Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar handleiding

Bekijk hieronder de handleiding van de Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar. Alle handleidingen op ManualsCat.com zijn geheel gratis te bekijken. Via de knop 'Selecteer een taal' kan je kiezen in welke taal je de handleiding wilt bekijken.

  • Merk: Bosch
  • Product: CV-Ketel
  • Model/naam: 30 HRC Turbo Tower Solar
  • Bestandstype: PDF
  • Beschikbare talen:

Inhoudsopgave

Pagina: 1
2 | Geachte klant,
6 720 612 931 (2007/02)
Geachte klant,
Warmte voor het leven, dat is ons traditionele motto. Warmte is
voor mensen een basisbehoefte. Zonder warmte voelen we ons
niet lekker en warmte maakt van een huis pas een behaaglijk thuis.
Al meer dan 100 jaar ontwikkelt Bosch daarom oplossingen voor
warmte, warm water en ruimteklimaat, die zo verschillend zijn als
uw wensen.
U heeft gekozen voor een kwalitatief hoogwaardige Bosch oplos-
sing en daarmee een goede beslissing genomen. Onze producten
werken met de meest moderne technologie en zijn betrouwbaar,
energiezuinig en fluisterstil. Zo kunt u geheel onbezorgd van
warmte genieten.
Mocht u met uw Bosch product toch een keer problemen hebben,
neem dan contact op met uw Bosch installateur. Meer informatie
daarover leest u op de achterzijde.
Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe Bosch product.
Uw Bosch team
Pagina: 2
Inhoudsopgave | 3
6 720 612 931 (2007/02)
Inhoudsopgave
1 Veiligheidsvoorschriften en verklaring
van de symbolen 4
1.1 Voor uw veiligheid 4
1.2 Verklaring van de symbolen 6
2 Afscherming openen 7
3 Overzicht van de bedieningselementen 8
4 Inbedrijfname 10
5 Bediening 14
5.1 Toestel in/uitschakelen 14
5.2 Verwarming inschakelen 15
5.3 Verwarmingsregelingen 16
5.4 Warmwatertemperatuur voor de naverwarming instellen 17
5.5 Gaskeur CW 18
5.6 Zomerbedrijf (alleen warmwaterbereiding) 21
5.7 Vorstbeveiliging 22
5.8 Storingen aan het toestel 23
5.9 Thermische desinfectie 24
6 Zonneboilerregelaar TDS 10 26
6.1 Functiebeschrijving 26
6.2 Bedieningsonderdelen 29
6.3 Instellingen 29
6.3.1 Temperatuurbegrenzing van het voorraadsysteem 30
6.3.2 Meetwaarden aangeven 30
6.3.3 Stroomuitval 30
6.3.4 In de display aangegeven fouten 31
7 Energie besparen 33
8 Algemeen 36
9 Korte bedieningshandleiding 38
Pagina: 3
4 | Veiligheidsvoorschriften en verklaring van de symbolen
6 720 612 931 (2007/02)
1 Veiligheidsvoorschriften en verkla-
ring van de symbolen
1.1 Voor uw veiligheid
Bij gaslucht
B Sluit de gaskraan (Æ pagina 10).
B Open de ramen.
B Bedien geen elektrische schakelaars.
B Open vuur doven.
B Direct gasbedrijf/gastechnisch installateur waarschuwen.
Gevaar bij rookgaslucht
B Schakel het toestel uit (Æ pagina 14).
B Open vensters en deuren.
B Neem contact op met een erkend installatiebedrijf.
Opstelling en ombouw
B Laat het toestel alleen door een erkend installatiebedrijf
opstellen of ombouwen.
B Verander delen van de rookgasafvoer niet.
B Opstelling als open toestel, dus verbrandingslucht aanzui-
ging uit de opstellingsruimte: Be- en ontluchtingsopeningen in
deuren, ramen en muren niet afsluiten of dicht maken c.q. ver-
kleinen. Bij kierdichte ramen, verbrandingsluchtverzorging vei-
lig stellen.
B Gebruik het voorraadsysteem alleen voor het verwarmen van
water.
Pagina: 4
Veiligheidsvoorschriften en verklaring van de symbolen | 5
6 720 612 931 (2007/02)
B Sluit de veiligheidsventielen in geen geval af!
Tijdens het opwarmen komt er water uit het veiligheidsventiel
van het voorraadsysteem.
Thermische desinfectie
B Verbrandingsgevaar!
Controleer het gebruik met temperaturen boven 60°C altijd
(Æ pagina 24).
Inspectie en onderhoud
B Aanbeveling voor de gebruiker: Voor het juist functioneren
van het toestel, dient het onderhoud jaarlijks door een erkend
installateur te worden verricht.
B De gebruiker is verantwoordelijk voor de veiligheid en het vol-
doen aan de milieu-eisen van de verwarmingsinstallatie.
B Er mogen alleen originele onderdelen gemonteerd worden!
Explosieve en licht-ontvlambare materialen
B Plaats en gebruik geen licht-ontvlambare materialen (papier,
oplosmiddelen, verf enz.) in de nabijheid van het toestel.
Verbrandings/omgevingslucht
B Verbrandings/omgevingslucht vrijhouden van agressieve stof-
fen (bijv. halogeenkoolwaterstoffen, die chloor of fluorverbin-
dingen bevatten). Corrosie wordt zo voorkomen.
Pagina: 5
6 | Veiligheidsvoorschriften en verklaring van de symbolen
6 720 612 931 (2007/02)
1.2 Verklaring van de symbolen
Signaalwoorden geven de ernst aan van het gevaar dat kan optre-
den als de voorschriften niet worden opgevolgd.
• Voorzichtig betekent dat er mogelijk lichte materiele schade
kan optreden.
• Waarschuwing betekent dat er licht persoonlijk letsel of ernstige
materiële schade kan optreden.
Aanwijzingen betekent belangrijke informatie welke in die geval-
len geen gevaar voor mens of toestel opleverd.
Veiligheidsaanwijzingen in de tekst worden door
middel van een grijs vlak en een gevaren driehoek
aangeduid.
Aanwijzingen in de tekst met hiernaast aangegeven
symbool worden begrensd met een lijn boven en
onder de tekst.
Pagina: 6
Afscherming openen | 7
6 720 612 931 (2007/02)
2 Afscherming openen
De afscherming wordt in de uit de fabriek geleverde versie naar
links geopend. Uw installateur kan de afscherming gedraaid heb-
ben ter verbetering van de bereikbaarheid, zodat de afscherming
naar rechts wordt geopend.
B Om de afscherming te openen, drukt u op de markering (drie
punten): De afscherming springt open.
Afb. 1
6 720 612 564-01.1O
Pagina: 7
8 | Overzicht van de bedieningselementen
6 720 612 931 (2007/02)
3 Overzicht van de bedieningsele-
menten
Afb. 2
61 317 366
364
ECO
8.1
363
367
365
136 310
295
135
480
6 720 612 931-01.1O
481
8.2
475
172
47
46
43
44
Pagina: 8
Overzicht van de bedieningselementen | 9
6 720 612 931 (2007/02)
8.1 Manometer (verwarming)
8.2 Manometer (zonneboiler) (kan op een andere plaats gemon-
teerd zijn)
43 Aanvoer
44 Warmwater
46 Koudwater
47 Retour
61 Ontstoringsknop (Reset)
135 Hoofdschakelaar 0/1 (uit/aan)
136 Temperatuurregelaar voor verwarming
172 Gaskraan (gesloten)
295 Typesticker
310 Temperatuurregelaar voor warmwater
317 Display
363 Controlelamp branderbedrijf
364 Controlelamp 0/1 (uit/aan netspanning)
365 Schoorsteenveger druktoets
366 Service druktoets
367 „ECO“ - druktoets
475 Circulatieaansluiting (extern)
480 Vak voor gebruiksaanwijzing
481 Zonneboilerregelaar TDS 10
Pagina: 9
10 | Inbedrijfname
6 720 612 931 (2007/02)
4 Inbedrijfname
Gaskraan (172) openen
B Indrukken en helemaal naar links draaien (Knop in stand stro-
mingsrichting = open).
Afb. 3
172
6 720 612 927-02.1O
Pagina: 10
Inbedrijfname | 11
6 720 612 931 (2007/02)
Verwarmingswaterdruk controleren
De wijzer op de manometer (8.1) moet tussen 1 bar en 2 bar
staan.
Wanneer een hogere druk gewenst wordt, dan wordt dit door uw instal-
lateur aangegeven.
Afb. 4
Verwarmingswater bijvullen
Max. druk van 3 bar bij hoogste temperatuur van het verwar-
mingswater mag niet worden overschreden (veiligheidsventiel
wordt geopend).
B Vul de slang met water zodat er geen lucht in het verwarmings-
water binnendringt.
Vul alleen verwarmingswater bij wanneer het toe-
stel koud is.
6 720 612 284-03.1R
bar
0
1
2
3
4
8.1
Pagina: 11
12 | Inbedrijfname
6 720 612 931 (2007/02)
B Steek de slang op de vul- en aftapkraan en sluit de slang aan op
een waterkraan.
B Open de vul- en aftapkraan.
B Open de waterkraan langzaam en vul de verwarmingsinstalla-
tie.
B Sluit de kranen en verwijder de slang.
Vul- en ontluchtinstruktie
Bij de installatie dient een passende vulset aanwezig te zijn (geen
toestel onderdeel).
B Zet de netspanningsschakelaar op de ketel op 0 (uit).
B Sluit de vulslang aan op de waterleiding, en laat de slang lang-
zaam vol met water lopen, zodat er geen lucht meer in de slang
aanwezig is.
B Sluit de vulslang aan op de vulkraan.
B Draai vervolgens de vulkraan en daarna de waterkraan open
(open de waterkraan voorzichtig).
B Vul de installatie tot de manometer 2 bar aanwijst.
B Sluit vervolgens de waterkraan en daarna de vulkraan.
B Ontlucht vervolgens alle radiatoren en eventueel aanwezige
luchtpotten, begin met de radiator die zich op het laagste punt
van de installatie bevindt. Open met behulp van het ontlucht-
sleuteltje de ontluchter, en sluit deze wanneer de lucht ontwe-
ken is.
B Kontroleer de druk op de manometer, en vul indien nodig bij
tot ca. 2 bar.
B Kontroleer of de waterkraan en de vulkraan gesloten zijn en
verwijder de vulslang.
Pagina: 12
Inbedrijfname | 13
6 720 612 931 (2007/02)
B Schakel de netspanning weer in (netschakelaar op toestel op 1
(aan) instellen).
Laat eventueel deze handelingen door uw installateur demon-
streren.
Bedrijfsdruk van de zonneboiler controleren
De wijzer op de manometer (8.2) moet op 2,5 bar staan.
Wanneer een hogere druk gewenst wordt, dan wordt dit door uw
installateur aangegeven.
Max. druk van 6 bar, bij hoogste temperatuur van de zonneboiler,
mag niet worden overschreden (veiligheidsventiel wordt geo-
pend).
Afb. 5
De manometer kan op een andere plaats gemonteerd zijn.
bar
0
2
4 6
8
10
8.2
6 720 612 284-04.1R
Pagina: 13
14 | Bediening
6 720 612 931 (2007/02)
5 Bediening
5.1 Toestel in/uitschakelen
Inschakelen
B Hoofdschakelaar (I) inschakelen.
Het controlelampje brandt groen en op de display verschijnt de
aanvoertemperatuur.
Afb. 6
Het sifonvulprogramma waarborgt een gevulde condenswatersi-
fon na de installatie van het apparaat en na langdurige stilstand.
Daarom blijft het toestel 15 minuten lang werken met het kleinste
warmtevermogen.
Uitschakelen
B Hoofdschakelaar (0) uitschakelen.
Het controlelampje gaat uit.
Als de display -II- afwisselend met de aanvoertem-
peratuur aangeeft, is het sifonvulprogramma in
werking.
De zonneboilerregelaar en de zonneboilerpomp
blijven ingeschakeld.
6 720 610 333-04.1O
Pagina: 14
Bediening | 15
6 720 612 931 (2007/02)
B Als het toestel langer buiten bedrijf moet worden gesteld:
Neem de vorstbeveiliging in acht (Æ hoofdstuk 5.7).
5.2 Verwarming inschakelen
B Draai de temperatuurregelaars om de max. aanvoertempe-
ratuur aan de verwarmingsinstallatie aan te passen:
– Vloerverwarming, bijv. stand 3 (ca. 50 °C)
– Lagetemperatuurverwarming: Stand E (ca. 75°C)
– Verwarming voor aanvoertemperaturen tot 90°C: Stand
max
Als de brander in bedrijf is, brandt de controlelamp rood.
Afb. 7
6 720 610 333-05.1O
Pagina: 15
16 | Bediening
6 720 612 931 (2007/02)
5.3 Verwarmingsregelingen
Afb. 8 Voorbeeld: Weersafhankelijke regelaar TA 250
Lees de gebruiksaanwijzing van de gebruikte ther-
mostaat en neem deze in acht. In de gebruiksaan-
wijzing leest u,
B hoe u de bedrijfswijze en de verwarmingscurve bij
weersafhankelijke regelaars kunt instellen,
B hoe u de ruimtetemperatuur kunt instellen,
B hoe u energie en kosten kunt besparen.
20°C
25
30
15
5
10
6 720 610 296-23.2O
Pagina: 16
Bediening | 17
6 720 612 931 (2007/02)
5.4 Warmwatertemperatuur voor de naverwar-
ming instellen
B Stel de warmwatertemperatuur op de temperatuurregelaar in.
Afb. 9
ECO-toets
Door de toets in te drukken en kort vast te houden kunt u kie-
zen tussen de comfortbedrijf en de spaarbedrijf.
Waarschuwing: Legionella!
B Temperatuur in normaal bedrijf niet lager dan
60°C instellen.
B Bij toepassing van een warmwater circulatielei-
ding de temperatuur op 65 °C instellen.
Regelaarstand Warmwatertemperatuur
Helemaal naar links ca. 10 °C (vorstbescherming)
z ca. 60 °C
Helemaal naar rechts ca. 70 °C
Tabel 1
6 720 610 333-07.1O
Pagina: 17
18 | Bediening
6 720 612 931 (2007/02)
Comfortbedrijf, toets brandt niet (fabrieksinstelling)
Het verwarmingstoestel wordt voortdurend op de ingestelde tem-
peratuur gehouden (bij toestellen met schakelklok alleen tijdens
de inschakeltijd). Daardoor wordt een maximaal warmwatercom-
fort gewaarborgd.
Spaarbedrijf, toets brandt
Het verwarmingstoestel wordt indien gewenst op de ingestelde
temperatuur verwarmd (bij toestellen met schakelklok alleen tij-
dens de inschakeltijd).
5.5 Gaskeur CW
De Hoog Rendement Gaswandketels Bosch 30 HRC Turbo Tower
Solar dragen een Gaskeurlabel. Dit is een onafhankelijk prestatie-
label dat door de keuringsinstantie KIWA Gastec Certification
wordt toegekend aan die gasverbruikstoestellen die voldoen aan
specifieke eisen met betrekking tot een aantal doelmatigheids-,
milieutechnische- , en comfortaspecten.
Afb. 10
6 720 612 926-26.1O
6
107
Schonere Verbranding
Naverwarming Zonneboiler
Comfort Warm Water
HR Verwarming
Pagina: 18
Bediening | 19
6 720 612 931 (2007/02)
Het Gaskeurlabel is onderverdeeld in de volgende labels:
HR-label (HR = Hoog Rendement verwarming)
De Hoog Rendement Gaswandketels Bosch 30 HRC Turbo Tower
Solar zijn geclassificeerd met het HR-label 107. Dit houdt in dat
het rendement van het cv-toestel tijdens cv-bedrijf 107 % (onder-
waarde) is. Dit betekent dat het cv-toestel zuinig is met energie,
dus lagere energiekosten en beter voor het milieu. Deze waarde
(107 %) mag ook gebruikt worden bij een EPN-berekening.
CW-label (CW = Comfort Warm Water)
De Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar dragen een CW-label. Dit is
een prestatielabel dat aangeeft dat het toestel bij de bereiding van
warm water voldoet aan bepaalde toepassingsklassen voor Com-
fort Warm Water.
CW Label 6 betekent dat het toestel geschikt is voor:
• een CW-tapdebiet van tenminste 7,5 l/min van 60 °C, gelijktij-
dig met een douchefunctie vanaf 3,6 l/min tot tenminste
7,5 l/min. van 60 °C (dit komt overeen met 6 tot 12,5 l/min.
bij 40 °C)
• het vullen van een bad met 150 liter water van 40 °C gemid-
deld, binnen 10 minuten, gelijktijdig met een CW-tapdebiet van
tenminste 7,5 l/min van 60 °C
• het vullen van een bad met 200 liter water van 40 °C gemid-
deld, binnen 10 minuten zonder gelijktijdigheid met een
andere functie.
Pagina: 19
20 | Bediening
6 720 612 931 (2007/02)
SV-label (SV = Schonere Verbranding)
De Hoog Rendement Gaswandketels Bosch 30 HRC Turbo Tower
Solar beschikken over een geavanceerde brander. De NOX-uit-
stoot is hierdoor zo laag mogelijk en daardoor voldoet het cv-toe-
stel aan het gaskeurlabel Schonere Verbranding.
NZ-label (NZ = Naverwarming Zonneboiler)
Bij een zonne-energiesysteem zorgt de zon deels voor opwarmen
van het water. Wanneer de zon niet (fel) genoeg schijnt, dient het
sanitaire water naverwarmd te worden.
De Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar voldoet aan de specifieke
eisen voor die functie en is dus voorzien van het NZ-label. Dit bete-
kent: geschikt voor „Naverwarming Zonneboiler“. Bij een Bosch 30
HRC Turbo Tower Solar in combinatie met een zonne-energiesys-
teem moet altijd na de ketel een thermostatisch mengventiel zon-
der terugslagklep geplaatst worden. De maximale
inlaattemperatuur bedraagt 85 °C. Raadpleeg de zonne-energie-
systeem instructie voor meer details.
Pagina: 20
Bediening | 21
6 720 612 931 (2007/02)
5.6 Zomerbedrijf
(alleen warmwaterbereiding)
B Stand van de aanvoertemperatuurregelaar noteren.
B Temperatuurregelaar geheel naar links draaien.
De verwarmingspomp stopt en daarmee is de verwarming bui-
ten werking. De warmwatervoorziening evenals de verzorging
van de spanning voor de verwarmingsregelaar en schakelklok
blijft gehandhaafd.
Afb. 11
Voor verdere aanwijzingen raadpleeg het bedieningsvoorschrift
van de verwarmingsregelaar.
Waarschuwing: Bevriezingsgevaar voor de verwar-
mingsinstallatie. In zomerbedrijf is er alléén vorst-
beveiliging voor het toestel.
6 720 610 333-09.1O
Pagina: 21
22 | Bediening
6 720 612 931 (2007/02)
5.7 Vorstbeveiliging
Vorstbeveiliging voor de verwarming:
B Verwarming in bedrijf laten, aanvoertemperatuurregelaar
minstens op stand 1 laten staan.
Afb. 12
B Voeg antivries bij het verwarmingswater terwijl de verwarming uitge-
schakeld is (zie de installatiehandleiding) en maak het warmwatercir-
cuit leeg.
Voor verdere aanwijzingen raadpleeg het bedieningsvoorschrift
van de verwarmingsregelaar.
Vorstbeveiliging voor het voorraadsysteem:
B Temperatuurregelaar naar de linkeraanslag draaien (10°C).
Afb. 13
Vorstbeveiliging van de zonneboiler:
De zonneboilervloeistof van de zonneboiler heeft een vorstbeveili-
ging tot ca. –30 °C.
B Laat de zonneboilervloeistof elk jaar controleren, Æ Installatie-
handleiding van de collector.
6
720
612
564-04.1O
6
720
612
564-05.1O
Pagina: 22
Bediening | 23
6 720 612 931 (2007/02)
5.8 Storingen aan het toestel
Tijdens het gebruik kunnen storingen optreden.
In de display wordt een storing weergegeven en de toets kan
knipperen.
Als de toets knippert:
B Druk de toets in en houd deze vast tot de display – – aan-
geeft.
Het toestel wordt weer in werking gesteld en de aanvoertem-
peratuur wordt weergegeven.
Als de toets niet knippert:
B Schakel het toestel uit en opnieuw in.
Het toestel wordt weer in werking gesteld en de aanvoertem-
peratuur wordt weergegeven.
Wanneer de storing zich niet laat resetten:
B Neem contact op met een erkend installatiebedrijf of een
erkende servicebedrijf en geef de aard van de storing en de
gegevens van het toestel (Æ pagina 37) door.
Pagina: 23
24 | Bediening
6 720 612 931 (2007/02)
5.9 Thermische desinfectie
De thermische desinfectie moet het hele warmwatersysteem
inclusief alle aftappunten omvatten.
B Sluit de aftappunten voor warm water.
B Wijs de bewoners op het gevaar voor brandwonden.
B Stel bij een verwarmingsregelaar met warmwaterprogramma
de tijd en de warmwatertemperatuur in.
B Stel een eventueel aanwezige circulatiepomp in op continu
bedrijf.
B Draai de temperatuurregelaar warm water helemaal naar
rechts (ca. 70°C).
B Wacht tot de maximale temperatuur bereikt is.
B Tap vervolgens van het meest dichtbij gelegen naar het verst
verwijderde tappunt water af tot er ca. 3 minuten lang 70°C
heet water uit de kranen komt.
B Stel de temperatuurregelaar voor warm water, circulatiepomp
en verwarmingsregelaar weer in op normaal bedrijf.
Waarschuwing: Gevaar voor brandwonden!
Heet water kan tot ernstige verbrandingen leiden.
B Voer de thermische infectie daarom alleen bui-
ten de normale bedrijfstijden uit.
6 720 612 564-06.1O
Pagina: 24
Bediening | 25
6 720 612 931 (2007/02)
Bij enkele verwarmingsregelaars kan de thermische
desinfectie op een vaste tijd worden geprogram-
meerd. Zie daarvoor de gebruiksaanwijzing van de
verwarmingsregelaar.
Wanneer u de warmwatertemperatuur op 60 °C in-
stelt loopt u geen risico op de vorming van de legio-
nellabacterie. Is uw ketel aangesloten op een
warmwatercirculatieleiding dan moet u de warmwa-
tertemperatuur op 65 °C instellen.
Pagina: 25
26 | Zonneboilerregelaar TDS 10
6 720 612 931 (2007/02)
6 Zonneboilerregelaar TDS 10
De TDS10 is een regeling voor de besturing en bewaking van een
zonneboiler.
6.1 Functiebeschrijving
Temperatuurverschilregeling
De temperatuurverschilregeling bestuurt het in- en uitschakelen
van de zonneboilerpomp.
• De zonneboilerpomp wordt ingeschakeld wanneer het tempe-
ratuurverschil tussen de collectortemperatuur en de tempe-
ratuur van het voorraadsysteem het inschakelverschil 8 K
(°C) overschrijdt.
In de display verschijnt het „Zon“ en het symbool beweegt
(Æ afbeelding 15).
• De zonneboilerpomp wordt uitgeschakeld wanneer het tempe-
ratuurverschil tussen de collectortemperatuur en de tempe-
ratuur van het voorraadsysteem 4 K onder het
uitschakelverschil daalt.
In de display verdwijnt het symbool „Zon“ en het symbool
blijft stilstaan.
Afb. 14
TDS 10
6 720 611 675-18.1J
Pagina: 26
Zonneboilerregelaar TDS 10 | 27
6 720 612 931 (2007/02)
Afb. 15
Temperatuurbegrenzing voorraadsysteem
De temperatuurbegrenzing van het voorraadsysteem voorkomt
oververhitting van het warme water:
Basisinstelling = 60°C.
Functie:
• De zonneboilerpomp wordt uitgeschakeld als de meetwaarde
van de voeler van het voorraadsysteem boven de ingestelde
waarde stijgt. Het symbool blijft stilstaan en max knippert
(Æ afbeelding 16).
• De zonneboilerpomp wordt weer ingeschakeld zodra de tem-
peratuur van het voorraadsysteem 4 K onder de ingestelde
waarde van de temperatuurbegrenzing van het voorraadsys-
teem daalt. Het symbool beweegt en max gaat uit
Afb. 16
6 720 611 675-14.1J
6 720 611 675-15.1J
Pagina: 27
28 | Zonneboilerregelaar TDS 10
6 720 612 931 (2007/02)
Collector temperatuuruitschakeling (vast ingesteld)
• Vanaf een temperatuur van 130 °C op de collectortemperatuur-
sensor wordt de zonneboilerpomp uitgeschakeld.
In de display verschijnt het symbool „Verdampen“ en het sym-
bool blijft stilstaan (Æ afbeelding 17).
• Pas na het afkoelen van de collector onder 127 °C en warmte-
vraag van de temperatuursensor van het voorraadsysteem
wordt de zonneboilerpomp weer ingeschakeld.
• Bij temperaturen boven 140 °C verdampt de warmtedrager-
vloeistof in de collector
Afb. 17
Indicatie te hoge temperatuur (vast ingesteld)
• Als het temperatuurverschil - groter is dan 80 K, kan dit
een aanwijzing zijn voor lucht in het systeem of een defecte
zonneboilerpomp.
Foutmelding in de display: SYS
6 720 611 675-16.1J
Pagina: 28
Zonneboilerregelaar TDS 10 | 29
6 720 612 931 (2007/02)
6.2 Bedieningsonderdelen
Afb. 18
6.3 Instellingen
De basisinstellingen van de TDS 10 zijn voor de meest gangbare
toepassingen voorgeprogrammeerd.
Beschrijving
Naar volgende venster of getalswaarden verhogen
Lang indrukken: Naar instelling maximale tempera-
tuur voorraadsysteem
Kort indrukken: Opslaan en naar automatisch bedrijf
gaan
Naar vorige venster of getalswaarden verlagen
Tabel 2
6 720 612 284-05.1R
Pagina: 29
30 | Zonneboilerregelaar TDS 10
6 720 612 931 (2007/02)
6.3.1 Temperatuurbegrenzing van het voorraadsysteem
B Druk de toets ca. 2 seconden in tot max knipperend
wordt weergegegeven.
Afb. 19
B Stel de maximale temperatuur van het voorraadsysteem met de
toetsen / in.
B Sla de instelling op met toets .
6.3.2 Meetwaarden aangeven
B Als u op de toets / drukt, kunt u uit de volgende
meetwaarden kiezen:
Collectortemperatuur
Temperatuur van het voorraadsysteem onder .
6.3.3 Stroomuitval
• Bij een stroomuitval blijven alle ingestelde waarden bewaard.
• Nadat de spanning is teruggekeerd, werkt de TDS 10 automa-
tisch weer volgens het ingestelde programma.
Waarschuwing: Verbrandingsgevaar bij temperatu-
ren boven 60 °C!
B Monteer toebehoren nr. 1078, thermostatisch
mengventiel set.
6 720 611 675-17.1J
Pagina: 30
Zonneboilerregelaar TDS 10 | 31
6 720 612 931 (2007/02)
6.3.4 In de display aangegeven fouten
Displayindicatie
(rood/geel knipperend) Oorzaak
Door de vakman
laten verhelpen
Kortsluiting in de sen-
sorkabel naar de col-
lectortemperatuursen
sor
Controleer de sen-
sorkabel .
Kortsluiting in de sen-
sorkabel naar de tem-
peratuursensor
voorraadsysteem
Controleer de sen-
sorkabel .
Onderbreking in de
sensorkabel naar de
collectortemperatuur-
sensor
Controleer de sen-
sorkabel .
Onderbreking in de
sensorkabel naar de
temperatuursensor
voorraadsysteem
Controleer de sen-
sorkabel .
Duidt op een fout in
de installatie, bijv.
afsluiters gesloten,
lucht in het systeem
of defecte zonneboi-
lerpomp.
Controleer of de
afsluiters geopend
zijn.
Controleer de
installatiedruk.
Ontlucht de instal-
latie indien nodig.
Controleer of de
zonneboilerpomp
functioneert.
Tabel 3
6 720 611 675-11.1J
6 720 611 675-19.1J
6 720 611 675-12.1J
6 720 611 675-20.1J
6 720 611 675-13.1J
Pagina: 31
32 | Zonneboilerregelaar TDS 10
6 720 612 931 (2007/02)
Foutmelding verwijderen
B Verwijder de weergegeven foutmelding door een willekeurige
toets in te drukken.
Pagina: 32
Energie besparen | 33
6 720 612 931 (2007/02)
7 Energie besparen
Zuinig verwarmen
De gaswandketel is zo geconstrueerd dat het gasverbruik en de
belasting voor het milieu zo laag mogelijk zijn en het comfort zo
groot mogelijk is. De gastoevoer naar de brander wordt geregeld
al naar het gelang de warmtebehoefte van de desbetreffende
installatie. De gaswandketel werkt verder met een lage vlam wan-
neer de warmtebehoefte kleiner wordt. In de vaktaal heet dit pro-
ces „continu regeling“. Door de continu regeling worden
temperatuurschommelingen gering en wordt de warmte in de
ruimtes gelijkmatig verdeeld. Zo kan het gebeuren dat het appa-
raat gedurende een lange tijd werkt, maar toch minder gas ver-
bruikt dan een apparaat dat voordurend wordt in- en
uitgeschakeld.
Inspectie en onderhoud
Om het gasverbruik en de milieubelasting gedurende lange tijd zo
laag mogelijk te houden, adviseren wij om bij een erkend installa-
tiebedrijf een inspectie- en onderhoudscontract met jaarlijkse
inspectie en onderhoud naar behoefte af te sluiten.
Verwarmingsinstallaties met weersafhankelijke regelaar TA...
Bij deze regeling wordt de buitentemperatuur gemeten en de ver-
warmingsaanvoertemperatuur in overeenstemming met de inge-
stelde stooklijn op de regelaar gewijzigd. Hoe kouder de
buitentemperatuur, hoe hoger de aanvoertemperatuur.
Stel de stooklijn zo laag mogelijk in. De temperatuurregelaar van
het toestel moet op de maximale berekeningstemperatuur van de
verwarmingsinstallatie worden gedraaid.
Pagina: 33
34 | Energie besparen
6 720 612 931 (2007/02)
Verwarmingsinstallaties met ruimtetemperatuurregelaar TR...
De ruimte waarin de ruimtetemperatuurregelaar is gemonteerd
(hoofdruimte), bepaalt de temperatuur voor de overige ruimten.
Open de radiatorventielen in de hoofdruimte volledig voor een
correct regelgedrag.
De temperatuurregelaar van het toestel moet op de maximale con-
structietemperatuur van de verwarmingsinstallatie worden inge-
steld. Bij stand E wordt een maximale aanvoertemperatuur van
75°C bereikt.
In elke ruimte (behalve de hoofdruimte) kan de temperatuur apart
met de thermostatische radiatorkraan worden ingesteld. Als u in
de hoofdruimte een lagere temperatuur wilt, verandert u de instel-
ling op de ruimtetemperatuurregelaar.
Thermostaatkranen
Open de thermostaatkranen helemaal, zodat die gewenste ruimte-
temperatuur bereikt kan worden. Pas, als na langere tijd de tem-
peratuur niet wordt bereikt, op de regelaar de stooklijn resp. de
gewenste ruimtetemperatuur wijzigen.
Vloerverwarming
Stel de aanvoertemperatuur niet hoger in dan de door de fabrikant
geadviseerde maximale aanvoertemperatuur.
Spaarbedrijf (nachtverlaging)
Door verlaging van de ruimtetemperatuur overdag of ´s nachts kan
veel gas bespaard worden. Een verlaging van de ruimtetempera-
tuur met 1 K kan tot 5% energiebesparing opleveren.
Bij goed geïsoleerde gebouwen in spaarbedrijf de temperatuur op
een lage waarde instellen. Ook als de ingestelde spaartempera-
Pagina: 34
Energie besparen | 35
6 720 612 931 (2007/02)
tuur niet wordt bereikt, wordt energie bespaard, omdat de ver-
warming uitgeschakeld blijft. Het tijdstip van het spaarbedrijf kan
indien nodig vroeger worden ingesteld.
Ventileren
Laat bij het luchten het raam niet op een kier staan. Anders wordt
voortdurend warmte aan de ruimte onttrokken zonder dat de
ruimtelucht noemenswaardig wordt verbeterd. Het is beter om de
ramen gedurende korte tijd helemaal te openen.
Draai tijdens het luchten de thermostaatkranen dicht.
Warm water
De warmwatertemperatuur altijd zo laag mogelijk kiezen.
Een lage instelling op de temperatuurregelaar betekent hoge ener-
giebesparing.
Bovendien leiden hoge warmwatertemperaturen tot sterke verkal-
king en beperken daarmee het functioneren van het toestel (bijv.
langere verwarmingstijden of een lager uitlaatvolume).
Circulatiepomp
Stel een eventueel aanwezige circulatiepomp voor warm water via
een tijdschakelklok op de individuele behoefte in (bijv 's ochtends,
's middags, 's avonds).
Door deze tips weet u hoe u energie kunt besparen met de Bosch
gaswandketel. Mochten er nog vragen overblijven wendt u zich
dan tot uw installateur of schrijft/mailt u ons.
Pagina: 35
36 | Algemeen
6 720 612 931 (2007/02)
8 Algemeen
Beplating reinigen
Veeg de mantel met een vochtige doek schoon. Gebruik geen
scherpe of bijtende reinigingsmiddelen.
Gebruiksaanwijzing bewaren
Afb. 20
Na het lezen kunt u de korte gebruiksaanwijzing
(Æ hoofdstuk 9) naar buiten vouwen en de ge-
bruiksaanwijzing in de afscherming van het toestel
steken om deze te bewaren.
6 720 612 564-08.1O
Pagina: 36
Algemeen | 37
6 720 612 931 (2007/02)
Toestelgegevens
Indien u de installateur inschakelt, is het van belang over onder-
staande gegevens te beschikken. Deze gegevens haalt u van het
typeplaatje of van de typesticker, blz 8, pos. 295.
Type (bijv. 30 HRC Turbo Tower Solar)
........................................................................................................
Productiedatum (FD...)
........................................................................................................
Datum van de ingebruikneming:
........................................................................................................
Installateur:
........................................................................................................
Pagina: 37
38 | Korte bedieningshandleiding
6 720 612 931 (2007/02)
9 Korte bedieningshandleiding
Inschakelen
Verwarming inschakelen
Verwarmingsregelingen
Weersafhankelijke verwar-
mingsregelaars op de betref-
fende verwarmingscurve en
bedrijfsmodus instellen, resp.
ruimtetemperatuurregelaar op
de gewenste temperatuur
instellen.
Warmwatertemperatuur
Uitschakelen
6 720 610 333-04.1O
6 720 610 333-05.1O
6 720 610 333-07.1O
6 720 610 333-11.1O

Vragen & antwoorden

Er zijn (nog) geen vragen over de Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar.

Stel een vraag over de Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar

Heb je een vraag over de Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar en kan je het antwoord niet vinden in de gebruikershandleiding? Wellicht kunnen de bezoekers van ManualsCat.com je helpen om je vraag te beantwoorden. Door het formulier hieronder in te vullen zal je vraag verschijnen onder de handleiding van de Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar. Let erop dat je het probleem dat je hebt met de Bosch 30 HRC Turbo Tower Solar zo zorgvuldig mogelijk beschrijft. Hoe duidelijker je vraag omschreven is, hoe groter de kans is dat je snel een reactie ontvangt van een andere gebruiker. Via e-mail zal je automatisch op de hoogte gesteld worden als iemand gereageerd heeft op je vraag.