengte van de houtnerf) en afkorten (dwars op
de houtnerf). Deze machine is niet geschikt voor het
zagen van minerale materialen.
Dit handboek bevat voorschriften over de juiste
montage en het veilig gebruik van uw kettingzaag.
Het is belangrijk dat u deze aanwijzingen zorgvuldig
leest.
Neem alle delen van de machine voorzichtig uit de
verpakking en controleer deze op volledigheid:
– Kettingzaag
– Afscherming
– Zaagketting
– Zwaard
– Olietankdop
– Kettingbescherming
– Gebruiksaanwijzing
Neem contact op met uw leverancier wanneer onderdelen
ontbreken of beschadigd zijn.
1 Achterste handgreep
2 Aan /uitschakelaar
3 Inschakelblokkering
4 Olietankdop
5 Activering van kettingrem (handbescherming)
6 Voorste handgreep
7 Omkeerster (alleen AKE 35/40 S)
8 Kettingbescherming
9 Zaagketting
10 Zwaard
11 Klauwaanslag
12 Blokkeerknop
13 Afscherming
14 Kettingspanknop
15 Verlengkabel*
16 Netstekker**
17 Serienummer
Technische gegevens
Kettingzaag AKE 30 S AKE 35 S AKE 40 S
Bestelnummer 3 600 H34 4.. 3 600 H34 5.. 3 600 H34 6..
Opgenomen vermogen [W] 1800 1800 1800
Kettingsnelheid (bij onbelast lopen) [m/s] 9 9 9
Zwaardlengte [cm] 30 35 40
Spannen van de ketting zonder hulpgereed-
schap (SDS) ● ● ●
Omkeerster – ● ●
Terugslagrem ● ● ●
Type zaagketting 3/8" - 90 3/8" - 90 3/8" - 90
Kettingschakeldikte [mm] 1,1 (0,043") 1,1 (0,043") 1,1 (0,043")
Aantal kettingschakels 45 52 57
Inhoud olievoorraadreservoir [ml] 200 200 200
Automatische kettingsmering ● ● ●
Klauwaanslag ● ● ●
Gewicht zonder netsnoer, ca. ** [kg] 3,9 4,0 4,1
Veiligheidsklasse / II / II / II
**gemeten met rail en ketting
Opmerking: Let op het zaaknummer op het typeplaatje van het gereedschap. De handelsbenamingen van afzonderlijke ge-
reedschappen kunnen afwijken.
Inschakeling veroorzaakt een kortdurende spanningsdaling. Bij ongunstige voorwaarden van het stroomnet kunnen nade-
lige gevolgen voor andere machines of apparaten optreden. Bij netimpedanties van minder dan 0,25 ohm treden waar-
schijnlijk geen storingen op.
Gebruik volgens bestemming
Inleiding
Meegeleverd
Afgebeelde componenten
F 016 L70 540.book Seite 4 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
80 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 80
Nederlands - 5
18 Kettingvangbout
19 Kettingwiel
20 Bevestigingsbout
21 Looprichting- en snijrichtingsymbool
22 Oliesproeier
23 Zwaardgeleidingsbrug
24 Kettingspanbout
25 Oliepeilindicatie
26 Ventilatieopeningen
**verschilt per land
*In de gebruiksaanwijzing afgebeeld en beschreven
toebehoren wordt niet altijd standaard meegeleverd.
Elektrische veiligheid
Uw machine is voor extra veiligheid geïsoleerd en
heeft geen aarding nodig. De bedrijfsspanning be-
draagt 230 V AC, 50 Hz (voor niet-EU-landen 220 V
of 240 V, afhankelijk van de uitvoering). Gebruik al-
leen goedgekeurde verlengkabels. Er mogen alleen
verlengkabels van het type H07-F of IEC
(60227 IEC 53) worden gebruikt.
Als u verlengkabels voor het gereedschap gebruikt,
moeten dat kabels met de volgende aderdiameters
zijn:
– 1,0 mm2: maximale lengte 40 m
– 1,5 mm2: maximale lengte 60 m
– 2,5 mm2: maximale lengte 100 m
Voor nog meer veiligheid wordt het gebruik van een
foutstroomschakelaar (reststroomapparaat) met
een afslagstroom van maximaal 30 mA geadvi-
seerd. De foutstroomschakelaar moet voor elk ge-
bruik worden gecontroleerd.
Opmerking voor producten die niet in Groot-Brit-
tannië worden verkocht:
LET OP: Voor uw veiligheid is het nodig dat de aan
de machine aangebrachte stekker 16 zoals op de af-
beelding weergegeven met de verlengkabel 15
wordt verbonden.
De stekker van de verlengkabel moet tegen spatwa-
ter bestemd zijn en uit rubber bestaan of met rubber
bekleed zijn.
De verlengkabel moet met een trekontlasting wor-
den gebruikt.
De aansluitkabel moet regelmatig op beschadigin-
gen worden gecontroleerd en mag alleen in een
goede toestand worden gebruikt.
Wanneer de aansluitkabel beschadigd is, mag deze
alleen door een erkende Bosch-werkplaats worden
gerepareerd.
Sluit de kettingzaag pas na volledige mon-
tage aan op het stroomnet.
Draag altijd werkhandschoenen bij de omgang
met de zaagketting.
Montage van zwaard en zaagketting
1. Pak alle delen voorzichtig uit.
2. Leg de kettingzaag neer op een recht oppervlak.
3. Leg de zaagketting 9 in de rondlopende sleuf van
het zwaard 10. Let op de juiste looprichting. Ver-
gelijk de ketting met het looprichtingsymbool 21.
4. Leg de kettingschakels om het kettingwiel 19 en
breng het zwaard 10 zo aan dat de bevestigings-
bouten 20 en de beide zwaardgeleidingsbrug-
gen 23 in het langgat van het zwaard 10 en de
kettingspanbout 24 in het bijbehorende gat van
het zwaard 10 grijpen. Draai indien nodig de ket-
tingspanknop 14 iets om de kettingspanbout 24
op één lijn met het gat van het zwaard 10 te bren-
gen. Controleer of alle delen goed geplaatst zijn
en houd het zwaard met de ketting in deze stand.
(zie afbeelding )
5. Draai de kettingspanknop 14 zo ver tot de zaag-
ketting slechts licht gespannen is.
6. Breng de afscherming 13 nauwkeurig aan.
(zie afbeelding )
7. Schroef de vastzetknop 12 handvast op de be-
vestigingsbout 20. (zie afbeelding )
Als de blokkeerknop te vast wordt aange-
draaid, kan de zaagketting tijdens het ge-
bruik spanning verliezen.
De vastzetknop mag het blad slechts licht
vastklemmen.
Zaagketting spannen
Controleer de kettingspanning voor het begin van de
werkzaamheden, na de eerste keren zagen en tij-
dens het zagen regelmatig elke 10 minuten. In het
bijzonder bij nieuwe zaagkettingen moet in het begin
met verslapping worden gerekend.
Voor uw veiligheid
Let op! Schakel de kettingzaag uit en trek de
stekker uit het stopcontact voor onderhouds-
en reinigingswerkzaamheden en wanneer de
kabel doorgesneden, beschadigd of in de war
is.
Voorzichtig! Raak de ronddraaiende ketting
niet aan.
Gebruik de kettingzaag in geen geval in de
buurt van personen, kinderen of dieren en
evenmin na het gebruik van alcohol, drugs of
verdovende medicijnen.
Montage en zaagketting
spannen
A1 A2 A3
A1
A2
A3
A1 A2 A3 C
F 016 L70 540.book Seite 5 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
81 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 81
Nederlands - 6
De levensduur van de zaagketting is in grote mate
afhankelijk van voldoende smering en juiste span-
ning.
Span de zaagketting niet wanneer deze zeer heet is,
omdat de ketting na het afkoelen samentrekt en dan
te strak op het zwaard ligt.
1. Leg de kettingzaag neer op een recht oppervlak.
2. Controleer of de kettingschakels goed in de gelei-
dingssleuf van het zwaard 10 en op het ketting-
wiel 19 liggen.
3. Draai de vastzetknop 12 slechts zo ver los dat het
zwaard nog in de juiste stand wordt gehouden
(verwijder de vastzetknop niet!).
4. Draai de kettingspanknop 14 in de richting van de
wijzers van de klok tot de juiste kettingspanning is
bereikt. Bij het draaien wordt het zwaard 10 door
de kettingspanbout 24 naar voren geduwd.
5. De zaagketting 9 is correct gespannen wanneer
deze in het midden ca. 5 – 10 mm kan worden op-
getild. Dit moet met één hand gebeuren door het
omhoogtrekken van de zaagketting tegen het ei-
gen gewicht van de machine.
6. Als de zaagketting 9 te sterk gespannen is, draait
u de kettingspanknop 14 iets tegen de richting
van de wijzers van de klok en controleert u de ket-
tingspanning nogmaals. Stel indien nodig de ket-
tingspanning bij, zoals beschreven.
7. Schroef de vastzetknop 12 handvast op de be-
vestigingsbout 20.
Als de blokkeerknop te vast wordt aange-
draaid, kan de zaagketting tijdens het ge-
bruik spanning verliezen.
De vastzetknop mag het blad slechts licht
vastklemmen.
Belangrijk: De kettingzaag wordt niet met
zaagkettinghechtolie gevuld geleverd. Het
is belangrijk om de kettingzaag voor ge-
bruik met olie te vullen. Het gebruik van de
kettingzaag zonder zaagkettinghechtolie
of bij een oliepeil onder de minimummar-
kering leidt tot beschadiging van de ket-
tingzaag.
De levensduur en de snijcapaciteit van de ketting
hangt af van de optimale smering. Daarom wordt tij-
dens het gebruik de zaagketting door middel van de
oliesproeier 22 automatisch met zaagkettinghecht-
olie gesmeerd.
Olietank vullen:
– Plaats de kettingzaag met de olietankdop 4 naar
boven op een geschikte ondergrond.
– Maak met een doek de omgeving van de olie-
tankdop 4 schoon, schroef de dop los en verwij-
der deze.
– Vul de olietank met biologisch afbreekbare
Bosch-zaagkettinghechtolie.
– Let erop dat er geen vuil in de olietank terecht-
komt. Breng de olietankdop 4 weer aan en sluit
af.
Belangrijk: Om uitwisseling van lucht tus-
sen olietank en omgeving mogelijk te ma-
ken, zijn er kleine openingen in de olie-
tankdop. Zet de zaag, wanneer u deze niet
gebruikt, altijd horizontaal neer, om uitlo-
pen van olie te voorkomen (olietankdop 4
wijst omhoog).
Gebruik uitsluitend de geadviseerde, biologisch
afbreekbare hechtolie om beschadiging van de
kettingzaag te voorkomen. Gebruik nooit gere-
cyclede olie of oude olie. Bij gebruik van
niet-toegelaten olie vervalt de garantie.
Let op de netspanning! De spanning van de
stroombron moet overeenkomen met de gegevens
op het typeplaatje. Met 230 V aangeduide machines
kunnen ook worden gebruikt met een spanning van
220 V.
In- en uitschakelen
Houdt de kettingzaag vast zoals beschreven bij
„Werkzaamheden met de kettingzaag”.
Als u de machine wilt inschakelen, drukt u op de in-
schakelblokkering 3, vervolgens drukt u de aan/uit-
schakelaar 2 helemaal in en houdt u de schakelaar
in deze stand vast. De inschakelblokkering 3 kunt u
nu loslaten.
Als u de machine wilt uitschakelen, laat u de aan/
uit-schakelaar 2 los.
Na het zagen mag de kettingzaag niet worden ge-
stopt door het bedienen van de voorste handbe-
scherming (activeren van de terugslagrem).
De kettingrem is een beschermingsmechanisme
dat bij terugslag van de machine wordt geactiveerd
door het naar voren duwen van handbescherming 5.
De ketting stopt binnen korte tijd.
Voer van tijd tot tijd een functietest uit. Schuif de
voorste handbescherming 5 naar voren (positie ➋)
en schakel de kettingzaag kort in. De ketting mag
niet aanlopen. Als u de kettingrem weer wilt ontgren-
delen, laat u de aan/uit-schakelaar 2 los en trekt u
de voorste handbescherming 5 terug (positie ➊).
Kettingsmering
B
Ingebruikneming
Terugslagrem
D
F 016 L70 540.book Seite 6 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
82 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 82
Nederlands - 7
Voor het zagen
Voor de ingebruikneming en regelmatig tijdens het
zagen moeten de volgende controles worden uitge-
voerd:
– Verkeert de kettingzaag in een functieveilige toe-
stand?
– Is de olietank gevuld? Controleer de oliepeil-
aanduiding 25 voor de werkzaamheden en regel-
matig tijdens de werkzaamheden. Vul olie bij
wanneer het oliepeil de onderkant van het peil-
glas bereikt heeft. De vulling is voldoende voor
ca. 15 minuten, afhankelijk van de pauzes en de
intensiteit van de werkzaamheden.
– Is de ketting juist gespannen en scherp genoeg?
Controleer de kettingspanning tijdens het zagen
elke 10 minuten. In het bijzonder bij nieuwe zaag-
kettingen moet met vergroting worden gerekend.
De toestand van de zaagketting beïnvloedt de
zaagcapaciteit in belangrijke mate. Alleen
scherpe kettingen beschermen tegen overbelas-
ting.
– Is de kettingrem ontgrendeld en haar werking ge-
waarborgd?
– Draagt u de vereiste beschermende uitrusting?
Gebruik een veiligheidsbril en gehoorbescher-
ming. Overige beschermende uitrusting voor uw
hoofd, handen, benen en voeten wordt aanbevo-
len. Geschikte beschermende kleding vermindert
het verwondingsgevaar van wegvliegend materi-
aal en het onbedoeld aanraken van de zaagket-
ting.
Terugslag van de zaag
Terugslag van de zaag is het plotseling omhoog- of
terugslaan van de lopende kettingzaag, dat kan op-
treden bij aanraking van de zwaardpunt met het
zaagmateriaal of bij een vastklemmende ketting.
Wanneer zaagterugslag optreedt, reageert de ma-
chine op onoverzienbare wijze en kan deze ernstige
verwondingen veroorzaken bij de bediener of bij per-
sonen in de werkomgeving.
Zijwaarts zagen, schuin zagen en in de lengte zagen
moet met bijzondere voorzichtigheid gebeuren om-
dat de klauwaanslag 11 hierbij niet kan worden toe-
gepast.
Ter voorkoming van zaagterugslag:
– Zet de kettingzaag zo vlak mogelijk aan.
– Werk nooit met een losse, verslapte of sterk ver-
sleten zaagketting.
– Scherp de zaagketting zoals voorgeschreven.
– Zaag nooit boven schouderhoogte.
– Zaag nooit met de punt van het zwaard.
– Houd de kettingzaag altijd stevig met beide han-
den vast.
– Gebruik altijd een terugslagremmende
Bosch-zaagketting.
– Gebruik de klauwaanslag 11 als hefboom.
– Let op de juiste kettingspanning.
Algemene werkwijze
Houd de kettingzaag altijd met beide handen
vast. Houd uw linkerhand vast aan de voorste hand-
greep en uw rechterhand aan de achterste hand-
greep. Omsluit de grepen altijd met duim en vingers.
Zaag nooit eenhandig. Geleid de stroomkabel altijd
naar achteren en houd deze buiten het bereik van
de zaagketting en het zaagmateriaal. Positioneer de
stroomkabel zo, dat deze zich niet in grote of kleine
takken kan vastgrijpen.
Gebruik de kettingzaag alleen wanneer u stevig
staat. Houd de kettingzaag iets rechts van het eigen
lichaam.
De ketting moet voor het contact met het hout op
volle snelheid zijn. Gebruik daarbij de klauwaan-
slag 11 voor het vastzetten van de kettingzaag op
het hout. Gebruik de klauwaanslag tijdens het zagen
als hefboom.
Zet bij het zagen van dikke takken of stammen de
klauwaanslag op een lager punt neer. Trek daarvoor
de kettingzaag terug om de klauwaanslag los te ma-
ken en deze opnieuw lager aan te zetten. Haal de
zaag daarbij niet uit de inzaging.
Druk bij het zagen niet met kracht op de zaagketting,
maar zorg met de klauwaanslag 11 voor een lichte
hefboomdruk.
Gebruik de kettingzaag nooit met gestrekte ar-
men. Probeer niet op moeilijk bereikbare plaatsen te
zagen, of staand op een ladder. Zaag nooit boven
schouderhoogte.
De beste zaagresultaten worden bereikt wanneer de
kettingsnelheid niet door overbelasting daalt.
Voorzichtig aan het einde van de inzaging. Zodra de
zaag loskomt, verandert de gewichtskracht onver-
wacht. Er bestaat kans op ongevallen voor benen en
voeten.
Trek de zaag alleen met lopende zaagketting uit de
inzaging.
Boomstammen zagen
Let op de volgende veiligheidsvoorschriften:
Leg de stam neer zoals op de afbeelding
weergegeven en ondersteun deze zo dat de inza-
ging niet sluit en de zaagketting niet vastklemt.
Stel korte houtstukken in en klem deze vast voor het
zagen.
Werkzaamheden met de
kettingzaag
B
D
D
E
F
G
E H
F 016 L70 540.book Seite 7 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
83 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 83
Nederlands - 8
Zaag alleen voorwerpen van hout. Voorkom het
aanraken van stenen en spijkers, omdat deze om-
hoog geslingerd kunnen worden, de zaagketting
kunnen beschadigen of ernstige verwondingen bij
de gebruiker of omstanders kunnen veroorzaken.
Raak met de lopende zaag geen draadafrasteringen
of de vloer aan.
De zaag is niet geschikt voor het snoeien van dunne
takken.
Zagen in lengterichting dient met bijzondere zorgvul-
digheid te gebeuren, omdat de klauwaanslag 11
dan niet kan worden gebruikt. Houd de zaag in een
vlakke hoek om terugslag van de zaag te voorko-
men.
Bewerk bij zaagwerkzaamheden op een helling al-
tijd stammen van bovenaf of opzij staand of liggend
zaagmateriaal.
Let wegens gevaar voor struikelen op boomstron-
ken, takken, wortels en dergelijke.
Zagen van hout onder spanning
Bij het zagen van onder spanning staand hout en
onder spanning staande takken en bomen bestaat
een verhoogde kans op ongevallen. Hier is uiterste
voorzichtigheid geboden. Zulke werkzaamheden
mogen alleen worden uitgevoerd door een vak-
man.
Wanneer hout aan beide zijden wordt ondersteund,
eerst van boven (Y) een derde gedeelte van de dia-
meter door de stam zagen en vervolgens van onde-
ren (Z) op dezelfde plaats de stam doorzagen om
splinteren en vastklemmen van de zaag te voorko-
men. Voorkom daarbij contact van de zaagketting
met de grond. Wanneer hout slechts aan één zijde
wordt ondersteund, eerst van onderen (Y) een
derde van de diameter naar boven zagen en vervol-
gens op dezelfde plaats van boven (Z) de stam
doorzagen om splinteren en vastklemmen van de
zaag te voorkomen.
Bomen vellen
Draag altijd een helm om beschermd te
zijn tegen vallende takken.
Met de kettingzaag mogen alleen bomen worden
geveld waarvan de stamdiameter kleiner is dan
de lengte van het zwaard.
➊ Scherm de werkomgeving af. Let erop dat zich
geen personen of dieren ophouden in de buurt
waar de boom valt.
Probeer nooit om een vastgeklemde zaag met
een lopende motor vrij te krijgen. Gebruik hou-
ten spieën om de zaagketting te bevrijden.
Als u met twee of meer personen tegelijkertijd zaagt
en velt, houd dan als afstand tussen de vellende en
de zagende personen minstens de dubbele hoogte
aan van de te vellen boom. Let er bij het vellen van
bomen op, dat u andere personen niet blootstelt aan
gevaar, u geen leidingen raakt en geen materiële
schade veroorzaakt. Als een boom met een stroom-
leiding in aanraking komt, breng dan direct de ener-
giemaatschappij hiervan op de hoogte.
Stel u als bediener van de kettingzaag, bij zaag-
werkzaamheden op een helling, boven de te vellen
boom op, omdat de boom na de val waarschijnlijk
bergaf zal rollen of glijden.
➋ Voor het vellen dient een vluchtweg te worden ge-
pland en wanneer nodig vrijgemaakt te worden. De
vluchtweg dient van de te verwachten vallijn schuin
naar achteren weg te leiden.
➌ Houd voor het vellen rekening met de natuurlijke
helling van de boom, de plaats van grote takken en
de windrichting, om de valrichting van de boom te
kunnen beoordelen. Verwijder vuil, stenen, losse
schors, spijkers, nieten en draad van de boom.
Inkepingen zagen: Zaag haaks op de valrichting
een kerf (X – W) met een diepte van 1/3 van de
boomdiameter. Zaag eerst de onderste horizontale
inkeping. Hierdoor voorkomt u het vastklemmen van
de kettingzaag of van de geleidingsrails bij het za-
gen van de tweede inkeping.
Inkeping voor het vellen van de boom zagen:
Zaag de inkeping (Y) voor het vellen van de boom
minstens 50 mm boven de horizontale inkeping.
Zaag de inkeping voor het vellen van de boom paral-
lel aan de horizontale inkeping. Zaag de inkeping
slechts zo diep in, dat er nog een verbindingsstuk
(valrand) blijft staan, dat als scharnier kan werken.
Het verbindingsstuk verhindert, dat de boom draait
en in de verkeerde richting valt. Zaag het verbin-
dingsstuk niet door.
Als de inkeping voor het vellen van de boom in de
buurt van het verbindingsstuk komt, moet de boom
met vallen beginnen. Als het erop lijkt, dat de boom
mogelijkerwijs niet in de gewenste richting valt of te-
rugbuigt en de zaagketting vastklemt, onderbreekt u
het zagen van de inkeping voor het vellen van de
boom en gebruikt u een spie van hout, kunststof of
aluminium om de inkeping te openen en om de
boom in de gewenste valrichting te doen omslaan.
Als de boom begint te vallen, verwijdert u de ketting-
zaag uit de inkeping, schakelt u de zaag uit, legt u
deze neer en verlaat u het gevarenbereik via de ge-
plande vluchtroute. Let op naar beneden vallende
takken en struikel niet.
Door het indrijven van een spie (Z) in de zaaglijn
moet de boom nu ten val worden gebracht.
Let wanneer de boom begint te vallen op naar bene-
den vallende takken en twijgen.
Takken van de gevelde boom afzagen
Laat grote, naar beneden gerichte takken eerst
nog staan wanneer u takken van de gevelde boom
afzaagt. Zaag kleine takken in één keer af, zoals op
de afbeelding getoond. Zaag onder spanning
staande takken van onderen naar boven om vast-
klemmen van de zaag te voorkomen.
H
I
K
F 016 L70 540.book Seite 8 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
84 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 84
Nederlands - 9
Boomstam in stukken zagen
Zorg ervoor dat u stevig staat en verdeel uw li-
chaamsgewicht gelijkmatig over beide voeten wan-
neer u de gevelde boomstam in stukken zaagt. Leg
indien mogelijk takken, balken of spieën onder de
stam om deze te steunen. Houd u aan de aanwijzin-
gen om gemakkelijk te zagen.
Als de boomstam over de hele lengte gelijkmatig op
de grond ligt, zoals afgebeeld, zaagt u vanaf de bo-
venkant.
Als de boomstam aan één kant hoger ligt, zoals
afgebeeld, zaagt u eerst een derde van de stamdia-
meter vanaf de onderkant en vervolgens de rest
vanaf de bovenkant.
Als de boomstam aan twee kanten wordt onder-
steund, zoals afgebeeld, zaagt u eerst twee derde
van de stamdiameter vanaf de bovenkant en vervol-
gens een derde vanaf de onderkant.
Ga bij zaagwerkzaamheden op een helling, zo-
als afgebeeld, altijd hoger dan de boomstam staan.
Verminder de aandrukkracht wanneer de stam bijna
is doorgezaagd en blijf de handgrepen van de ket-
tingzaag stevig vasthouden, zodat u tijdens het mo-
ment van doorzagen de controle over de machine
behoudt. Let erop dat de zaagketting de grond niet
raakt. Wacht na het doorzagen tot de zaagketting tot
stilstand is gekomen, voordat u de kettingzaag ver-
wijdert. Schakel de motor van de kettingzaag altijd
uit voordat u naar een andere boom gaat.
Trek altijd voor onderhoudswerkzaamhe-
den de stekker uit het stopcontact.
Opmerking: Voer de volgende onderhoudswerk-
zaamheden regelmatig uit zodat u verzekerd bent
van een lang en probleemloos gebruik.
Controleer de kettingzaag regelmatig op klaarblijke-
lijke gebreken, zoals een losse, versleten of bescha-
digde zaagketting, losse bevestiging of versleten of
beschadigde onderdelen.
Controleer of de afschermingen en veiligheidsvoor-
zieningen intact en correct gemonteerd zijn. Nood-
zakelijke reparaties en onderhoudswerkzaamheden
moeten voor het gebruik van de kettingzaag worden
uitgevoerd.
Wanneer de kettingzaag ondanks zorgvuldige pro-
ductie- en testprocédés toch defect raakt, moet de
reparatie door een erkende klantenservice voor
Bosch elektrische gereedschappen worden uitge-
voerd.
Maak voor verzending van een kettingzaag altijd
de olietank leeg.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervan-
gingsonderdelen altijd het bestelnummer van
10 cijfers van de machine.
Controleer de zaagketting en het zwaard volgens
het gedeelte „Zaagketting spannen”.
De geleidingssleuf van het zwaard verslijt in de loop
van de tijd. Draai bij het vervangen van de zaagket-
ting het zwaard 180° om de slijtage over beide zijden
te verdelen.
Controleer het kettingwiel 19. Wanneer het wiel door
de grote belasting versleten of beschadigd is, moet
het door een klantenservicewerkplaats vervangen
worden.
De zaagketting kan bij elke erkende klantenservice-
werkplaats voor Bosch elektrische gereedschappen
op vakkundige wijze worden geslepen. Met de
Bosch-kettingslijpvoorziening of de Dremel-Multi
met slijptoebehoren 1453 kunt u de ketting ook zelf
slijpen. Neem de bijgeleverde gebruiksaanwijzing
voor het slijpen in acht.
U kunt de werking van de automatische kettings-
mering controleren door de zaag in te schakelen en
deze met de punt vlakbij een stuk karton of papier op
de vloer te houden. Let op, raak de vloer niet aan
met de ketting. Neem een veiligheidsafstand van
20 cm in acht. Wanneer hierbij een toenemend
oliespoor zichtbaar wordt, werkt de automatische
smering correct. Wanneer ondanks een volle olie-
tank geen oliespoor zichtbaar wordt, dient u het ge-
deelte „Problemen oplossen” te lezen of contact op
te nemen met de Bosch-klantenservice.
Zaagketting en zwaard
AKE 30 S.......................................... F 016 800 259
AKE 35 S.......................................... F 016 800 260
AKE 40 S.......................................... F 016 800 261
Zaagketting
AKE 30 S.......................................... F 016 800 256
AKE 35 S.......................................... F 016 800 257
AKE 40 S.......................................... F 016 800 258
Reinigen
Kettingslijp- en reinigingsset ............ F 016 800 262
Kettinghechtolie, 1 liter..................... 2 607 000 181
Onderhoud en reiniging
L
M
N
O
Zaagketting en zwaard
vervangen of keren
Slijpen van de zaagketting
Automatische smering
controleren
Toebehoren
F 016 L70 540.book Seite 9 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
85 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 85
Nederlands - 10
Reinig het kunststofhuis van de kettingzaag met be-
hulp van een zachte borstel en een schone doek.
Gebruik geen water, oplosmiddel of polijstmiddel.
Verwijder alle verontreinigingen, in het bijzonder van
de ventilatieopeningen 26 van de motor.
Demonteer na een gebruiksduur van 1 tot 3 uur de
afscherming 13, het zwaard en de ketting en reinig
deze met een borstel.
Verwijder met een borstel al het vastzittende materi-
aal onder de afscherming 13, het kettingwiel 19 en
de zwaardbevestiging. Reinig de oliesproeier 22
met een schone doek.
Wanneer de kettingzaag langdurig moet worden op-
geborgen, moeten zaagketting en zwaard eerst wor-
den gereinigd.
Bewaar de kettingzaag op een veilige plaats droog
en buiten bereik van kinderen.
Voorkom lekkage door te controleren dat het ge-
reedschap in horizontale positie wordt weggelegd
(olievuldop 4 naar boven gericht).
Als het gereedschap in de verkoopverpakking wordt
bewaard, moet de olietank zonder rest worden leeg-
gemaakt.
De volgende tabel geeft een overzicht van storingsverschijnselen en geeft aan hoe u problemen kunt oplos-
sen wanneer uw machine niet goed werkt. Neem contact op met uw servicewerkplaats wanneer u het pro-
bleem niet zelf kunt verhelpen.
Let op: Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u op zoek gaat naar de
fout.
Reinigen/bewaren
A
Problemen oplossen
Symptoom Mogelijke oorzaak Oplossing
De kettingzaag
werkt niet
Terugslagrem geactiveerd
Geen stroom
Stopcontact defect
Stroomkabel beschadigd
Zekering defect
Trek de handbescherming 5 in stand ➊
(afbeelding D)
Controleer de stroomvoorziening
Controleer de stroombron en probeer eventueel
een andere
Controleer de kabel en probeer eventueel een
andere
Vervang de zekering
Kettingzaag
werkt met
onderbrekingen
Stroomkabel beschadigd
Extern los contact
Intern los contact
Aan/uit-schakelaar defect
Controleer de kabel en probeer eventueel een
andere
Breng de kettingzaag naar een Bosch-reparatie-
werkplaats
Breng de kettingzaag naar een Bosch-reparatie-
werkplaats
Breng de kettingzaag naar een Bosch-reparatie-
werkplaats
Zaagketting
droog
Geen olie in de olietank
Ontluchting in olietankdop verstopt
Olieafvoerkanaal verstopt
Vul olie bij
Reinig de olietankdop
Maak het olieafvoerkanaal vrij
Terugslagrem
en kettingrem
Probleem met schakelmechanisme
vooraan in handbescherming
Breng de kettingzaag naar een Bosch-reparatie-
werkplaats
Ketting of gelei-
dingsral heet
Geen olie in de olietank
Ontluchting in olietankdop verstopt
Olieafvoerkanaal verstopt
Kettingspanning te hoog
Ketting bot
Vul olie bij
Reinig de olietankdop
Maak het olieafvoerkanaal vrij
Stel de kettingspanning in
Slijp de ketting of vervang deze
Kettingzaag
trekt, trilt of
zaagt niet goed
Kettingspanning te los
Ketting bot
Ketting versleten
Zaagtanden wijzen in de verkeerde
richting
Stel de kettingspanning in
Slijp de ketting of vervang deze
Vervang de ketting
Monteer de zaagketting opnieuw met de tanden in
de juiste richting
F 016 L70 540.book Seite 10 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
86 • F 016 L70 540 • 10.02
Pagina: 86
Nederlands - 11
Elektrische gereedschappen, toebehoren en ver-
pakkingen moeten op een voor het milieu verant-
woorde wijze worden hergebruikt.
Alleen voor landen van de EU:
Gooi elektrische gereedschappen
niet bij het huisvuil.
Volgens de Europese richtlijn
2002/96/EG over elektrische en elek-
tronische oude apparaten en de om-
zetting van de richtlijn in nationaal
recht moeten niet meer bruikbare elektrische ge-
reedschappen apart worden ingezameld en op een
voor het milieu verantwoorde wijze worden herge-
bruikt.
Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over
reparatie en onderhoud van uw product en over ver-
vangingsonderdelen. Explosietekeningen en infor-
matie over vervangingsonderdelen vindt u ook op:
www.bosch-pt.com
De medewerkers van onze klantenservice advise-
ren u graag bij vragen over de aankoop, het gebruik
en de instelling van producten en toebehoren.
Nederland
Tel.: +31 (076) 579 54 54
Fax: +31 (076) 579 54 94
E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com
België en Luxemburg
Tel.: +32 (070) 22 55 65
Fax: +32 (070) 22 55 75
E-Mail: outillage.gereedschap@be.bosch.com
Meetwaarden voor geluid bepaald volgens
2000/14/EG.
Het A-gewogen geluidsniveau van het gereedschap
bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 95 dB(A);
geluidsvermogenniveau 103 dB(A). Onzekerheid
K=1,2 dB.
Draag een gehoorbescherming.
Totale trillingswaarden (vectorsom van drie richtin-
gen) bepaald volgens EN 60745:
trillingsemissiewaarde ah=4 m/s2, onzekerheid
K=1,5 m/s2.
Het in deze gebruiksaanwijzing vermelde trillingsni-
veau is gemeten met een volgens EN 60745 genor-
meerde meetmethode en kan worden gebruikt om
elektrische gereedschappen met elkaar te vergelij-
ken. Het is ook geschikt voor een voorlopige in-
schatting van de trillingsbelasting.
Het aangegeven trillingsniveau representeert de
voornaamste toepassingen van het elektrische ge-
reedschap. Als echter het elektrische gereedschap
wordt gebruikt voor andere toepassingen, met afwij-
kende inzetgereedschappen of onvoldoende onder-
houd, kan het trillingsniveau afwijken. Dit kan de tril-
lingsbelasting gedurende de gehele arbeidsperiode
duidelijk verhogen.
Voor een nauwkeurige schatting van de trillingsbe-
lasting moet ook rekening worden gehouden met de
tijd waarin het gereedschap uitgeschakeld is, of
waarin het gereedschap wel loopt, maar niet werke-
lijk wordt gebruikt. Dit kan de trillingsbelasting gedu-
rende de gehele arbeidsperiode duidelijk verminde-
ren.
Leg aanvullende veiligheidsmaatregelen ter be-
scherming van de bediener tegen het effect van tril-
lingen vast, zoals: Onderhoud van elektrische ge-
reedschappen en inzetgereedschappen, warm hou-
den van de handen, organisatie van het
arbeidsproces.
Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het
onder „Technische gegevens” beschreven product
voldoet aan de volgende normen en normatieve do-
cumenten: EN 60745 volgens de bepalingen van de
richtlijnen 2004/108/EG, 2006/42/EG, 2000/14/EG.
EG-bouwtypecontrole nr. 2129874.01 CE door ge-
notificeerde testinstantie nr. 0344, KEMA Quality
B.V. Arnhem, Netherlands.
2000/14/EG: Gegarandeerd geluidsdrukniveau
105 dB(A).
Wegingsmethode van de conformiteit volgens aan-
hangsel V.
Productcategorie: 6
Technische documentatie bij: Bosch Lawn and Gar-
den Ltd., PT-LG/EAE, Stowmarket, Suffolk IP14
1EY, England
Leinfelden, 19.01.2010
Dr. Egbert Schneider Dr. Eckerhard Strötgen
Senior Vice President Head of Product
Engineering Certification
Robert Bosch GmbH, Power Tools Division
Wijzigingen voorbehouden
Afvalverwijdering
Klantenservice en advies
Conformiteitsverklaring
F 016 L70 540.book Seite 11 Freitag, 12. Februar 2010 11:19 11
87 • F 016 L70 540 • 10.02

Vragen & antwoorden

Er zijn (nog) geen vragen over de Bosch AKE 35 S.

Stel een vraag over de Bosch AKE 35 S

Heb je een vraag over de Bosch AKE 35 S en kan je het antwoord niet vinden in de gebruikershandleiding? Wellicht kunnen de bezoekers van ManualsCat.com je helpen om je vraag te beantwoorden. Door het formulier hieronder in te vullen zal je vraag verschijnen onder de handleiding van de Bosch AKE 35 S. Let erop dat je het probleem dat je hebt met de Bosch AKE 35 S zo zorgvuldig mogelijk beschrijft. Hoe duidelijker je vraag omschreven is, hoe groter de kans is dat je snel een reactie ontvangt van een andere gebruiker. Via e-mail zal je automatisch op de hoogte gesteld worden als iemand gereageerd heeft op je vraag.